Home

Achtergrond 2647 x bekeken

'Landbouw is de oplossing en niet het probleem'

In Noord-Brabant hijgen veehouderij en burgerij elkaar in de nek. Dusdanig dat in 2014 een 'urgentieteam' in het leven is geroepen om knelpunten aan de 'keukentafel' op te lossen en niet voor de rechter. Een succes, aldus verantwoordelijk gedeputeerde Anne-Marie Spierings van Noord-Brabant.

In een totaal verharde situatie waar intensieve veehouderij en burgers jarenlang lijnrecht tegenover elkaar stonden en juridische procedures startten, bleek het toch mogelijk een dialoog op gang te brengen. Uiteindelijk leverde dat een convenant op voor het gebied Ulicoten. In dit urgentiegebied is het eerste concrete dialoogresultaat bereikt. Er zijn echter nog zo'n twintigtal vergelijkbare complexe urgentiegebieden in Noord-Brabant.

Is de aanpak in Ulicoten de oplossing voor de omgevingsproblemen met intensieve veehouderij?

"Ik denk het wel, met name vanwege de manier waarop bewoners en ondernemers samen door dat proces zijn gelopen. Met ook veel complimenten aan DLV-adviseur Erica Bijl die dat proces heeft begeleid. We zien in dit proces dat vertrouwen eigenlijk het sleutelwoord is om wat betreft de veehouderijproblematiek in de breedte er uit te komen."

Erica Bijl is in eerste instantie op persoonlijke titel naar een oplossing in Ulicoten gaan zoeken. Dat klinkt toch weinig planmatig.

"In feite is Ulicoten een soort van voorloper, uit een periode voor we de urgentiegebieden-aanpak echt hebben neergezet. Dat Erica Bijl dat heeft gedaan is haar eigen motivatie geweest, maar vervolgens doen wij dat met het urgentieteam nu in zo'n 60 urgentiegebieden in Brabant."

'Naar de rechter stappen. Daar wordt uiteindelijk niemand gelukkig van.'

Dus Ulicoten is een bevestiging voor u dat u met die urgentieteams op de goede weg bent.

"Ja, het alternatief is dat je voor de rechter probeert je gelijk te halen. Maar uiteindelijk wordt niemand daar gelukkig van want het zet de verhoudingen in een buurt alleen maar verder op scherp. In dialoog probeer je daar gezamenlijk over heen te stappen om te kijken of je niet tot een oplossing kunt komen. Dat Ulicoten tot een goed einde zou komen was lang onduidelijk voor mij. Ik heb een moment gehad dat ik dacht: als ze er niet uit willen komen, dan is dat is niet mijn probleem. Een week later was het opgelost."

Hoe bekend is het urgentieteam en de mogelijkheden?

"Dat is heel snel gegaan. We hebben er bewust voor gekozen niet te veel publiciteit te geven aan dat team om te voorkomen dat in de opbouwfase er teveel te gelijk op hun bord zou komen. Maar we hebben gemerkt dat gemeente via ons reguliere overleg snel zijn aangehaakt. Bewoners die last ervaren treffen elkaar via allerlei burgerplatforms dat gaat als een lopend vuurtje. Dat verklaart ook dat wij vanaf het begin best veel aanvragen hebben gekregen voor hulp."

De veehouderij investeert in luchtwassers om zo de uitstoot van fijn stof en geur te beperken. Foto: Bert Jansen
De veehouderij investeert in luchtwassers om zo de uitstoot van fijn stof en geur te beperken. Foto: Bert Jansen

Een van de mogelijke criteria voor een urgentiegebied is ervaren overlast, hoe meet je dat?

"In feite is dit een experiment om te bepalen hoe wij in de volgende fase met onze regelgeving om moeten gaan, omdat je niet alles kunt objectiveren. Dan doe je in feite geen recht aan wat mensen ervaren. Wie zijn nu met deze aanpak aan het zoeken naar een manier om daar mee om  te gaan. We hebben twee objectieve normen, geur en fijnstof en daarnaast het subjectieve van beleving."

Werkt dat in praktijk die combinatie?

"Ja, we hebben plekken waar feitelijke overschrijdingen zijn van zowel geur als fijnstof waar geen hinder wordt ervaren en het urgentieteam niet wordt ingeschakeld. Maar er zijn ook plekken die volgens de normen wel voldoen maar waar mensen toch overlast ervaren. Het beste voorbeeld daarvan is de vleeskuikenhouderij. Die kuikens blijven een week of zes in de stal voor ze naar de slacht gaan. In die weken hoopt de mest zich op en neemt de geuroverlast toe. In de vijfde en zesde week is het dan vaak niet meer te harden. De normering is ingesteld op het gemiddelde. Daar zoeken we nu een oplossing voor."

Hoeveel urgentiegebieden zijn naast Ulicoten al opgelost?

"De eerste grote is Ulicoten, dat is ook de eerste waar we stevig mee investeren. Er zijn een heel aantal die op het punt staan om opgelost te worden. Ik weet niet precies hoeveel. Er zijn er waarschijnlijk ook al wel opgelost omdat het relatief kleine dingen zijn, zoals het verleggen van een inrit. Er zijn er ook waar nu 'finetunen' plaatsvindt met de gemeente om te zien of het de goede kant opgaat. Daarvan heb ik er vier, vijf op mijn netvlies, die zijn zo goed als klaar zijn."

Welke urgentiegebieden zijn bijna klaar?

"Daar kan ik niet veel over zeggen, die processen liggen heel gevoelig. Er is vaak veel emoties aan beide zijden. Het zijn precaire processen. Bij Ulicoten heb ik regelmatig gedacht dat het echt niet zou gaan lukken. We komen er pas mee naar buiten als we er echt zijn. Er zijn er een aantal die op het punt van afronding staan. Het gaat om de laatste afhechting, financiering, vergunning etc. We denken dat ze allemaal dit jaar opgelost kunnen zijn."

'Het grote geld gaat zitten in bedrijfsverplaatsingen of beëindigingen.'

Is er voldoende financiële ruimte om alle problemen op te lossen, Ulicoten kostte 1,3 miljoen.

"Op dit moment voorzien wij dat dat geen probleem is. Als ze alle 63 zo ingewikkeld zouden zijn als Ulicoten dan werd het wel een probleem, maar dat is gelukkig niet zo. Er zijn er veel waar het in kleine dingen zit. Het grote geld gaat zitten in bedrijfsverplaatsingen of beëindigingen."

Het initiatief ligt bij de gemeente voor de aanpak van urgentiegebieden. Wat is de rol van de provincie?

"In het verleden werd het urgentieteam volledig door de provincie betaald, dat deden we vervolgens wel samen met gemeentes , Brabantse milieufederatie en ZLTO. Maar feitelijk gaat het om lokale situaties. Dus dit jaar proberen we alles wat we geleerd hebben met de urgentiegebieden-aanpak over te dragen aan de gemeenten. In feite moet het zo zijn dat als je een vergunningaanvraag krijgt, dat is in de Verordening Ruimte al ingebouwd, daar een verslag van het gesprek dat met de buren is gevoerd bij moet zitten. De vergunningverlener moet aan de hand van dat verslag bezien of er misschien toch nog meer overlegd moet worden voor er sprake kan zijn ven aan vergunningverlening."

Dus we kunnen na dit jaar zonder urgentieteam verder?

"Ja, de gemeentes moeten dan de manier van handelen als een standaard gedrag gaan vertonen. Niet meer kijken of een vergunningaanvraag voldoet aan de eisen en dan vergunnen, nee, eerst checken. Dat het urgentieteam dit jaar stopt is ook een stok achter de deur, mensen moeten proberen er dit jaar uit te komen. De verwachting is dat de grootste problemen dan ook opgelost zijn."

Ontstaat er geen verschil in aanpak per gemeente? Is dat niet bezwaarlijk?

"Nee, nu is er ook verschil in aanpak. Want er is wel een generieke manier van werken in het urgentieteam, maar vervolgens is elk gebied anders. Het moeten passen bij wat er speelt. Je mag van een gemeente verwachten dat ze beter weten wat er speelt dan een centraal urgentieteam."

In het buitengebied komen steeds meer mensen die geen agrarische achtergrond hebben en de veehouderij als overlast ervaren. Foto: Jan Willem Schouten
In het buitengebied komen steeds meer mensen die geen agrarische achtergrond hebben en de veehouderij als overlast ervaren. Foto: Jan Willem Schouten

Zitten we elkaar nu echt steeds meer in de weg in het buitengebied of kunnen we minder hebben van elkaar?

"Ik weet niet of we elkaar steeds meer in de weg zitten of dat we het gemakkelijker benoemen als we hinder hebben. We hebben in dat buitengebied dat vroeger uitsluitend agrarisch was steeds meer mensen wonen waardoor je ook er meer mensen zijn die overlast kunnen ervaren. We moeten naar een perspectief toe voor dat buitengebied, wat kan waar en hoe ziet de veehouderij van de toekomst er uit. Bedrijven die niet meer stinken en geen fijnstof uitstoten en waar het dierenwelzijn op orde is. Maar ook bedrijven die energieneutraal zijn of zelfs energie leveren aan de buren, die de bodemkwaliteit laten toenemen in plaats van afnemen. Er is een perspectief dat de landbouw de oplossing wordt in plaats van het probleem is."

Hoe staat het met het omgevingsbewustzijn van boeren?

"Bij de meesten mag dat wel wat hoger zijn. Er zijn er veel die in het frame zitten dat ze recht hebben om te produceren en dus ook het recht hebben om ammoniak, fijnstof en stank uit te stoten. Het is vaak het met oogkleppen op gericht zijn op het eigen bedrijf. Het blikveld moet verruimt worden."

Of registreer je om te kunnen reageren.