Redactieblog

86 x bekeken

Het verdriet van de boer (7)

Vele boeren hebben een bedrijf dat miljoenen waard is. Minder boeren hebben miljoenen schuld. Dus zijn er vele miljonairs onder de boeren.

Dat zie je er niet aan. Geen luxe limousines voor de deur. Geen vrouwen, die wekelijks naar de kapper gaan en als ze uitgaan voor de kast staan om te kiezen uit een reeks galajurken. Niets van dit alles. Zelfs een rijke boer leeft arm.

Dat is de dramatiek van het boerenbedrijf. Vooral de eigen bedrijven met grond vertegenwoordigen een grote waarde. Niet voor niets zijn de banken altijd nog scheutig met het verlenen van krediet aan het boerenbedrijf. Men weet dat er overwaarde is. Men weet dat de uitgaven beheerst zijn. De benen van de boer en boerin kunnen de weelde meestal prima dragen. Men kijkt niet naar het bezit, maar naar de schuld. Die moet zo vlug mogelijk worden afbetaald. Om daarna weer opnieuw te investeren.

Totdat het einde van het bedrijf in zicht komt. Als er geen opvolger is, wordt het verkocht. Daarna komt de belasting om een forse afdracht. Boeren houden niet van belasting betalen en stellen dat uit. Maar één keer komt het.

Dat is niet het geval als er een opvolger is. Dan gaat het zo geruisloos mogelijk over. De nieuwe boer is vaak meteen weer vermogend, maar geeft ook weer niet uit. Kan het niet uitgeven, want het zit vast in zijn bedrijf.

Zo leeft de boer arm te midden van zijn rijkdom. Geen bevolkingsgroep met zoveel geld en zo weinig franje. Arm leven en rijk sterven. Dat is de dramatiek van de boer.

Deze column is onderdeel van een reeks Het verdriet van de boer.

Of registreer je om te kunnen reageren.