Redactieblog

509 x bekeken

Afwaardering verpachte grond niet mogelijk door ontbreken compenserende heffing

Den Bosch - Een BV mag verpachte grond niet afwaarderen ten laste van de winst.

Volgens Hof Den Bosch moet er een compenserende heffing tegenover staan. De uitspraak van het Hof is op verzoek alsnog gepubliceerd.

Kort samengevat is de uitspraak van het Hof Den Bosch de volgende:

Twee broers, A en B drijven in de vorm van een VOF een agrarisch bedrijf. Op 1 maart 1996 kopen ze allebei een perceel landbouwgrond. Het genot en gebruik wordt aan de VOF verstrekt. A en B activeren de grond op hun persoonlijke ondernemingsbalans als buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen.

De gronden worden sinds 16 oktober 1996 door belanghebbende (X bv) verpacht aan een andere bv van A en B: D bv. De gronden worden bij de oprichting van belanghebbende op 31 maart 1998 geruisloos ingebracht in belanghebbende, met instandhouding van de pachtovereenkomst. In verband met een verloren procedure over het jaar 1996 – waarbij A en B de gronden ten laste van hun winst hadden afgewaardeerd – zijn de gronden op de inbrengbalans van belanghebbende geactiveerd voor de oorspronkelijke aanschafwaarde. In 1998 waardeert belanghebbende de gronden af tot de bedrijfswaarde. Rechtbank Breda beslist dat afwaardering van de grond in 1998 naar grond in verpachte staat geen gevolgen heeft voor de winst van belanghebbende. De rechtbank acht namelijk aannemelijk dat reeds ten tijde van de aankoop vaststond dat A en B de gronden ter beschikking zouden stellen van belanghebbende. Volgens de rechtbank hebben A en B er derhalve niet op zakelijke gronden voor gekozen om de gronden in privé te kopen en vervolgens aan belanghebbende te verpachten.

De rechtbank stelt vervolgens vast dat de waardevermindering ten gevolge van de verpachting dan niet als zakelijke last bij de broers aftrekbaar zou zijn en dat dat dan ook voor belanghebbende heeft te gelden.

Hof Den Bosch oordeelt dat de rechtbank niet duidelijk heeft gemotiveerd waarom de verpachting onzakelijk is. Volgens het hof kan verpachting onder de door de rechtbank genoemde omstandigheden namelijk zakelijk zijn. Hierbij merkt het hof dan wel direct op dat er dan een compenserende heffing bij D bv mogelijk is ter zake van het verkregen pachtersvoordeel. Volgens het hof wordt op deze wijze in gelieerde verhoudingen als de onderhavige namelijk een evenwichtige heffing bereikt. Aangezien daarvan in deze zaak geen sprake is – belanghebbende stelt dat er geen vermogen is overgeheveld naar D bv – stelt de inspecteur volgens het hof terecht dat belanghebbende dan helemaal niet mag afwaarderen. Het gelijk is aan de inspecteur.

Meer informatie: Hof 's-Hertogenbosch, MK II, 10 september 2010, nummer 09/00516 en 09/00535

Of registreer je om te kunnen reageren.