277 x bekeken

’Voorstel Ciolos voor landbouwbeleid is een lappendeken’

De voorstellen van de Brussel voor het Europees landbouwbeleid (GLB) zijn nergens met gejuich ontvangen en zeker niet in het Europees Parlement. Europarlementariërs Esther de Lange (CDA) en Bas Eickhout (Groenlinks) leggen uit waarom zij zich – om verschillende redenen – niet kunnen vinden in de plannen van eurocommissaris Ciolos.

Aan ambitie ontbreekt het niet. Maar of de 736 Europarlementariërs, die nu voor het eerst echt mogen meepraten over een grootscheepse herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), daadwerkelijk een vuist kunnen maken in de richting van commissaris Dacian Ciolos en de lidstaten valt nog te bezien. Want hoewel niemand het eens is met de plannen die hij onlangs heeft gepresenteerd, bestaat er grote verdeeldheid over de weg die dan wél moet worden ingeslagen. Ook onder de Nederlandse leden.

Hamer en sikkel
De grootste groep in het parlement, de traditioneel landbouwvriendelijke EVP (waartoe ook het Nederlandse CDA behoort) voelt zich door Ciolos in zijn hemd gezet. Want daar waar de Roemeen zijn benoeming mede heeft te danken aan de inzet van die fractie, vertonen zijn wetgevingsvoorstellen slechts weinig overeenkomsten met het visiestuk dat de christendemocraten anderhalf jaar geleden hebben gepresenteerd. Volgens Europarlementariër Esther de Lange heeft Ciolos daarmee geen vrienden gemaakt onder zijn natuurlijke bondgenoten.

”Er moet nog wel wat gebeuren, wil ik met zijn plannen kunnen instemmen”, vertelt de CDA-politica in de persbar van het Europarlement in Straatsburg, vlak voor een debat met de commissaris. ”Ciolos heeft geprobeerd alle partijen tevreden te houden, maar daarmee is het voorstel één grote lappendeken geworden. Ik mis een verhaal, een filosofie. De wereld heeft zeven miljard monden te voeden, we hebben onze boeren dus hard nodig. De commissaris heeft daar weinig oog voor en richt zich vooral op vergroening. Bovendien zijn de plannen communistisch geformuleerd: het is én, én, én. Heel erg hamer en sikkel allemaal.”

De Lange doelt daarmee op het voorstel om 30 procent van de bedrijfstoeslagen afhankelijk te maken van de uitvoering van maatregelen op het gebied van natuur- en milieu: gewasdiversificatie, permanent grasland en ecologische focusgebieden. Wie categorisch weigert hieraan te voldoen, kan zelfs álle steun verliezen. Onwerkbaar en inefficiënt in de Nederlandse situatie, vindt de Europarlementariër. ”Er mogen best stappen worden gezet waar boeren moeite voor moeten doen, maar dit is buitenproportioneel duur. En waarom is er geen aandacht voor dierenwelzijn?”

Kloof
Ook ter linkerzijde klinkt kritiek op dit onderdeel, maar wel om een andere reden. Bas Eickhout (Groenlinks), net als De Lange plaatsvervangend lid van de landbouwcommissie van het EP, heeft bepaald geen hooggespannen verwachtingen van het effect van de vergroeningsmaatregelen. Hij onderstreept de analyse van Ciolos over de uitdagingen voor de komende jaren op het gebied van onder meer klimaatverandering, maar vindt diens aanpak onvoldoende. Het zijn woorden zonder inhoud, aldus Eickhout.

”De Commissie claimt substantiële hervormingen, maar ik zie dat niet”, zegt hij een dag eerder. ”Er gaapt een enorme kloof tussen de problemen en de oplossingen. Eén ding is zeker: hier gaan we de noodzakelijke veranderingen niet mee krijgen.”

Toch zal het de Groenlinkser een lief ding waard zijn als de plannen wel worden gerealiseerd. Hij vreest namelijk dat de vergroeningseisen onder druk van de lidstaten en grote machtsblokken in het EP nog verder worden teruggeschroefd. ”De reacties van de klassieke landbouwlobby, van staatssecretaris Bleker, baren mij grote zorgen. Er wordt nog steeds niet erkend dat we spreken over publiek geld, dat besef is er gewoon niet.”

Volgens Eickhout wordt vergroening te vaak als kostenpost beschouwd. Sector en lidstaten leggen de plannen vooral langs die meetlat; maatregelen die duur zijn, worden automatisch afgewezen. Niet slim, vindt hij, want veel positieve effecten zijn nu eenmaal moeilijk te vertalen in euro’s. Bovendien wordt er nogal snel gezegd dat dergelijke maatregelen bureaucratie in de hand werken. ”Dat is een excuus om niets te hoeven veranderen. Je moet nu eenmaal accepteren dat een makkelijke boodschap niet bestaat; een andere landbouw bereik je niet vanzelf.”

Behalve op de vergroeningsmaatregelen hebben De Lange en Eickhout ook kritiek op het marktbeleid van Ciolos. De eurocommissaris wil bestaande instrumenten behouden om grote markt- en prijsschommelingen te voorkomen, maar introduceert nauwelijks nieuwe maatregelen. Daarnaast schaft hij het suikerquotum af, terwijl hij de gekoppelde steun juist (op beperkte schaal) herintroduceert.

De Lange kan er nauwelijks mee uit te voeten. ”Hij weigert maatregelen te nemen. Hoe gaan we de marktmacht van boeren versterken? Waarom mogen supermarkten in België niet onder inkoopprijs verkopen, en in Nederland wel? In een ideale wereld haalt de boer zijn geld volledig uit de markt, maar helaas leven wij daar niet in.” Ook Eickhout vindt dat Brussel producenten mogelijkheden moet geven om hun positie in de keten te versterken, maar wil daar wel ’groene’ voorwaarden aan verbinden. ”We moeten laten zien dat we een bondgenoot zijn van de boer die het anders wil.”

Banaal
Alsof de verdeeldheid in parlement en raad van ministers de onderhandelingen nog niet moeilijk genoeg maakt, is de onduidelijkheid over het budget ook een complicerende factor. Want tegelijkertijd bakkeleien beide partijen over de totale begroting voor de periode 2014-2020, waar landbouw ’slechts’ een onderdeel van is. En daar waar de EP’ers willen dat Brussel meer gaat spenderen, pleiten regeringsleiders juist voor de hand op knip. In dat speelveld is het lastig de plannen te wijzigen.

”De druk is zo groot, dat de structuur nu wel vastligt; alleen op een aantal inhoudelijke punten kunnen we nog bijsturen”, zegt De Lange. Eickhout: ”Ik vrees dat het dan een banale discussie wordt met als insteek: hoe kan ik de regels zo wijzigen dat ik meer geld krijg dan een ander.”

Verdeel-en-heers-tactiek

De voorstellen voor het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) zijn op 12 oktober door Eurocommissaris Dacian Ciolos in Brussel gepresenteerd. Eén van de hoofddoelen is een herverdeling van het budget over de lidstaten. Dat is nodig, omdat er tussen landen enorme verschillen bestaan in het steunniveau per hectare. Nederland, de op één na grootste ontvanger, moet fors inleveren: zo’n 8 procent. Volgens Bleker is dat onacceptabel, maar zowel De Lange als Eickhout betwijfelen of er veel ruimte is voor het schuiven met die percentages.

“Als je kijkt naar welke landen veel moeten inleveren, kun je samen met onder andere België misschien nét een blokkerende minderheid vormen”, zegt De Lange. “Maar het is waarschijnlijk effectiever om op een andere wijze geld binnen te harken. Kijk bijvoorbeeld ook eens naar het plattelandsbeleid, of het regionaal beleid; dat zou je er ook bij kunnen betrekken. Mij maakt het niet uit hoe dit wordt gecorrigeerd, als het maar gebeurt.” Eickhout benadrukt dat de het plan-Ciolos al een compromis is. Hij heeft gestreefd naar een voorstel waar lidstaten moeilijk eensgezind iets tegen kunnen inbrengen. “De raad van ministers is verdeeld, net als het EP”, zegt hij. “De Commissie kan dus een verdeel-en-heers-tactiek toepassen.”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.