Home

Achtergrond 2128 x bekeken

'Agrifirm: scherper aan de wind zeilen'

Agrifirm wil grote slagen maken. Het buitenland lonkt en in het binnenland wil het ‘scherper aan de wind varen’. Een gesprek met de komende en de gaande topman.

Agrifirm is de laatste jaren uitgegroeid tot een van de grootste voerbedrijven in Europa, met tevens een grote divisie die akkerbouwers belevert. Maar het werkveld verandert snel en dus moet de organisatie verder worden ontwikkeld, aldus scheidend topman Ton Loman. Aan zijn opvolger Dick Hordijk de taak het bedrijf internationaal te ontwikkelen, de coöperatie te moderniseren en de verschillende onderdelen beter te laten samenwerken. Meer efficiëntie is het toverwoord.

Agrifirm is van 17.000 leden

Agrifirm zet samen met ForFarmers en De Heus de lijnen uit in de Nederlandse voerwereld. Daarnaast is Agrifirm een van de grotere leveranciers van onder meer zaden, gewasbeschermingsmiddelen en kunstmest en collecteurs van granen. In 2015 was Agrifirm goed voor een netto-omzet van € 2,3 miljard. Het bedrijf zette 7 miljoen ton diervoeding af. Waar de grote concurrenten beursgenoteerd of particulier zijn, is Agrifirm van 17.000 leden.

Het bedrijf is al met al groot geworden, net als zijn aartsrivalen. “Het Nederlandse succes heeft deels veel te maken met de gunstige positie van Nederland als handelsknooppunt, waardoor grondstoffen ruim en tegen een relatief gunstige prijs beschikbaar zijn”, aldus scheidend topman Loman, die 31 jaar in de sector werkzaam was. “Maar ik denk ook dat Nederlanders echt goede ondernemers zijn. Boeren eisen veel en al vroeg heeft de voersector ingezet op R&D.”

'Boeren zeggen wel eens: jullie groeien nog steeds minder hard dan ik.'

Volgens Loman is de schaalvergroting aan de leverancierskant niet te ver doorgeschoten. “De concurrentie is nog altijd enorm. Ik denk dat de schaalvergroting en professionalisering in de voerbranche en het toeleveren van de akkerbouw past bij de schaalvergroting en professionalisering aan de boerenkant. Boeren zeggen wel eens: jullie groeien nog steeds minder hard dan ik.”

Scheidend Agrifirm-topman Ton Loman (rechts) en zijn opvolger Dick Hordijk.<br /><em>Foto: Koos Groenewold</em>
Scheidend Agrifirm-topman Ton Loman (rechts) en zijn opvolger Dick Hordijk.
Foto: Koos Groenewold

Snoeien om te groeien

Loman zwaaide lang de scepter over het ‘oude’ Agrifirm, dat in 2010 samenging met het Brabantse Cehave Landbouwbelang. Na de fusie was Loman aanvankelijk vice-ceo om in 2012 de positie van Kees Sijssens over te nemen. Onder Sijssens raakten de bloedgroepen aan elkaar gewend, onder Loman werden grote wijzigingen in de organisatie ingezet. Het bedrijf nam afscheid van diverse directeuren en managers. Agrifirm was volgens Loman niet scherp genoeg. De organisatie moest sneller, wendbaarder en internationaler worden, en volledig gericht op voer en akkerbouw. Afleidende activiteiten zoals het mechanisatiebedrijf Abemec, werden verkocht. Snoeien om te groeien, leek het devies.

“De balans van Agrifirm is sterker dan ooit en we hebben een paar jaren met goede winsten achter de rug. Er is een nieuwe strategie ontwikkeld, waarbij Agrifirm zich richt op het voeden van dieren en het verzorgen van een gezonde bodem, geholpen door Smart Farming, dus het gebruik van grote datastromen.”

'Het is geen toeval dat in de voerwereld mensen uit de Cargill-stal opduiken'

De raad van commissarissen presenteert Dick Hordijk als Lomans opvolger. Net als ForFarmers-topman Yoram Knoop is Hordijk van Cargill afkomstig.

Bij Cargill (Provimi) was Hordijk in zijn laatste functie verantwoordelijk voor premix en nutritie in Europa, Afrika en het Midden-Oosten. Het is geen toeval, denkt Hordijk, dat in de voerwereld mensen uit de Cargill-stal opduiken. “Het is een uitstekende plaats om veel te leren, over internationalisering, hoe je omgaat met talent en een organisatie inricht.”

Provimi doet voornamelijk zaken met de mengvoerindustrie, die de premixen en additieven doorverkoopt aan boeren. Hordijk: “Bij Agrifirm kom je zelf op het boerenerf; je zit in de kern van voedselvoorziening. Mijn vader werkte als vertegenwoordiger van een veevoerbedrijf en als kind, in de jaren zeventig en tachtig, ging ik dan soms met hem mee op pad. Dat directe contact met boeren, echte ondernemers, de echte economie, heb ik gemist in mijn tijd bij Cargill.”

‘Winst moet omhoog’

Hordijk is niet uit op revolutionaire veranderingen, zegt hij. “Maar natuurlijk kijk ik met een frisse blik naar het bedrijf.” De buitendienst vraagt om meer efficiëntie, stelt hij. “Het gaat erom de tijd over kleine, middelgrote en grote klanten zo te verdelen, dat iedereen tevreden is. Tot op zekere hoogte zijn we in bepaalde opzichten misschien minder efficiënt dan de particuliere en beursgenoteerde concurrentie. In elk geval moet de winstgevendheid omhoog en moeten de kosten voor de boer omlaag.”

Hordijk: ‘Ik denk ook dat we onze internationale organisatie veel meer kunnen uitbuiten. Nederlanders naar China of Polen sturen en andersom mensen hier naartoe halen; daar wordt je organisatie sterker van. Ten slotte zie ik mogelijkheden meer te halen uit de combinatie van activiteiten. Een combinatie van mengvoer, co-producten, premixen en additieven en toelevering van de akkerbouw heb je letterlijk nergens. De kennis in de organisatie moet meer worden gedeeld.”

<em>Foto: Marten Sandburg</em>
Foto: Marten Sandburg

Kritisch kijken naar buitenlandse activiteiten

Wil Agrifirm meer euro’s uit de Nederlandse boer trekken? “Nee, het overgrote deel van de extra winst zal uit het buitenland moeten komen. In Nederland kan misschien nog wel wat meer worden verdiend door producten met nog meer toegevoegde waarde aan te bieden, maar we moeten vooral kritisch kijken naar onze buitenlandse activiteiten. Op welke markten wil Agrifirm actief zijn en op welke manier?”

Agrifirm worstelt met de Duitse markt, geeft Hordijk toe. “Het Nederlandse model is dat je voer met veel toegevoegde waarde verkoopt, omdat boeren de meerwaarde zien, maar in Duitsland koopt men vooral op prijs. Nou willen we niet weg uit Duitsland, maar we moeten wel een formule vinden die werkt.” Agrifirm wil overal waar het actief is een leidende rol spelen.

Betekenis van de coöperatie

De komende periode zal Agrifirm ook onderzoeken wat de betekenis van de coöperatie richting 2020 zal zijn. “Zonder overigens te tornen aan de coöperatieve bedrijfsvorm, want die staat niet ter discussie. Ook niet bij mij persoonlijk, want hoewel ik voor het eerst in een coöperatie werk, spreekt de betrokkenheid van boeren me erg aan. Wellicht duurt het soms wat langer voordat een besluit kan worden genomen, het is dan weloverwogen.”

Of registreer je om te kunnen reageren.