Home

Achtergrond 6575 x bekeken 1 reactie

Fosfaatrechten: alle feiten op een rij

Het wetsvoorstel voor de invoering van fosfaatrechten voor de melkveehouderij is naar de Tweede Kamer gestuurd. Daarmee zijn de details over de wijze waarop staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken de melkveehouderij wil begrenzen bekend.

Omdat de melkveehouderij fors meer fosfaat produceert dan het nationale plafond toelaat, moet de sector fors inkrimpen. Zonder deze krimp dreigt Nederland de derogatie om meer mest te mogen uitrijden te verliezen.

Melkveehouders krijgen op basis van de melkveestapel die ze op 2 juli 2015 hadden fosfaatrechten toebedeeld. Als de wet wordt aangenomen, mogen melkveehouders per 1 januari 2017 niet meer koeien houden dan op 2 juli 2015. Vervolgens volgt per 1 januari 2018 een generieke korting, om ervoor te zorgen dat de fosfaatproductie weer onder het plafond komt.

Grondgebonden bedrijven lijken niet volledig gecompenseerd te worden bij deze generieke korting. Van Dam probeert deze korting niet hoger uit te laten komen dan 8%, maar geeft geen garanties.

Compensatie grondgebonden

Hoewel in de Tweede Kamer een motie is aangenomen dat grondgebonden bedrijven volledig gecompenseerd moeten worden bij de generieke korting, ziet het er naar uit dat dit niet gaat gebeuren. Van Dam schrijft dat hij grondgebonden en biologische bedrijven 'in enige mate' wil compenseren. In welke mate dat is, hangt af van de definitief toegekende rechten, de afroming bij handel in rechten en de omvang van de knelgevallenregeling. De fosfaatruimte moet over deze posten verdeeld worden. De vraag is of de Tweede Kamer voet bij stuk houdt en Van Dam tot volledige compensatie dwingt.

Generieke korting

Van Dam zegt de generieke korting binnen 8% te willen houden, maar geeft nog geen garanties. Doordat de fosfaatproductie aanzienlijk hoger was dan de vooraf aangenomen overschrijding van 4% van het fosfaatplafond, wordt het lastig om binnen de 8% te blijven. De sector dringt er wel op aan om niet meer dan 8% te korten. In juli 2017 wordt de definitieve korting bekend. Deze hangt af van het aantal definitief toegekende rechten, hoeveel fosfaatruimte er nodig is voor de knelgevallenregeling en voor compensatie van grondgebonden bedrijven. Hoe meer ruimte hiervoor nodig is, hoe hoger de generieke korting.

Knelgevallen

De knelgevallenregeling is – zoals aangekondigd – zeer sober. Alleen bedrijven die op 2 juli 2015 een afwijkende fosfaatproductie hadden als gevolg van buitengewone omstandigheden als ziekte van de landbouwer, bouwwerkzaamheden, diergezondheidsproblemen, ziekte of overlijden van een persoon van het samenwerkingsverband van de landbouwer of een bloed- of aanverwant in de eerste graad, of vernieling van (een deel van) de melkveestallen. Voorwaarde is dat er minimaal 5% minder melkveefosfaat werd geproduceerd dan gebruikelijk. Voor bedrijven die aantoonbaar onomkeerbare financieringsverplichtingen zijn aangegaan, of waar de veebezetting op de peildatum aantoonbaar hoofdzakelijk bestond uit jongvee in verband met uitbreidingsplannen, vallen niet onder de knelgevallenregeling. Ook nieuw gestarte bedrijven niet. Reden hiervoor is de zwakke juridische houdbaarheid. Bedrijfsopvolgers worden wel ontzien bij overdracht van fosfaatrechten. Voor overdracht aan eerste-, tweede- of derdegraads bloed- of aanverwanten geldt de afroming van 10% niet. Van Dam geeft hiermee gehoor aan de wens van de Tweede Kamer.

Webinar over fosfaatrechten
Boerderij
organiseert een webinar waarin u tekst en uitleg krijgt over het wetsvoorstel fosfaatrechten en de impact ervan voor uw bedrijf. Het vindt plaats op dinsdag 20 september om 10.30 uur. Een webinar is een online-studiebijeenkomst waarvoor u de deur niet uit hoeft. U volgt het van achter uw pc, laptop of smartphone. Meld u gratis aan op www.boerderij.nl/webinar-fosfaat.

Korting bij overdracht

Bij handel in fosfaatrechten moet bij iedere transactie 10% van de rechten worden ingeleverd (afgeroomd) bij de fosfaatbank. De verwachting is dat jaarlijks 3% van de totale rechten verhandeld zal worden. De waarde van de rechten wordt bepaald door de markt en is mede afhankelijk van de termijn waarop de rechten nodig zijn. Vooralsnog is er geen einddatum. Op basis van de gemiddelde prijs voor melkquotum is de verwachte prijs voor fosfaatrechten €100 per kilo fosfaat.

Lease

Lease van fosfaatrechten is mogelijk, maar ook hier geldt een korting van 10%. In feite is lease een overdracht met 2 transacties waarbij binnen een kalenderjaar de fosfaatrechten weer teruggaan naar de eigenaar. Daarbij wordt afgesproken dat de 'leaser' de rechten kan benutten en de verleaser de rechten niet zal benutten. Zonder vrijstelling zou lease van rechten 2 keer afgeroomd worden. De transactie waarbij de rechten weer teruggaan naar de eigenaar zijn vrijgesteld van afroming.

Vleesveehouderij is een apart verhaal. Voor stieren zijn geen fosfaatrechten nodig, voor vrouwelijk vee wel.<br /><em>Foto: Michel Velderman </em>
Vleesveehouderij is een apart verhaal. Voor stieren zijn geen fosfaatrechten nodig, voor vrouwelijk vee wel.
Foto: Michel Velderman

Fosfaatbank

De rechten die moeten worden ingeleverd, komen in de fosfaatbank terecht. Als de fosfaatproductie weer onder het plafond is, worden rechten weer uitgegeven. Deze rechten zijn niet verhandelbaar en worden alleen toegekend als boeren aan voorwaarden voldoen op het gebied van grondgebondenheid, duurzaamheid en dierenwelzijn. Jonge boeren zullen extra worden ondersteund. Boeren die aan alle voorwaarden voldoen, krijgen voorrang.

Geen afschrijving

Op aangekochte fosfaatrechten kan niet worden afgeschreven, omdat er geen einddatum is vastgesteld. Zodra er een einddatum zou zijn, kan afschrijving alsnog mogelijk worden. De Vereniging van Agrarische Accountants (VLB) pleit ervoor afschrijving wel mogelijk te maken. Een soortgelijke discussie speelde ook bij aangekochte varkens- en pluimveerechten. Uiteindelijk heeft de Belastingdienst in juni 2015 op die productierechten wel een afschrijving van maximaal 20% per jaar toegestaan. Dat is gebaseerd op een verondersteld einddatum 31-12-2017.

Forse boetes

Als een melkveehouder gemiddeld in een jaar meer melkvee houdt dan het aantal fosfaatrechten toestaat, geldt geen vaste boete. Voor overtredingen is in principe het strafrecht van toepassing. Dat gaat via de zogenoemde Wet op de economische delicten, net als bij de varkens- en pluimveerechten. Dan zijn forse boetes mogelijk die doorgaans zijn gebaseerd op het economisch voordeel dat de overtreding heeft opgeleverd. Daarnaast kan het ministerie een zogenoemd dagplafond opleggen. In dat geval is niet het gemiddelde aantal dieren (melkvee) van toepassing, maar bepalen de toegekende fosfaatrechten per dag het aantal stuks melkvee dat op een bedrijf aanwezig mag zijn.

Mogelijke korting varkens- en pluimveerechten

Het wetsvoorstel maakt het mogelijk dat ook de varkens- en pluimveehouders generiek gekort worden op hun rechten. Het kabinet wil deze sectoren generiek kunnen korten als blijkt dat zij ook in 2016 boven het sectorale fosfaatplafond uitkomen, zoals in 2015 gebeurde. Op 1 juli 2017 wordt bepaald of een generieke korting op varkens- en pluimveerechten nodig is.

Omzetting van productierechten

De wet biedt de mogelijkheid om een regeling te maken voor overdracht van rechten tussen varkens-, pluimvee- en melkveehouders, mits de sectoren daarmee instemmen. Zover is het dus nog niet. Het omzetten van rechten mag alleen als dat niet meer stikstofgassen, fosfaat en fijnstof oplevert, en de boer op wiens naam de rechten staan, instemt met de omzetting.

Positie extensief bedrijf grootste discussiepunt

De meeste kritiek op het wetsvoorstel gaat over de grondgebonden bedrijven. Die worden niet geheel gecompenseerd voor de korting. Uiteraard zijn milieuorganisaties hier verbolgen over, maar ook politici en het netwerk Grondig. Het wetsvoorstel gaat voorbij aan een aangenomen Kamermotie. Van Dam moet rekenen op flinke weerstand vanuit de Kamer op dit punt.
Coalitiepartij VVD is bij monde van Kamerlid Helma Lodders positief over het wetsvoorstel. Haar redenering is dat deze wet pijn doet, maar dat het alternatief - geen derogatie - erger is. Ze ziet nog wel een kleine ontsnappingsroute, ze wil dat de mest die in het buitenland wordt afgezet, niet meer meetelt bij de Nederlandse fosfaatproductie. Dat zou de overschrijding van het plafond alweer wat kleiner maken.
De felste kritiek komt van SGP'er Elbert Dijkgraaf. "Het is het slechtste landbouwwetsvoorstel van dit kabinet", zegt hij. Hij stelt dat er geen garantie is dat nu de derogatie wel gehaald wordt, en vindt net als Lodders dat fosfaatexport niet meegerekend moet worden. Het CDA vindt dat er nog te veel onduidelijke punten zijn, zoals de hoogte van de korting.
Cees Romijn van LTO hamert erop dat de korting onder 8% moet blijven. Al zal dat lastig worden als de Tweede Kamer compensatie voor grondgebonden bedrijven afdwingt. Romijn is niet verrast door de magere knelgevallenregeling. Hij hoopt dat financiers zelf met iets komen.
Van Dams voornemen om overdracht binnen familieverband tot de derde generatie te vrijwaren van de afroming bij overdracht, oogst lof van verschillende organisaties.

Mariska Vermaas, Wim Esselink, Esther de Snoo, Johan Oppewal

Eén reactie

  • hooghoes

    Zou het dan toch zo zijn als je niet gegroeidbent ,maar toch gekort kunt worden .

Of registreer je om te kunnen reageren.