Redactieblog

427 x bekeken

Exploitatie stal voor springpaarden is geen bron van inkomen

Het gerechtshof Amsterdam oordeelt in hoger beroep in een procedure voor de inkomstenbelasting dat het trainen en verzorgen van paarden van derden geen bron van inkomen is.

De kosten zijn daarom niet aftrekbaar.

Kort samengevat is de aan het gerechtshof Amsterdam voorgelegde zaak de volgende:Mevrouw X is op huwelijkse voorwaarden gehuwd met de heer A. Deze is eigenaar van een onroerende zaak, bestaande uit een woning met stallen voor paarden. De woning dient als hoofdverblijf voor het gezin. Hun twee dochters, M en L, zijn geoefende springruiters. M is in 1999 aan huis springpaarden gaan fokken, alsmede het trainen en africhten daarvan. M heeft de stal eind 2000 overgedragen aan X, waarbij ook goodwill is bedongen. Voor 2000 is in geschil of X ib-ondernemer is. Rechtbank Haarlem oordeelt dat X met haar activiteiten niet in enigszins betekenende mate buiten de familiesfeer is getreden. Zo heeft X de stal van M overgenomen tegen een zodanige prijs waardoor M er geen schulden aan zou overhouden. X gaat in hoger beroep.Hof Amsterdam oordeelt dat het trainen en verzorgen van paarden van derden verwaarloosbaar is in verhouding tot de binnen de familiesfeer verrichte werkzaamheden. Veruit het grootste deel van de totale activiteiten die door X werden verricht, vonden namelijk plaats ten behoeve van de paarden van A. De vergoedingen die A meestal betaalde, lagen bovendien meestal ver onder de normale zakelijke prijzen. Het maakt niet uit dat X de eigendom verkreeg van de veulens die uit de paarden van A geboren zouden worden. De stal is geen bron van inkomen, zodat X ten onrechte kosten heeft afgetrokken en een FOR heeft gevormd.

Meer informatie: Hof Amsterdam, MK II, 30 september 2010, nr. P08/00788

Of registreer je om te kunnen reageren.