Redactieblog

128 x bekeken

Discussiëren bij DOC

Dat wordt een leuke discussie bij DOC. Over de toekomst bedoel ik. In januari willen bestuur en directie uitvoerig met de leden overleggen.

Ik stel me zo voor dat de eerste vraag van de leden wordt: "Hoe denken bestuur en directie erover?" De voorzitter geeft na wat wollige opmerkingen het woord aan directeur Jannes Oosterveld. Die zegt: "Een paar jaar terug zei ik dat DOC een sterke coöperatie was, klein, slagvaardig en leider wat betreft kosten. Inzichten veranderen. Daarom stelde ik bij de fusie dat we te klein waren en dat verbreding van het productenpakket noodzakelijk is. Daar hebben we een grote partner voor nodig. Vandaar het fusievoorstel met DMK." Vraag uit de zaal:"Vindt u nog steeds dat we moeten fuseren met een coöperatie als DMK?" Oosterveld: "Eigenlijk wel"."Dan vind u dus dat DOC niet in zijn huidige vorm kan blijven bestaan!", roept een lid. "Dat ligt genuanceerder", zegt Oosterveld weer."Als de kaasprijzen goed zijn, kunnen wij best bestaan. Vooral bij de hoge weipoederprijzen van dit moment. Alleen wie garandeert ons dat die zo blijven?"
"U vindt dus nog steeds dat we moeten fuseren", concludeert de zaal onder geroezemoes van leden, die het er niet mee eens zijn.

"Wij hadden een goed voorstel", zegt Oosterveld. "Maar de leden hebben het niet goedgekeurd. En die zijn uiteindelijk de baas." "Dat is maar goed ook", zegt een grijs, ouder gerimpeld lid voor de microfoon. "Mijn grootvader leverde al melk aan deze mooie coöperatie. Die moeten we niet verkwanselen aan de Duitsers." "Emotionele praat", roept een jong lid."U neemt straks afscheid. Hebt geen opvolger. Ik moet nog een leven lang leveren aan DOC. En dan wil ik de hoogste melkprijs. En als de directie vindt dat die bij DMK vandaan komt, dan volg ik die. De directie moet het voor ons verdienen. Dat kunnen oude boeren en oud-directeuren, zoals die Willigenburg, niet."

De voorzitter grijpt – na een herhaling van vele zetten - in: "Wij hebben een goede discussie gehad en alle argumenten zijn weer eens op tafel geweest. Ik dank jullie voor de inbreng."
Bij de uitgang zeggen twee leden tegen elkaar: "We zijn geen donder opgeschoten."
En zo is het.

Of registreer je om te kunnen reageren.