Redactieblog

728 x bekeken 1 reactie

Meldingsplicht voor Schmallenberg-virus

Een kleine vijftig schapenbedrijven kampen met misvormd geboren lammeren. Om verspreiding van het nieuwe virus goed in beeld te brengen, geldt een meldingsplicht voor het Schmallenberg-virus.

Veehouders die vemoedens hebben dat hun vee besmet is met het Schmallenberg-virus moeten dit melden bij de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA). Die maatregel stelde staatssecretaris Henk Bleker van landbouw dinsdagavond in. Alle bedrijven met schapen, runderen en geiten waar misvormde lammeren of kalveren worden geboren moeten dit melden. Dit kan via het landelijk meldpunt voor dierziekten: 045-5466230.

Het Schmallenberg-virus is een nieuw virus. Het virus werd vorige maand voor het eerst in Duitsland geïsoleerd en begin deze maand werd het voor het eerst in Nederland aangetroffen bij schapen en runderen. Het virus veroorzaakt vooral misvormde lammeren bij schapen. In augustus en september waren de problemen met diarree en productiedaling bij melkvee vermoedelijk ook veroorzaakt door het virus.

Goede monitoring, onderzoek en ontwikkeling van een vaccin zijn op dit moment de enige mogelijkheden in de strijd tegen het nieuwe Schmallenberg-virus. Vorige week werd het virus vastgesteld bij schapen, nadat op meerdere bedrijven misvormde lammeren en lammeren met hersenafwijkingen werden geboren. Inmiddels staat de teller van het aantal schapenbedrijven waar het virus tot problemen leidt op 30. Daarnaast zijn er nog 15 bedrijven waarvan de ondernemers zelf vermoeden dat ook hun veestapel besmet is. Verder onderzoek moet dit uitwijzen.

Na de ervaringen met Q-koorts is gelijk onderzoek ingesteld naar de mogelijkheid of het virus ook gevaarlijk is voor mensen. Minister Edith Schippers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zegt dat het niet waarschijnlijk is dat het Schmallenberg-virus overdraagbaar is op mensen. ”Maar het kan nog niet worden uitgesloten”, aldus Schippers. Daarom wordt gevraagd aan mensen die na direct contact met geïnfecteerde lammeren gezondheidsklachten krijgen, dit te melden. ”En uiteraard geldt altijd het advies om handen te wassen na contact met dieren”, aldus Schippers. Voor zwangere vrouwen geldt het advies dat ze beter niet in contact kunnen komen met pasgeboren lammeren.

Het RIVM heeft naar alle GGD’s en huisartsen een bericht gestuurd over het Schmallenberg-virus. Hierin vraagt het RIVM om melding te doen als mensen binnen twee weken na direct contact met besmette dieren gezondheidsklachten krijgen. Ook wordt gevraagd om ongewone klachten bij mensen uit de betrokken beroepsgroepen, zoals veehouders en dierenartsen, te melden bij het
RIVM.

Schippers zegt na vragen van Kamerleden dat er besloten is om geen spoedoverleg bijeen te roepen van het Signaleringsoverleg Zoönosen, omdat er geen aanwijzingen zijn dat het virus een zoönose is. ”De virussen waar dit Schmallenberg-virus het meest aan verwant is, zijn virussen die alleen bij dieren voorkomen en niet bij mensen”, zegt Schippers. ”Maar we houden goed de vinger aan de pols. Er is nu anders dan eerder wel eens het geval was een goede aansluiting tussen de veterinaire en humane specialisten.” Ze verwijst daarmee naar de recente Q-koortsproblematiek.
Tweede Kamerleden maken zich zorgen over de eventuele overdracht van het Schmallenberg-virus naar mensen. CDA-kamerlid Henk-Jan Ormel vraagt of er speciaal wordt gekeken naar infecties met hersenvliesontsteking bij mensen, omdat dit virus mogelijk verwant is aan het nieuwe vee-virus. Het verwantschap tussen deze virussen is volgens Schippers beperkt, waardoor er niet meer maatregelen nodig zijn dan de huidige maatregelen.

Tegen verspreiding van het virus onder de veestapel lijken op dit moment geen effectieve maatregelen te zijn. De huidige kennis wijst uit dat het virus via knutten worden verspreid. Door het zachte najaar verwachten deskundingen van de Gezondheidsdienst voor Dieren en het Centraal Veterinair Instituut van Wageningen UR (CVI) dat er tot half november besmettingen hebben plaatsgevonden. Op basis hiervan verwachten de specialisten dat er nog veel afwijkende lammeren geboren zullen worden.

SP-kamerlid Henk van Gerven vraagt zich openlijk af of er met zoveel onduidelijkheid niet uit voorzorg strengere maatregelen genomen moeten worden om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. ”Misschien moeten we toch over gaan tot ruimen van besmette dieren, uit voorzorg. Er is immers geen middel om de dieren te vaccineren”, zegt Van Gerven. CDA-kamerlid Henk-Jan Ormel reageert fel en vraagt Van Gerven direct welke dieren dan geruimd moeten worden en waar hij wil beginnen.

Ook staatssecretaris Bleker ziet geen aanleiding om tot ruiming over te gaan. VVD-kamerlid Janneke Snijder pleit voor een Europese aanpak van het virus. ”Als het inderdaad via knutten is verspreid, zullen we in Nederland niet de enigen zijn die met dit virus te maken hebben”, aldus Snijder. Bleker reageert dat er intensief wordt samengewerkt met Duitsland, waar het virus is ontdekt, en dat beide landen bij de EU melding hebben gemaakt van de dierziekte.
Het ministerie zet in de aanpak van het virus vooral in op onderzoek en de ontwikkeling van een vaccin. Dit gebeurt bij het CVI in Lelystad. De ontwikkeling van een vaccin tegen het Schmallenberg-virus zal zeker een jaar in beslag nemen. ”En dan gaat het snel”, zegt Wim van der Poel van het CVI.

Het Lelystadse onderzoeksinstituut heeft inmiddels het virus op kweek gezet, zodat daarmee de ontwikkeling van een vaccin ter hand kan worden genomen. Dat is een proces van langere adem. Van der Poel zegt dat een vaccin uitgebreid moet worden getest op effectiviteit en veiligheid. Vervolgens moet een vaccin door een registratieprocedure. ”Als dat in een jaar lukt, gaat het snel.”
Het opgekweekte virus kan ook worden gebruikt voor de ontwikkeling van een bloedtest, die afweerstoffen kan aantonen. ”Een eerste laboratoriumtest zou je binnen een maand kunnen ontwikkelen”, denkt Van der Poel. Met een bloedtest kan worden onderzocht welke dieren besmet zijn geweest.

Het CVI richt het onderzoek nu op schapen en lammeren, omdat daar op dit moment problemen worden gesignaleerd. ”Al hebben we nog steeds de vrees dat we straks ook problemen bij kalveren gaan zien.” De twee misvormde kalveren die in Lelystad zijn onderzocht, hadden niet het virus bij zich. ”Maar het kan ook dat het virus inmiddels verdwenen is.”

Tijdlijn Schmallenberg-virus
Augustus en september
De Gezondheidsdienst voor Dieren krijgt meldingen van diarree problemen en productiedaling bij runderen.

18 november
Het Schmallenberg-virus wordt geïsoleerd uit bloed bij het Friedrich Loeffler Institut in Duitsland.
vanaf 1 december
De GD krijgt veel meldingen van misvormd geboren lammeren. Oorzaak wordt onderzocht.

8 december
Het virus wordt aangetoond bij runderen in Nederland.

15 december
Het virus wordt aangetoond bij lammeren in Nederland.

16 december
Het ministerie maakt openbaar dat er Schmallenberg-virus is aangetroffen in Nederland. 20 schapenbedrijven zijn waarschijnlijk besmet.

19 december
Het aantal mogelijk besmette bedrijven loopt op naar 25. Het RIVM roept GGD’s en huisartsen uit voorzorg op om uit gezondheidsproblemen bij mensen die direct contact hebben met besmette dieren te melden.

20 december
Het ministerie stelt een meldplicht in voor bedrijven. Het aantal waarschijnlijk besmette bedrijven loopt op tot 28. 15 veehouders hebben gemeld dat zij ook verschijnselen zien. Bij misvormd geboren kalveren werd het virus niet aangetoond.

Kenmerken Schmallenberg-virus:
* Misvormde lammeren. Dieren hebben een scheve nek, waterhoofd en misvormde gewrichten. De meeste dieren worden dood geboren. De ooien zelf vertonen geen ziekteverschijnselen.

* Diarree en productiedaling bij melkkoeien, soms vertonen ze koorts. Dit waren de verschijnselen in augustus en september. Bij de GD zijn nu geen meldingen van verschijnselen bij runderen.

* Het virus wordt waarschijnlijk verspreid via knutten. De verwachting is dat er tot half november infecties hebben plaatsgevonden.

* Het virus lijkt op virussen uit de groep Orthobunyavirussen en meer specifiek op het Shamondavirus en het Akabanevirus. Deze virussen komen voor in Azië, Australië en Afrika.


Eén reactie

  • no-profile-image

    Frank Glorie (Schapendokter.nl)

    Wel degelijk ook veel diarreeklachten bij schapen gehad in dezelfde periode als de melkkoeien.

Of registreer je om te kunnen reageren.