Home

Achtergrond 2393 x bekeken laatste update:21 jun 2017

Big data staan of vallen met vertrouwen

Big data zetten de landbouw de komende jaren op zijn kop. De vraag is of de datarevolutie de grote agriconcerns of juist boeren machtiger maakt.

Vriend en vijand zijn het erover eens: de landbouw staat aan de vooravond van een digitale revolutie. Het gebruik van grote stromen data maakt een landbouw mogelijk die schoner werkt en meer oplevert. Maar de vraag is wie profiteert van de revolutie. Het eigendom van de data en veilige transport en opslag zijn vanuit boerenoogpunt belangrijke zorgen.

De datarevolutie maakt een landbouw mogelijk waarbij de productiemiddelen, van arbeid tot trekkers en van kunstmest tot financiën, slimmer kunnen worden ingezet. De revolutie is mogelijk door de vindingrijkheid van technologiebedrijven, die het transporteren en combineren van steeds grotere datasets mogelijk maken. Data die worden verzameld met steeds gevoeligere sensoren op landbouwmachines, robots, drones en satellieten, maar ook sensoren in bijvoorbeeld de bodem en dieren zelf (zie ‘Koe gaat 24/7 online’, onderaan dit artikel).

Voor- en nadelen van datarevolutie

Via internet kunnen gegevens van apparaten automatisch worden uitgewisseld. Software zet de data op een rij en kan de boer in real time helpen een besluit te nemen. Niet op het niveau van een akker of stal, maar op een veel specifieker niveau. Het gebruik van data leidt tot een landbouw waarbij steeds wordt gezocht naar de beste oplossing voor een individuele plant of een individueel dier.

In theorie leidt een datagedreven landbouw tot minder druk op het milieu, gezondere planten en dieren en een hogere opbrengst. De datarevolutie heeft ook een keerzijde. Informatie over bodem en klimaat kunnen bijvoorbeeld de waarde van landbouwgrond mede gaan bepalen. En de vraag is of de boer ook financieel wijzer wordt van data, of dat machtige toeleveranciers en afnemers de extra marge die met data gerealiseerd wordt, opsnoepen.

Met een applicatie op de smartphone kunnen boeren koeien lokaliseren en snel gegevens van individuele koeien raadplegen. - Foto: Bert Jansen
Met een applicatie op de smartphone kunnen boeren koeien lokaliseren en snel gegevens van individuele koeien raadplegen. - Foto: Bert Jansen

Big data als big business

Met de data denken bedrijven betere producten en diensten te kunnen leveren. Meer toegevoegde waarde en dus extra inkomsten. Zaadveredelaar en producent van gewasbeschermingsmiddelen Monsanto zet het grootst in op data. Eind 2013 kocht Monsanto voor bijna $ 1 miljard het bedrijf The Climate Corporation. Monsanto gelooft dat data naast de verkoop van zaden en Roundup een grote bron van inkomsten zullen worden. Een markt van in potentie $ 20 – $ 25 miljard.

The Climate Corporation is in het dataveld de koploper. Het bedrijf uit San Francisco is in 2009 opgericht door ex-Google-werknemers. Het bedrijf koppelt gegevens over het weer, de bodem en de gewassen. Het bedrijf nam in Europa de Estlandse onderneming VitalFields over. Een bedrijf met vooral boekhoudkundige programma‘s. Monsanto staat niet alleen: steeds meer bedrijven verzamelen op het boerenerf data, en dat roept vragen op.

De belangrijkste vraag is wie eigenlijk eigenaar is van de data. In principe zijn dat de boeren zelf. Maar zodra zij contracten afsluiten, zijn er voorwaarden.

Gebruikersvoorwaarden

Volgens Tobias Menne, ‘Global Head Digital Farming’ van Bayer dat Monsanto probeert te kopen, moet over de voorwaarden een groot debat plaatsvinden. Daarbij kan de sector inspiratie opdoen, door te kijken naar vergelijkbare discussies die zijn gevoerd over hoe bijvoorbeeld Google en Facebook met gebruikersgegevens omgaan.

Menne: “Iedereen zegt: de data van de boeren. Maar lees de gebruikersvoorwaarden van trekkerfabrikanten. Dan blijkt dat je bij de aanschaf toestemming geeft aan de leverancier om data te verzamelen over de machine en alle apparaten die eraan zijn gekoppeld. Vaak is er wel een ontsnappingsclausule, maar wie verdiept zich hierin en weet deze te vinden?” De verzamelde data kunnen worden gebruikt voor een betere bediening, maar ook marketing.

Gedragscode voor uitwisseling bedrijfsgegevens

DuPont Pioneer, een agrochemisch bedrijf, stelt in zijn voorwaarden dat geanonimiseerde data over opbrengsten en het gebruik van zijn producten mogen worden gebruikt en gepubliceerd voor elk doel. De overeenkomst komt erop neer dat wanneer je een product wil gebruiken, je toestemming geeft je gegevens te oogsten, of je moeite moet doen dit te voorkomen. Uiteindelijk staan of vallen big data met vertrouwen.

De Brancheorganisatie Akkerbouw heeft als remedie een gedragscode opgesteld voor de uitwisseling van bedrijfsgegevens. De code komt neer op zelfregulering en heeft geen wettelijke status, maar wordt volgens de brancheorganisatie ondersteund door telers, handel en verwerking. De code geldt voor ieder bedrijf en iedere instantie die zaken doet met bedrijven in de akkerbouw. De teler behoudt de rechten op zijn gegevens, maar staat er wel voor in dat ze juist en volledig zijn.

Met sensoren wordt bij steeds meer akkerbouwers de bodemvochtheid gemeten. - Foto: Henk Riswick
Met sensoren wordt bij steeds meer akkerbouwers de bodemvochtheid gemeten. - Foto: Henk Riswick

Beveiliging data

De afnemer van de data moet vooraf het gebruiksdoel melden aan de teler, die beslist of dat mag. De afnemer van de data moet volgens de code de data zo goed mogelijk beveiligen tegen verlies, diefstal en onbevoegde toegang. Bovendien moeten regelmatig back-ups worden gemaakt om te voorkomen dat de data verloren gaan. De code moet het gebruik van data bevorderen, terwijl de akkerbouwer nadrukkelijk aan het stuur blijft zitten.

De gedachte dat de datarevolutie vooral ook een boerenrevolutie moet zijn, is ook de kern van de coöperatieve Datahub, die op 1 juli van start gaat. De Datahub verzorgt het transport van data vanaf het boerenerf naar applicatieleveranciers en omgekeerd. Het is een spreekwoordelijke snelweg. De coöperatie is opgericht door drie coöperaties, LTO Nederland en EDI-Circle en heeft geen winstoogmerk.

Privacyzekere datasnelweg

De coöperaties hadden zich eerder verenigd in Stichting Smart Dairy Farming: CRV (rundveegenetica), Agrifirm (mengvoer, akkerbouw) en FrieslandCampina (zuivel). De stichting ging in 2013 van start met onder meer als doel een privacyzekere datasnelweg te bouwen waar applicaties van derden aan kunnen worden gehangen. Toegang tot de snelweg is niet beperkt tot de organisaties die de coöperatie vormen; doel is een maximale deelname.

Het basisprincipe is net als bij de gedragscode dat de boer eigenaar blijft van de data. Ook hier is geen sprake van een wettelijke plicht. Door samen één datahub te gebruiken, kunnen de kosten volgens voorzitter Ton Loman laag gehouden worden. Lage kosten maken het zowel voor applicatiebouwers als boeren aantrekkelijk de datahub te gebruiken. De organisatie voorkomt dat bedrijven zelf het datatransport gaan organiseren, tegen een hoge vergoeding.

Deelname EDI-circle aan datahub belangrijk

De deelname van CRV, Agrifirm en FrieslandCampina garandeert dat de hub alvast de kritische massa bereikt, waarmee kosten kunnen worden gedrukt. Momenteel wordt het gebruik van de datahub ook actief besproken met partijen in andere sectoren. De deelname van EDI-circle is volgens Loman ook belangrijk. Eerder al was met de aankoop van Infobroker van Rovecom eind 2016 de hub gereed voor dynamische data, zoals robotboeren die met poortjes de weidegang registreren.

Onafhankelijk toezicht op machtigingenregister

Dit jaar verkreeg de stichting ook het machtigingenregister van Van Aaken ICT. Via het machtigingenregister geeft de boer aan of een partij gebruik mag maken van data, en voor welk doeleinde. Om onafhankelijk toezicht op het machtigingenregister te garanderen, is LTO Nederland hiervoor verantwoordelijk gemaakt. “Je mag niet de verdenking op je laten dat de agribusiness met haar commerciële belangen aan de knoppen draait”, aldus Loman.

Een nieuwe slag werd geslagen met de toetreding van EDI-Circle tot de coöperatie. EDI-Circle is een samenwerkingsverband van agrarische ccountants, dat al ruim twaalf jaar een datahub exploiteert. Hierover stromen financiële en technische data, zoals factuurgegevens. Loman denkt dat het gebruik van data in de landbouw na een moeizame start in de afgelopen jaren een vlucht zal nemen. Daarbij gaan boeren volgens Loman een harde lijn trekken bij het soort data dat gedeeld wordt, en onder welke voorwaarden.

Bodem, weer en groeigegevens koppelen

In de akkerbouw worden big data op allerlei manieren toegepast. Een grote groep softwareontwikkelaars richt zich op het koppelen van meteorologische informatie, gegevens over bodemgesteldheid en het vochtgehalte en de stand en groei van het gewas. De gegevens worden in managementsystemen ingeladen. De boer kan met de gegevens oogstramingen maken en per (deel van een) perceel kunnen de beste momenten voor het zaaien, spuiten, kunstmest aanbrengen en oogsten worden bepaald.

The Climate Corporation, onderdeel van Monsanto, biedt hiervoor het grootste programma aan: FieldView, dat inmiddels 4 miljoen hectare in de VS en Brazilië ‘dekt’. Volgens Monsanto geldt: hoe meer hectares, hoe beter. Niet alleen commercieel, maar ook om de programma’s te verbeteren. Onder meer BASF werkt aan een vergelijkbaar veelomvattend beslissingsprogramma met de naam Maglis, dat nu in Canada is gelanceerd voor gebruik in de koolzaadteelt.

Bedrijven 24/7 monitoren

Aan de kant van certificeringsinstellingen wordt gekeken naar de mogelijkheid bedrijven 24 uur per dag en zeven dagen in de week te monitoren met de gegevens over de inzet van productiemiddelen. “Het levert in theorie betere controle op, en bespaart boeren de tijd en stress van audits”, zegt directeur Kristian Moeller van GlobalGAP, een koepelorganisatie waarbinnen supermarkten samen standaarden vastleggen. “Maar het is ook niet eenvoudig de natuur in data te vangen; het is een proces van lange adem en vooral samenwerking tussen allerlei partijen.”

Koe gaat 24/7 online

Precisielandbouw wordt als begrip vaak gekoppeld aan oplossingen voor de akkerbouw, maar ook in de veehouderij wordt gewerkt aan oplossingen die gezondere en productievere dieren moeten opleveren. De faculteit Diergeneeskunde van de universiteit Utrecht en Invenit richtten in april samen een joint venture op. De joint venture heet Connected Animals en is een zakelijke voortzetting van het geruchtmakende onderzoeksproject ‘Happy Healthy Cow’.

De faculteit diergeneeskunde van de universiteit werkte binnen het project samen met ingenieurs, ict’ers en de zuivel aan een ‘koesensor’. De sensor verzamelt en analyseert actuele informatie over gezondheid, welzijn, productie en voeding van de koe. Het gaat daarbij zowel om fysiologische parameters, zoals druk in de buikholte, als om bijvoorbeeld de hartslag en temperatuur. Ook verzamelt de sensor informatie over de beweging en positie van de dieren in de weide en op stal.

Gebruik van poortjes door robotboeren

Een ander voorbeeld van hoe data worden toegepast in de veehouderij is het gebruiken van poortjes door robotboeren, die zo kunnen aantonen of hun dieren voldoende in de wei zijn geweest om een weidepremie te ontvangen van FrieslandCampina. De gegevens zijn niet real time, maar worden gebundeld aangeleverd om datatransport goedkoop te houden.

Of registreer je om te kunnen reageren.