Redactieblog

143 x bekeken

Kamer heeft veel kritiek op plannen Ciolos

Tweede Kamerfracties hebben veel kritiek op de voorstellen van de Europese Commissie voor het nieuwe Europese landbouwbeleid. Kamerleden vinden dat er uit de plannen weinig stimulans zit om te innoveren.

De forse verlaging van het Nederlandse budget vinden de kamerleden buitenproportioneel. Daarnaast vrezen de kamerleden dat de vergroeningsmaatregelen weinig effectief zullen zijn.

CDA Tweede Kamerlid Ger Koopmans spreekt van het kortwieken van de Nederlandse landbouwsector. ”Nota bene de grootste exporteur van landbouwproducten van de gehele EU. De voorstellen leggen veel te veel in detail vast hoe onze boeren moeten verbouwen en het remt daarmee onze innovatie”, aldus Koopmans. Hij vindt dat de huidige plannen de verduurzaming van de Nederlandse landbouw juist afremt. ”De voorstellen leggen veel te veel in detail vast hoe onze boeren moeten verbouwen en het remt daarmee onze innovatie”, vindt Koopmans.

Janneke Snijder van VVD schrikt van de voorstellen. ”Financieel is het erg nadelig. 8 procent van het budget inleveren is heel teleurstellend. Daar kunnen we ons ook niet bij neerleggen”, vindt Snijder. Ze vindt dat Ciolos met de vergroeningsplannen op de stoel van de ondernemer gaat zitten. ”De verplichting om minimaal drie verschillende gewassen te telen moet een keuze van de ondernemer blijven. In Nederland hebben we hele specialistische bedrijven”, zegt Snijder. Ook vindt ze de verplichte aanleg van ecologische elementen op 7 procent van het areaal veel te ver gaan. ”Ik mis voedselzekerheid en concurrentiepositie in de plannen. Deze voorstellen zijn iets heel anders dan wat goed is voor de Nederlandse ondernemers”, vindt Snijder. De VVD-politica is wel te spreken over het extra budget voor innovatie en de verplichte ondersteuning voor jonge agrariërs.

D66-Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy en Tweede Kamerlid Stientje van Veldhoven concluderen dat boeren met deze plannen Europese ambtenaren blijven. ”Boeren blijven via de enorme subsidiestromen op de Europese loonlijst staan”, aldus Gerbrandy. ”Europa laat de kans liggen om directe steun aan boeren af te bouwen en te investeren in een sterke, concurrerende landbouwsector. Door de hoge prijzen voor grondstoffen en de stijgende vraag naar voedsel kunnen boeren langzaam maar zeker prima voor zichzelf zorgen”, stelt Gerbrandy. Hij vindt dat dit alleen lukt als de EU boeren onafhankelijk durft te maken van subsidies.
Ook over de vergroeningsplannen is D66 kritisch: als alle boeren een klein stukje natuur aanleggen, is het weinig effectief.

Volgens Van Veldhoven kiest de Europese Commissie voor eenheidsworst en slaat ze de plank volledig mis. ”En dat terwijl de komende zeven jaar voor Nederlandse boeren cruciaal zijn. ”Over 10 à 15 jaar gaan veel boeren met pensioen. De boeren die doorgaan, moeten we helpen groen en concurrerend te worden. Zeven jaar ongerichte inkomenssteun helpt dan niet.”

Groenlinks-kamerlid Rik Grashoff is bang dat de vergroeningsplannen van Ciolos niet ver genoeg gaan. ”Het lijkt dat er sprake is van greenwashing, waarbij wordt gezegd dat de voorwaarden groener zijn, maar waarbij het weinig oplevert voor natuur en milieu. Daarnaast dreigt ongelijke concurrentie, omdat lidstaten de vergroeningsplannen serieuzer of minder serieus zullen inzetten”, aldus Grashoff. Hij vindt dat er in de plannen ook te weinig wordt gedaan voor de marktpositie van de boer. ”We kunnen de sector niet verduurzamen als de boer geen geld verdient.”

De SGP wil een eerlijker en innovatiever Europees Landbouwbeleid. De voorstellen van Eurocommissaris Ciolos voor hervorming gaan de verkeerde kant op. Kamerlid Elbert Dijkgraaf: ”Nederlandse boeren gaan er fors op achteruit.” Hij doelt op het budget voor Nederland en de mogelijkheden die worden geboden om aan de 30 procent vergroening te voldoen. ”De verplichte 7 procent ecologische functie van het areaal betekent dat we met onze hoogproductieve landbouw veel moeten inleveren ten opzichte van laagproductieve landbouw elders. Dat vinden wij een slecht plan.”
De SGP schuift de vergroeningstoeslagen liever naar innovatie, beter gebruik van grondstoffen en lagere milieubelasting. ”Daar hebben de maatschappij én onze boeren meer aan. Om het scherp neer te zetten: ik zie liever meer precisielandbouw dan meer akkerdistels.” De SGP is positief over de geboden steun aan jonge boeren.

Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren noemt de voorstellen ’zeer teleurstellend en een grote greenwash’. ”Het is meer van hetzelfde met wat bezuinigingen en een groen label dat eigenlijk niets voorstelt.” Met de voorstellen wordrn de landbouw en dieren niet voorbereidt op de zo noodzakelijke aanpassingen om te komen tot een leefbare planeet en voedsel voor iedereen. Ook boeren schieten er weinig mee op volgens Ouwehand, ”ze zouden meer hebben gehad aan geld voor omschakeling van hun bedrijf voor het duurzaam produceren van voedsel.” Mensen moeten zich realiseren dat voor duurzaam voedsel betaald moet worden. Boeren moeten daarmee een inkomen kunnen halen zonder er subsidie voor te krijgen.

”In eerste instantie zie ik veel positieve elementen. Doelgericht, vergroening en meer geld richting onderzoek en innovatie”, aldus Esmé Wiegman van de Christenunie, ”Maar in de uitwerking zit dan weer heel veel regelzucht.” Wiegman ziet te weinig ruimte voor een eigen invulling op bedrijven, en te weinig ruimte om rekening te kunnen houden met de grote verschillen tussen EU-landen. Wiegman toont zich bezorgd om de grote korting voor Nederland, ook al was duidelijk dat er meer geld naar de nieuwe EU-lidstaten zou gaan. ”Er zou juist rekening gehouden moeten worden met inspanningen die de Nederlandse landbouw al doet en heeft gedaan op bijvoorbeeld het gebied van duurzaamheid en dierenwelzijn. Weidegang is een voorbeeld van een maatschappelijke dienst, dat ook beloond moet kunnen worden uit het GLB.”

SP-kamerlid Henk van Gerven spreekt van een gemiste kans. ”De plannen zouden moeten leiden tot een duurzamere landbouw met meer variatie en biodiversiteit. Met dit plan blijven de boeren afhankelijk van de subsidie. Het beleid blijft teveel hangen op de reden waarom het landbouwbeleid is ingevoerd: stimulans van productie”, aldus Van Gerven. Hij ziet liever dat het beleid aanstuurt op een faire prijs voor producten, waarbij minder subsidie voor de landbouw nodig is. De eis van 7 procent areaal met ecologische waarde vindt Van Gerven geen probleem: in Europa is de productie zo hoog dat we kunnen kiezen voor kwaliteit, duurzaamheid en biodiversiteit. Van Gerven staat sympathiek tegenover de steun voor jonge boeren. ”Deze steun moet wel gericht zijn op duurzame productie”, voegt hij er aan toe.

PvdA is in eerste instantie positief. ”Maar er moet nog heel veel worden uitgewerkt.” Dat is de eerste reactie van Kamerlid Lutz Jacobi. Ze ziet nog te weinig terug van de door haar partij gewenste omschakeling naar een variabele financiering van gewenste doelen als innovatie en verduurzaming, in de plaats van de huidige inkomenssteun. Jacobi mist ook een duidelijke overgangsregeling na invoering. Blij is ze wel met de steun voor jonge boeren. Over de grote lijn is ze positief: ”Boeren zijn hartstikke hard nodig, voor voedsel, maar ook voor het landschap. Voor prestaties op die terreinen mag betaald worden en dat gebeurt ook in het nieuwe GLB. Innovatie moet nog wel veel explicieter benoemd worden en dat zal met andere onderdelen nog heel veel discussie opleveren.”

Het kabinet komt binnen drie weken met een officiële reactie op de plannen voor het nieuwe landbouwbeleid. De Tweede Kamer zal daarna een debat voeren over het GLB.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.