Redactieblog

138 x bekeken

Vrijstelling overdrachtsbelasting Landinrichting geldt ook voor gebouwen

De vrijstelling in de overdrachtsbelasting voor de Landinrichtingswet geldt ook voor gebouwen.

Na de rechtbank Breda is ook het Hof Den Bosch deze mening toegedaan. De belastinginspecteur bijt in deze zaak voor de tweede maal in het stof.

Kort samengevat is de uitspraak van de Hof Den Bosch de volgende:

Aan mevrouw X is in 2001 in het kader van een vrijwillige kavelruilovereenkomst een aantal onroerende zaken geleverd. X heeft aldus tegen betaling van fl. 1.673.160 (€ 759.246) een woning met bedrijfsgebouwen en een perceel grond verkregen. Op grond van de Landinrichtingswet heeft de Dienst Landelijk Gebied (mede) voor de verkrijging van X een positieve beschikking afgegeven.

In geschil is of X voor de verkrijging terecht een beroep doet op de vrijstelling van overdrachtsbelasting. De inspecteur stelt dat hij doel en strekking van de vrijwillige kavelruil uitsluitend ziet op gronden en is tot naheffing overgegaan. Rechtbank Breda oordeelt dat ook sprake is van kavelruil als er één of meer opstallen op de grond staan. Er zijn ook geen aanwijzingen dat de wetgever opstallen heeft willen uitsluiten. De verkrijging door X is dus geheel vrijgesteld. De inspecteur gaat in hoger beroep.

Het Hof De Bosch oordeelt dat zich bij een kavelruil ook opstallen op de te ruilen kavels kunnen bevinden en dat de Landinrichtingswet opstallen niet met zoveel woorden uitsluit. Het door elkaar gebruiken van de termen "kavels" en "onroerende zaken" in deze wet wijst er niet op dat de wetgever opstallen heeft willen uitzonderen. De opstallen die X heeft verkregen, vallen dus ook onder de vrijstelling. De inspecteur beroept zich vergeefs op het Besluit van 12 november 2004, nr. CPP2004/1679M. Een uitlating van de Staatssecretaris van Financiën in een besluit kan namelijk nooit de rechten die X krachtens de wet heeft, beperken. Dit geldt ook voor de verklaringen die de getuige deskundige Schuurmans tijdens de zitting heeft afgelegd. Het beroep van de inspecteur is ongegrond.


Meer informatie: Hof 's-Hertogenbosch, MK II, 22 oktober 2010, nummer 08/00718.

Of registreer je om te kunnen reageren.