Home

Achtergrond 1780 x bekeken

'Meer oog voor dierenwelzijn bij antibioticabeleid'

Bij antibioticareductie moet aandacht zijn voor dierenwelzijn, zegt Arjan Stegeman van de Raad voor Dierenaangelegenheden, die dit onderzocht.

Nog minder antibioticagebruik kan het dierenwelzijn schaden. Die vrees uitten dierenartsen na het advies van de Autoriteit Diergeneesmiddelen (SDa) en de Gezondheidsraad om het antibioticagebruik in de veehouderij nog verder te reduceren. Opvallend genoeg is er over het effect van het antibioticabeleid op het dierenwelzijn en de diergezondheid nog weinig bekend. De Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) onderzocht dit, op verzoek van het ministerie van Economische Zaken.

Arjan Stegeman, Hoogleraar Gezondheidszorg landbouwhuisdieren vindt dat er bij verdere reductie van antibioticagebruik meer oog moet zijn voor diergezondheid en dierenwelzijn.</p>
<p><em>Foto: Herbert Wiggerman</em>
Arjan Stegeman, Hoogleraar Gezondheidszorg landbouwhuisdieren vindt dat er bij verdere reductie van antibioticagebruik meer oog moet zijn voor diergezondheid en dierenwelzijn.

Foto: Herbert Wiggerman

Arjan Stegeman, Hoogleraar Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren van de Faculteit Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht, leidde het onderzoek. De conclusie: de reductie van het gebruik van antibiotica lijkt tot nu toe niet tot verslechtering van diergezondheid en dierenwelzijn te hebben geleid. Maar bij verdere daling van het gebruik moet het welzijns- en gezondheidseffect beter gemonitord worden. Stegeman vindt het opvallend dat vanaf de invoering van het antibioticabeleid in 2009 nauwelijks aandacht is geweest voor dierenwelzijn. Het beleid richtte zich alleen op vermindering van het antibioticagebruik.

Hoe is de RDA te werk gegaan?

"We zijn het onderzoek begonnen met een literatuurstudie naar het effect van antibioticareductie op dierenwelzijn. Hieruit blijkt dat de hoeveelheid informatie over dit onderwerp heel beperkt is. Internationaal gezien is er weinig wetenschappelijke informatie beschikbaar. Bovendien geeft de beschikbare literatuur geen eenduidig beeld. Vervolgens zijn we met praktijkdeskundigen aan de slag gegaan om tot een zienswijze te komen over de actuele stand van zaken in de Nederlandse veehouderij."

Welk effect heeft de antibioticareductie op de diergezondheid?

"Het beleid heeft een positief effect op de grondhouding van de veehouder en de dierenarts ten opzichte van het antibioticagebruik. Hierdoor is er meer aandacht gekomen voor preventieve maatregelen voor de gezondheid van de veestapel. Het verplichte bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan dragen hier direct aan bij."

Is het dierenwelzijn hierdoor verbeterd?

"Het curieuze is dat de veehouder heel veel gegevens over diergezondheid en dierenwelzijn registreert, maar dat we het niet monitoren. Denk maar aan gegevens over ziekte en sterfte van de dieren. Maar er is geen vertaalslag waardoor er geen sectorbreed beeld is van het effect van het antibioticabeleid op dierenwelzijn. De kalverhouderij vormt hier een uitzondering op. Door de inrichting van de sector, met de kalverintegraties, zijn de gegevens wat makkelijker inzichtelijk. We weten dat de kalversterfte in de kalverhouderij in de periode 2007-2013 is toegenomen met vanaf 2014 een voorzichtige daling. Als we kijken naar gegevens over mastitis zien we dat het (tank)celgetal licht daalt sinds 2008. Het aantal nieuwe uierinfecties na afkalven is vanaf eind 2013 wel toegenomen."

Hoe kan het dierenwelzijn beter inzichtelijk worden?

"Wanneer deze cijfers beschikbaar zijn, kan het effect van het antibioticabeleid op het dierenwelzijn beter in beeld worden gebracht. Dat zouden we snel moeten doen. Het is voor de veehouder geen extra administratieve last, omdat de gegevens er toch al zijn. Er kan ook een welzijnsmonitor worden gegenereerd aan de hand van een aantal peilbedrijven. Het mooiste zou zijn als deze gegevens worden opgenomen in de kwaliteitssystemen. Dan kun je ook aan de burger laten zien dat je goed scoort. Voorwaarde is wel dat het een werkbaar systeem wordt. Er is al eens een European Welfare Quality systeem gemaakt. Dat bleek echter teveel werk, waardoor het in de ijskast is beland."

<em>Foto: Hans Prinsen</em>
Foto: Hans Prinsen

Het succes van het antibioticabeleid is verschillend per sector. Hoe komt dat?

"De problemen in de kalverhouderij zijn inherent aan het systeem. In deze sector komen de dieren van veel verschillende herkomsten bij elkaar. De melkveehouderij heeft de minste problemen met antibioticagebruik. Dat komt door de opbouw van de veestapel. In de varkens- en vleeskuikenhouderij hebben we te maken met veel jonge dieren. Jonge dieren maken – net als kinderen – de meeste infectieziekten door. Daarbij worden de dieren vaak in grote groepen gehouden, waardoor de kans op verspreiding van infecties naar meer dieren groter is. Het terugdringen van het antibioticagebruik is in de kalverhouderij het lastigst. Samen met de melkveehouderij wordt door de kalverhouderij gezocht naar een oplossing, bijvoorbeeld door de biestvoorziening aan kalveren te verbeteren om ze zo meer weerstand te geven. Daarnaast zou het een optie zijn om kalveren afkomstig uit een bepaalde regio bij elkaar te houden, omdat zij qua weerstand meer op elkaar lijken."

Wat is het belangrijkst bij succesvol reduceren van antibioticagebruik?

"Het vakmanschap van de veehouderij is het aller belangrijkste. Sommige mensen hebben het in vingers, anderen helaas niet."

Heeft de afname van het antibioticagebruik ook negatieve gevolgen?

"Door het ontbreken van data is dat moeilijk te zien. Wel zien we dat de kalversterfte is gestegen sinds er minder antibiotica worden gebruikt. Veel boeren zijn bezig met antibiotica. Dat betekent soms ook dat veehouders te lang wachten met behandelen van dieren, in de hoop dat het dier vanzelf beter wordt."

Is het haalbaar om het antibioticagebruik verder terug te dringen?

"Als de overheid het gebruik verder wil reduceren, moet het beleid vooral gericht zijn op bedrijven die in het benchmarksysteem in het (rode) actiegebied zitten. Deze veelgebruikers moeten ook in het (groene) streefgebied komen. Dit kan door bij bedrijven die het goed doen te kijken naar welke succesfactoren daarbij een rol spelen. De dierenarts kan dit samen met de veehouder doen via het bedrijfsgezondheidsplan. Dat kan zijn door meer preventieve vaccinatie, of bijvoorbeeld door aanpassing van het klimaat of het management op het bedrijf."

Welke mogelijkheden zijn er om meer preventief te werken?

"In het verleden werd bijvoorbeeld bij kalveren een startgift antibiotica gegeven tegen de ziektekiemen. Nu wordt veel meer gekeken hoe de infectieketens doorbroken kunnen worden. In de vleeskalverhouderij en bij vleeskuikens zijn hier zeker maatregelen mogelijk. Denk aan het bij elkaar houden van koppels bij vleeskuikens. Dan voorkom je dat dieren met ziektekiemen van verschillende koppels in aanraking komen. Veel bedrijven zijn ingericht op arbeidsefficiëntie. Dat is niet altijd de juiste werkwijze om verspreiding van infecties te voorkomen. Dat kan bijvoorbeeld wel door koppels dieren op basis van herkomst bij elkaar te houden in plaats van ze te verdelen in uniforme gewichtsgroepen. Hierdoor komen ze met minder verschillende ziektekiemen in aanraking. Je ziet ook dat bedrijven die werken met een all-in en all-out systeem minder infectiedruk hebben. Ook moeten veehouders kritisch zijn op de dieren die ze aanvoeren. Dieren moeten zoveel mogelijk weerstand hebben tegen ziekten. Dat kan bijvoorbeeld via fokkerij, voeding, klimaat en het houderijsysteem.

'Over tien jaar zeggen we dat het antibioticabeleid een zegen voor de veehouderij was.'

Verwacht u dat de resistentie-problematiek opgelost wordt?

"We zitten nu in een overgangsfase. Ik denk dat we over tien jaar zeggen dat het antibioticabeleid een zegen was voor de veehouderij, omdat we er een veel robuustere veehouderij voor terug krijgen. Antibioticagebruik is ook voor de veehouderij een eindig pad. De oude werkwijze gaat nog een paar jaar goed, maar ook dan komen er in de veehouderij meer bacteriën die niet meer te behandelen zijn vanwege resistentie. Doordat nu tijdig maatregelen worden genomen, is er tijd om het probleem op te lossen voordat je al veel schade hebt gemaakt."

Gaan we naar een antibiotica-vrije sector?

"Nee, een antibiotica-vrije sector lukt niet, omdat zieke dieren behandeld moeten worden. Maar een reductie kan nog wel, met name bij de rode bedrijven. Door druk op de sector komt er veel innovatie op gang. Daar heeft Nederland als voorloper voordeel van, omdat dit kan worden uitgebouwd tot een verdienmodel. We moeten van een bedreiging een kans maken. De ontwikkelingen van vroege detectie gaan bijvoorbeeld heel hard. Zo zijn er bijvoorbeeld snuffelpalen in ontwikkeling die ziektekiemen in de lucht kunnen detecteren. En er zijn sneltests in ontwikkeling om te testen welk antibioticum gebruikt moet worden tegen een ziektekiem, zodat je snel en effectief kunt behandelen."

Of registreer je om te kunnen reageren.