158 x bekeken

Europese Unie moet import producten aan banden leggen

1267717
Brussel geeft hoge prioriteit aan voedselzekerheid. Maar het is onduidelijk wat dat betekent. Wel is duidelijk dat boeren niet hoeven te rekenen op faire prijzen, zegt Teun de Jong in een open brief aan Henk Bleker.

door Teun de Jong

De Europese Commissie heeft de uitgangspunten en hoofdlijnen geschetst van het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB). Duidelijk is dat er ingrijpende veranderingen zullen plaatsvinden. In uw brief van 26 november aan de Kamer geeft u de kabinetsreactie hierop. De Nederlandse Akkerbouw Vakbond (NAV) is verheugd dat voedselzekerheid tot hoogste prioriteit is verheven. Tegen deze achtergrond en het gegeven dat de Commissie en Nederlandse regering voedselzekerheid prioriteit toekennen, lijkt het ons dat het garanderen van voedselzekerheid en het streven naar minder afhankelijkheid van de import van voedsel meer uitgewerkt dient te worden. Zo is Europa voor plantaardig eiwit voor 70-80 procent afhankelijk van import van buiten de EU. Die afhankelijkheid van invoer dient te worden verkleind, meent ook de Europese Commissie. Echter op geen enkele wijze is nog concreet uitgewerkt hoe de zelfvoorziening van plantaardig eiwit in de EU kan worden vergroot.

Gezien het feit dat de bevolking vaak heftig reageert op prijsschommelingen van voedsel, verdient ook het stabiliseren van de prijzen in de EU extra aandacht. Het stabiliseren van de prijzen is in het belang van de hele samenleving.

De Commissie legt drie opties voor het nieuwe GLB voor. De NAV is voor verbetering van de marktinstrumenten waardoor faire prijzen uit de markt mogelijk worden en toeslagen (op termijn) afgebouwd kunnen worden. Die marktinstrumenten zouden moeten worden ontwikkeld voor granen, plantaardig eiwit, suikerbieten en zetmeel.

De NAV bepleit het handhaven van het landbouwbudget. 52 miljard euro per jaar kost het EU-landbouwbeleid tot en met 2013. Dat is circa 41 procent van het EU-budget. Dat lijkt veel. Echter landbouw is een van de weinige sectoren waarvoor EU-beleid is ontwikkeld en dat Europees wordt gefinancierd. Met de Nederlandse regering is de NAV van mening dat leefbaarheid van het platteland niet langer gefinancierd moet worden uit het landbouwbudget.

Tot de dag van vandaag hanteert Nederland de historische referentie. In de voorstellen van de Commissie lijkt dit niet langer mogelijk en zou overgeschakeld moeten worden op een vorm van flat rate, bijvoorbeeld een basispremie per hectare. De overgang zal in Nederland niet makkelijk zijn aangezien de huidige toeslagen zeer uiteen lopen. Bedrijven met veel granen, bieten en zetmeelaardappelen zijn voor hun inkomen in hoge mate afhankelijk van de bedrijfstoeslagen. Complicatie in Nederland is dat vanaf 2011 de steun voor zetmeelaardappelen lijkt te worden ontkoppeld. De NAV pleit voor het handhaven van de koppeling, dan wel een zachte landing van ontkoppeling voor zetmeelaardappelen en een ruime overgangsregeling (bijvoorbeeld tot 2020) als een flat rate onontkoombaar is (geleidelijke overgang van toeslagen op basis van historische referentie naar flat rate).

In verband met een gelijk speelveld en de wens tot duurzaamheid dienen geïmporteerde goederen te voldoen aan de dezelfde kwaliteits- en duurzaamheidseisen als de in de EU geproduceerde goederen. Dit geldt niet alleen voor producten voor voedsel en veevoer, maar ook voor landbouwproducten voor biobrandstoffen. Ons inziens moet er een importverbod komen voor alle landbouwproducten die niet voldoen aan de hoge EU-eisen.

Verder moeten de mededingregels voor boeren worden versoepeld zodat ze beter in staat zijn marktmacht/marktkracht te organiseren tegenover verwerkende bedrijven en supermarkten.
Principieel is de NAV voorstander van een faire prijs voor agrarische producten uit de markt. De voorstellen van de Europese Commissie lijken de faire prijzen niet mogelijk te maken. Het lijkt erop dat we (helaas) afhankelijk blijven van toeslagen.

Teun de Jong is voorzitter van de Nederlandse Akkerbouw Vakbond

Of registreer je om te kunnen reageren.