141 x bekeken 4 reacties

Rol schappen bij onderzoek en innovatie onontbeerlijk

Binnenkort spreekt de Tweede Kamer over de kabinetsplannen om de rol van de productschappen in te perken. Aalt Dijkhuizen onderstreept het belang van de schappen op gebied van onderzoek en innovatie.

Het kabinet wil de rol van de product- en bedrijfschappen sterk inperken. Volgens het voorstel dienen de schappen zich alleen nog bezig te houden met enkele publieke taken die de plant- en diergezondheid, het dierenwelzijn en de voedselveiligheid bevorderen.

Nu zal iedereen het erover eens zijn dat het schappenstelsel efficiënter en effectiever kan, maar laten we oppassen om het kind niet met het badwater weg te gooien. En dat is wat nu dreigt te gebeuren. Vandaar een pleidooi om in ieder geval de rol van de schappen op het gebied van onderzoek en innovatie te behouden. Cruciaal om als food &agri (inclusief tuinbouw) de vooraanstaande positie verder uit te bouwen en daarmee van direct belang voor de Nederlandse economie en werkgelegenheid.

Internationaal voorop
De Nederlandse food & agrisector loopt internationaal voorop in zaken als ondernemerschap, productiviteit, dierenwelzijn, duurzaamheid en voedselveiligheid. Een positie, die mede het resultaat is van een nauwe samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid en kennisinstellingen op het gebied van onderzoek en innovatie. De Nederlandse sector is uitgegroeid tot de tweede exporteur ter wereld, realiseert 10 procent van ons nationaal inkomen en zorgt voor 10 procent van de werkgelegenheid, 25 procent van onze export en maar liefst 50 procent van ons exportoverschot.

De sector kenmerkt zich door het grote aandeel van relatief kleine bedrijven (MKB). Dat is in de eerste plaats zijn kracht. Het zorgt immers maximaal voor ondernemerschap en waarborgt ook een stevige verankering in de Nederlandse economie. Maar het herbergt ook een zwakte in zich. MKB-bedrijven zijn te klein om elk voor zich te investeren in grotere, meer complexe en sectorbrede uitdagingen als het ontwikkelen en praktijkklaar maken van nieuwe technologie ter versterking van de concurrentiekracht en van een verdere verduurzaming van de productie.

Heffingen
Anders dan in veel andere landen worden deze nadelen in Nederland met succes het hoofd geboden door collectief middelen te heffen via de product- en bedrijfschappen en die mede in te zetten op onderzoek en innovatie. Dat is voor een belangrijk deel de reden dat de sector zijn voorsprong niet alleen heeft weten op te bouwen, maar ook al decennia lang verder heeft kunnen uitbouwen.

In het buitenland wordt daar met veel ontzag naar gekeken, want bijna nergens is het gelukt een dergelijk systeem van de grond te krijgen. Nu meer dan ooit duidelijk is dat er wereldwijd nog veel meer voedsel nodig is, plaatst dit Nederland in een geweldige positie om de opgebouwde voorsprong verder te verzilveren en om te zetten in economische groei en werkgelegenheid. Dat vooruitzicht kunnen we goed gebruiken in deze economisch onzekere tijden.

Voorsprong behouden
Om dit vol te kunnen houden is het wel zaak die voorsprong niet te laten verdampen en dus met kracht in te blijven zetten op onderzoek en innovatie. Stilstand is ook hier achteruitgang. De agenda daartoe wordt momenteel gezamenlijk opgesteld in het kader van het topsectorenbeleid. Een goede zaak. Kun je nooit genoeg aandacht aan besteden. Maar minstens zo belangrijk is de uitvoering ervan. Daar is geld voor nodig dat een individueel bedrijf overstijgt. Bovendien vraagt de uitvoering van een agenda om voortdurende afstemming tussen de betrokkenen, zeker in een wereld met zoveel onzekerheden (en daardoor ook kansen) als nu.

En juist voor dit soort zaken heeft Nederland het systeem van de product- en bedrijfschappen. Kan niet mooier. Nogmaals, effectiever en efficiënter maken, zeker. Maar te sterk inperken zou een verkeerde zuinigheid zijn en ons qua economie en werkgelegenheid lelijk op kunnen breken. Want eenmaal weg, krijg je het maar zo niet terug. Het buitenland laat zien hoe moeilijk dat is en vooral ook wat je dan mist.

Aalt Dijkhuizen is voorzitter van de Raad van Bestuur van Wageningen University & Research centre

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Aalt ziet de centen alweer binnenrollen. Jammer dat met de "kennis" van Wageningen onze sector linea recta de afgrond in gaat.

  • no-profile-image

    Een pracht pleidooi, de schrijver zou zo in de blauwe bankjes van het Binnenhof plaats kunnen nemen. Ik mis in het verhaal concrete voorbeelden, waar de schappen hun nut voor boer en tuinder meer dan bewijzen en waarbij hun plaats niet kan worden ingenomen door andere bestaande organisaties (LTONed, Co-op s). De laatste decennia heb ik steeds meer het gevoel gekregen, dat er een eindeloze groep wel willende organisaties rond Landbouw zweeft, die elkaar de muggen afvangen op kosten van de boer, die zelf de eindjes nauwelijks aan elkaar kan knopen.

  • no-profile-image

    Wat voor belang heeft die Aalt Dijkhuizen dat de productschappen moeten blijven zo als het nu is? Dat is er maar 1 namelijk dat wanneer er aan de productschappen worden afgeslankt Wageningen UR nogal veel onderzoeken en daarmee inkomen gaat missen, waardoor de baan van Aalt Dijkhuizen op de tocht komt te staan en daarmee een aanslag op zijn veel te royale vergoeding voor zijn onzin praatjes gaat missen.

  • no-profile-image

    Productschappen moeten zichzelf beperken (en zeker ook allerlei organisaties eromheen), maar ik vind ze wel nodig.
    Op basis van vrijwilligheid verwacht ik namelijk dat er weinig van de grond komt. Ik doel dan op bijv procedures om een nieuw gewasbeschermingsmiddel toe te laten in een kleine teelt waar de fabrikant geen belang bij heeft. Of bijv onderzoek naar bodemplagen.
    Als we met de pet alle telers af moeten gaan vraag ik me af hoeveel er uit zichzelf bereid zijn hieraan bij te dragen. Ook is de vraag wie er dan met die pet rond moet gaan.

Of registreer je om te kunnen reageren.