Redactieblog

167 x bekeken

5,4 procent minder klinische mastitis

In vijf jaar tijd is het aantal gevallen van klinische mastitis bij melkvee met 5,4 procent gedaald.

Dat zegt Theo Lam tijdens een bijeenkomst ter afsluiting van vijf jaar Uiergezondheidscentrum Nederland (UGCN). "Dat is minder dan de doelstelling van 10 procent reductie die we hadden, maar we zijn toch tevreden. We hebben geen gouden plak, maar we staan wel op het podium", zegt Lam. "De melkveehouderij is in dezelfde periode ook veranderd. De bedrijven zijn groter geworden en het gebruik van melkrobots is toegenomen. Ook zijn er grote schommelingen geweest in de melkprijs en we hebben te maken gehad met een uitbraak van blauwtong", legt de projectleider van UGCN uit.

In de periode van 2005 tot 2009 is het gemiddelde celgetal in de Nederlandse melkveehouderij gelijk gebleven. In 2005 was het celgetal op 205 steekproefbedrijven gemiddeld 215.000 cellen per ml. In 2009 waren 175 van deze bedrijven nog actief, waarbij opnieuw een gemiddeld tankmelkcelgetal van 215.000 werd gemeten. "Dit is geen verbetering, maar we moeten ook naar de tendens kijken. Sinds 2000 stijgt het celgetal. In 2007 hebben we hierin een kentering kunnen realiseren en is de stijging omgezet in een daling." Wanneer er voldoende aandacht blijft voor uiergezondheid is er volgens Lam een verdere daling van mastitis bij Nederlands melkvee te realiseren.

UGCN is een project waarin onderzoek werd gedaan naar mastitis, in combinatie met advies en kennisoverdacht naar veehouders. "Door het project staat uiergezondheid nu op de kaart in Nederland. De melkveehouder ziet ons als onafhankelijke kennisbron als het gaat om uiergezondheid. Ook staat het Nederlandse mastitisonderzoek internationaal op de kaart. We zijn een voorloper", zegt Lam.

Of registreer je om te kunnen reageren.