Home

Achtergrond 475 x bekeken

Uitdaging van Paul Murphy: ‘Vaste relaties met bioboeren’

Paul Murphy en Marlene Thimer wonen met hun kinderen Paul, Aidan en Conor in Telkwa, Brits-Columbia (Canada) Ze hebben een biologische varkenshouderij, maar houden voor de risicospreiding ook pluimvee, kalkoenen, vleesvee en schapen..

Aanvankelijk werkten Paul en Marlene regulier, tot die werkwijze begon te knagen. "We begonnen ons te realiseren hoe fragiel de landbouw in de ontwikkelde landen is geworden met al die bulk en monocultuur en grote afnemers die dicteren wat en hoe je moet werken. We wilden zelf weer de controle hebben over het voedsel dat we eten en hoe de dieren gehouden worden. We besloten om te schakelen naar biologisch."

De varkens hebben alle ruimte in het heuvelachtige landschap. De omgeving is zeer dunbevolkt.
De varkens hebben alle ruimte in het heuvelachtige landschap. De omgeving is zeer dunbevolkt.

In 2008 was het zover en hadden ze het certificaat. Op 130 hectare glooiend land grazen, wroeten en rennen nu varkens. "We vinden het belangrijk dat ze hun natuurlijke gedrag kunnen uitoefenen. Daarom laten we de biggen tot 14 weken bij de zeug in plaats van de gebruikelijke 3 tot 4 weken zoals in de reguliere houderij."

Verkoop producten via de webshop

De afzet gaat grotendeels via bestellingen die via de webshop van het bedrijf geplaatst worden. Paul en Marlene regelden verschillende afhaalpunten waar het vlees kan worden afgehaald. Gezien de afstanden is het niet voor iedereen te doen om naar de boerderij te komen. Dat is meteen het knelpunt. De streek is erg dunbevolkt. Heel veel afnemers die per se biologisch willen eten, zijn er daardoor niet. Voldoende afzet zien te regelen, is dus beslist een uitdaging maar niet de grootste wat Paul betreft.

'Soms moeten we 800 kilometer verderop onze voergranen kopen'

De grootste uitdaging zit hem in het feit dat er in dit gebied amper andere biologische bedrijven zijn om mee samen te werken. "Daardoor moeten we soms voergranen en hooi inkopen van bedrijven die wel 800 kilometer verderop liggen. Er zijn in Brits-Columbia enkele hele grote biologische melkveebedrijven en die doen ook een beroep op de beperkt aanwezige gecertificeerde voergranen. Soms kopen zij ineens een grote partij en vissen wij achter het net. Als klein bedrijf moeten we er dus voor zorgen dat we vaste relaties krijgen met andere bedrijven, zodat we zeker zijn van voldoende biologische grondstoffen. Dat is onze grootste uitdaging hier."

Of registreer je om te kunnen reageren.