Redactieblog

273 x bekeken

Tunnelblik

Zoekt en gij zult vinden, zo luidt toch het spreekwoord?

Nou, voor vrouwen is het misschien waar, maar voor mannen zeker niet. Mannen kunnen nooit iets vinden, zelfs niet als het vlak voor hun neus ligt. Dat verzin ik niet, het is echt zo.
Ik was er onlangs getuige van toen ik voor een verhaal op bezoek was bij een zeugenhouder. „Aly, waar liggen die uitdraaien van de kraamstal?”, riep hij terwijl hij druk heen en weer liep. „Kijk eens op je bureau lieverd”, antwoordde zij beminnelijk. „Daar liggen ze niet.” „Heb je al gekeken?” „Jahaaa.” Vervolgens toverde zij in één beweging de papieren van zijn bureau. „Volgende keer beter kijken”, zei ze nog. Dat had ze net zo goed niet kunnen zeggen, want hij kan er niks aan doen.

Het komt doordat zijn hersenen anders werken dan de hare. Mannelijke hersenhelften werken minder goed samen dan vrouwelijke. Dat maakt dat mannen heel scherp en gericht kunnen kijken, maar ze hebben daarbij wel een tunnelblik. Het is net of ze door een koker kijken. Dat is er de oorzaak van dat ze in de koelkast wél de boter zien, maar níet de kaas die er vlak naast ligt.

Voor vrouwen is dit onbegrijpelijk, hun blik is namelijk veel breder. Zij kan bij wijze van spreken over allebei haar schouders kijken en dat nog tegelijkertijd ook. Toen ik dat de zoekende varkenshouder vertelde, keek hij ineens zorgelijk naar zijn vrouw en vroeg: „Als jij staat te strijken, kun je dan meteen ook zien wat ik op het beeldscherm van mijn computer heb staan?”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.