Home

Achtergrond 759 x bekeken

Actie vereist om muizenschade te beperken

De kans dat muizenplagen terugkomen is groot. Een Early Warning System en een scala aan preventieve maatregelen moeten voorkomen dat een uitbraak in de toekomst weer voor grote schade zorgt.

Het is maandag 18 januari. De percelen van Klaas Sijbesma in Koufurderrige zijn bedekt met een dun laagje sneeuw. De witte neerslag verhult de prima conditie van het grasland, zo zegt de Friese melkveehouder. "Het ligt er weer super bij." Afgelopen winter was dat wel anders. Het bedrijf van de broers Klaas en Meine Sijbesma werd in 2014 hard getroffen door de uitzonderlijk grote veldmuizenplaag. De 100 hectare grasland was getransformeerd tot een kaal en dor maanlandschap. "We hebben alles over kop gehad en opnieuw ingezaaid. We melken 150 koeien en moesten veel ruwvoer aankopen. De financiële schade was enorm", vertelt Sijbesma, die begin 2014 al berichten hoorde over een grote muizenpopulatie op zijn percelen. "Toen de loonwerker in februari met de sleepslang in de weer was, zag hij veel muizen. Ik sloeg er toen geen acht op. Het grasland bleef ook nog maandenlang groen."

Early Warning System

De opmerking van Sijbesma's loonwerker stond niet op zichzelf. Ook op andere plekken in de regio werden tijdens de zachte winter van 2013-2014 ongewoon veel veldmuizen gezien. Dergelijke waarnemingen moeten voortaan direct worden doorgegeven aan een speciaal meldpunt. Dat is essentieel voor een goede werking van een Early Warning System. Met behulp van zo'n signaleringssysteem moet een muizenplaag in de toekomst eerder aan het licht komen en zodoende beheersbaar worden. Volgens Provincie Fryslân is het aan de agrarische sector om het signaleringssysteem op te pakken en te laten werken.
Ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga heeft in het langverwachte muizenrapport  ̶  dat afgelopen maandag werd gepresenteerd op het bedrijf van de Sijbesma's  ̶  een opzet gemaakt van zo'n Early Waring System. De roofvogelstand en het broedsucces van roofvogels zijn daarin meegenomen. "Roofvogels hebben als eerste door dat er veel muizen zijn", vertelt onderzoeker Eddy Wymenga. Roofvogelkenners verwachtten al in het najaar van 2013 dat 2014 een uitzonderlijk muizenjaar zou worden.
In het Early Warning System moeten ook weergegevens worden meegenomen. Weersomstandigheden zijn van grote invloed op schommelingen in muizenpopulaties.

Eddy Wymenga van ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga overhandigt het muizenrapport aan landbouwgedeputeerde Johannes Kramer van Provincie Fryslân. Foto: Bouke Poelsma
Eddy Wymenga van ecologisch onderzoeksbureau Altenburg & Wymenga overhandigt het muizenrapport aan landbouwgedeputeerde Johannes Kramer van Provincie Fryslân. Foto: Bouke Poelsma

Droog weer speelt muis in de kaart

Ook bij de recente muizenplaag speelde het weer een grote rol. Met dank aan een droge zomer en een zeer droog najaar steeg de muizenpopulatie  ̶  die in 2014 bovendien een cycluspiek kende  ̶  zienderogen. De fikse muizenplaag werd vervolgens in de hand gewerkt door enkele belangrijke ruimtelijke factoren.
De open Friese klei- en veelandschappen zijn zeer gevoelig voor muizenuitbraken, zo blijkt. Muizen hebben een voorkeur voor open landschappen. Daar komen relatief weinig roofvogels voor, zodat de knaagdieren er ongestoord hun gang kunnen gaan. De aanwezigheid van meer predatoren is volgens de onderzoekers de reden dat de muizen zich niet naar zandgronden verplaatsten, maar uitsluitend op klei- en veengronden huishielden.

Drooglegging en weidegang

Ook het landgebruik speelt een belangrijke rol in de omvang van de muizenschade. Op satellietbeelden kwamen de aangevreten percelen voor het eerst aan het licht op klei-op-veengronden met een drooglegging van meer dan 100 centimeter (ontwatering ten opzichte van het maaiveld). Bij een drooglegging van meer dan 80 centimeter is de overleving van muizen tijdens natte weersomstandigheden groot, zo denken de onderzoekers. Ook weidegang heeft invloed op de mate van de schade. "Muizen hebben een hekel aan koeien in de wei. Het aantal schademeldingen van boeren die niet aan weidegang doen was duidelijk hoger dan het aantal meldingen van boeren die wel weidegang hanteren", aldus onderzoeker Eddy Wymenga.

Foto: Anne van der Woude.
Foto: Anne van der Woude.

Preventieve maatregelen

Wanneer aan de hand van het Early Warning System blijkt dat er een verhoogde kans is op een muizenuitbraak, kunnen boeren diverse preventieve maatregelen nemen om eventuele schade te voorkomen of te beperken. Een effectieve aanpak begint volgens Altenburg & Wymenga met samenwerking op gebiedsniveau. Dat geldt bijvoorbeeld voor het opzetten van waterpeilen.
Muizen profiteren van een grote drooglegging. In de wintermaanden is het daarom aan te bevelen de waterpeilen in kwetsbare percelen te verhogen (tot in het voorjaar). Deze preventieve maatregel geldt voor zowel muizenrijke als -arme jaren. Het vereist nauwe samenwerking tussen boeren en waterschappen, stelt Altenburg & Wymenga.
Boeren kunnen gezamenlijk zorgen voor betere omstandigheden voor predatoren. Voor veldmuizen is het eventuele risico om als prooi te dienen een belangrijke factor bij de keuze om wel of niet over te gaan op massale voorplanting. Graslandpercelen, bermen en waterkeringen die kort gemaaid de winter ingaan, bieden weinig bescherming aan veldmuizen. Daarvan kunnen predatoren profiteren. Datzelfde geldt voor het plaatsen van extra nestkasten.
Strategische inzet van graslandvernieuwing en mais kan voorkomen dat een muizenuitbraak zich verspreidt. Net als bij veel andere maatregelen is ook bij het creëren van dergelijke brandgangen afstemming met collega-boeren van belang.

Water werkt

Het onder water zetten van percelen is een effectieve manier gebleken om een gat te slaan in de populatie en het ongedierte te verdrijven. Niet overal is dit mogelijk. Bemesting met zwavelstikstof is dan een alternatief. In de praktijk is dit met wisselend succes gedaan, terwijl de werking van water is bewezen. Wanneer er sprake is van een verhoogde kans op een plaagsituatie raadt Altenburg & Wymenga boeren aan te profiteren van zware buien. Dat kan door het waterpeil hoog te houden en water niet snel af te voeren. Daardoor ontstaat snel een plas-dras, waarin muizen verzuipen.
Namens het Actiecomité Muizenschade reageert melkveehouder Jelle Bouma verheugd op het rapport. Hij is blij met de praktische, preventieve handvatten die in het rapport worden aangereikt. Grasland kort de winter in laten gaan, praktisch omgaan met waterpeilen en muizenhaarden opsluiten met maispercelen zijn volgens hem concrete maatregelen om de ernst van een eventuele nieuwe uitbraak te beperken. "Ik vertrouw erop dat het niet weer zo uit de klauwen loopt."
Actie is dan wel vereist. Het risico op een nieuwe uitbraak blijft.

€73 miljoen muizenschade

De recente muizenplaag was uitzonderlijk groot. Vooral Friesland werd zwaar getroffen. 48.000 hectare landbouwgrond werd aangetast, waarvan 26.000 hectare in ernstige mate beschadigd raakte. Met name graslandpercelen op veen- en klei moesten het ontgelden. Zo'n 900 boerenbedrijven werden de dupe van het ongedierte. 80 procent van de boeren op veen en ongeveer de helft van de boeren op klei had muizenschade. De totale landbouwschade bedroeg €73 miljoen, zo berekende LTO.

Of registreer je om te kunnen reageren.