Redactieblog

138 x bekeken

Vaste arbeid stabiel, seizoensarbeid stijgt

Het aantal op het agrarisch bedrijf meewerkende arbeidskrachten is in 2007 gelijk gebleven ten opzichte van 2006.

Het aantal arbeidsuren voor tijdelijke krachten is in 2007 met 11 procent gestegen. Het aantal bedrijven waar tijdelijke krachten worden ingezet is in 2007 met 18 procent gestegen.

Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau van de Statistiek (CBS). In Nederland zijn 224.074 mensen voor vast werkzaam in de landbouw. Het gaat om 96.602 mannen en 55.315 vrouwen.

Ruim 68 procent van vaste medewerkers in de land- en tuinbouw zijn werkzaam op het eigen gezindsbedrijf. Het aantal gezinskrachten daalde in 2007 met 3 procent naar 151.917 krachten. De verhouding tussen het aantal mannen en vrouwen dat werkzaam is in de land- en tuinbouw is bij gezinsbedrijven en de totale landbouw gelijk: eenderde van de medewerkers in de land- en tuinbouw is vrouw.

Het aantal arbeidsjaareenheden, een maat voor het arbeidsvolume waarbij alle banen worden omgerekend naar voltijdkrachten, is voor vaste krachten in 2007 stabiel gebleven op 150.993 voltijdbanen. Het aantal uren arbeid dat wordt ingevuld met seizoensarbeid is met 11 procent gestegen naar 18.578 banen. In 2006 steeg het aantal arbeidsplaatsen voor tijdelijke krachten ook al met 8 procent.

Het aantal bedrijven waar tijdelijke arbeidskrachten worden ingezet is in 2007 28.529. Dat is 18 procent meer dan in 2006, toen het ook al met 18 procent was gestegen ten opzichte van het jaar ervoor. Het aantal bedrijven met vaste krachten is met 15.336 met 7 procent gedaald. Hierdoor lijken de vaste krachten vervangen te worden door seizoensarbeid.

Of registreer je om te kunnen reageren.