Home

Achtergrond 3168 x bekeken 4 reacties

Groei melkveehouderij liep in 2014 al vast

De melkveehouderij ging in 2014 al over het eigen fosfaatplafond. Het landelijke plafond is nog net niet bereikt. Verdere groei wordt lastig en zal afhangen van de manier waarop de productie begrenst wordt.

Als de melkveehouderij nog verder wil groeien is naast een betere fosfaatefficiency ook fosfaatruimte nodig uit andere sectoren. De cijfers over fosfaatproductie in 2014 laten bijna geen andere conclusie toe. Zeker niet als wordt gerekend met verdere groei van de melkveestapel in 2015.

Dierrechten in verschiet

Vorige week kwam het CBS met cijfers naar buiten over de fosfaatproductie in 2014. Met 172,3 miljoen kilo fosfaat nog net onder het met Brussel afgesproken plafond van 172,9 miljoen kilo. Dat plafond is gebaseerd op de fosfaatproductie in 2002. Als dat plafond word overschreden komt Staatssecretaris Dijksma met maatregelen. Dan moet in ieder geval worden gedacht aan dierrechten voor de grootste sector die nu niet meer is gereguleerd, de melkveehouderij. Dat zou een streep betekenen door de initiatieven vanuit de melkveehouderij om invoering van dierrechten te voorkomen.

Fosfaatproductie kippen en varkens was hoog

Het huidige mestbeleid, met een belangrijke rol voor mestverwerking, is deels het gevolg van de grote fosfaatproductie door varkens en kippen in de jaren 2008-2010. De fosfaatproductie van de Nederlandse veestapel kwam in 2010 uit op 179 miljoen kilo. De varkensstapel produceerde toen bijna 46 miljoen kilo, de pluimveestapel was goed voor 29 miljoen kilo. Dat is respectievelijk 15 en 6 procent boven de productie van deze sectoren in 2002. Er dreigden problemen met de Europese Commissie vanwege overschrijding van het landelijk plafond.

Nieuw mestbeleid hielp verminderen

Een nieuw mestbeleid werd in de steigers gezet door de toenmalige staatssecretaris Bleker. Pijlers van dat beleid waren verplichte mestverwerking van mestoverschotten op bedrijven, optimalisatie van de afzet op Nederlandse grond en voermaatregelen om de fosfaatuitstoot te verminderen. Het leek even de goede kant op te gaan, in 2012 was de totale fosfaatproductie gedaald naar 161 miljoen kilo. Alle sectoren produceerden in 2012 minder fosfaat dan in 2002.

Groei veestapel mogelijk maken

Na 2012 begon de melkveehouderij echter voor te sorteren op de afschaffing van het melkquotum in 2015. Dat was voor een deel wel voorzien en de druk om maatregelen te nemen nam in 2013 al fors toe. Eind 2013 presenteerde de melkveehouderijsector een plan om groei van de veestapel mogelijk te maken zonder teveel groei van de fosfaatproductie. Het is een convenant van LTO Melkveehouderij, de organisatie van de zuivelindustrie NZO, de veevoerfabrikanten verenigd in Nevedi en de agrarische accountants onder de vlag van de VLB. Ingestoken werd op verbetering van voermanagement via de Kringloopwijzer en doorgaan met het verlagen van fosfor in voer zodat er minder fosfaat wordt geproduceerd in de mest. Onderdeel van de afspraken was ook een fosfaatplafond voor melkvee van 84,9 miljoen kilo op basis van 2002.

Fosfaatproductie door plafond

Door de onstuimige groei van de melkveestapel zit de sector nu zelf met een acuut probleem. De fosfaatproductie door melkvee in 2014 is gestegen naar 86,1 miljoen kilo, ruim een miljoen kilo boven het door de sector zelf afgesproken plafond. De melkveehouderij worstelt nu met de consequenties van de afspraken uit 2013.

Strijd om fosfaatruimte

Wat nu dreigt te gebeuren is een strijd om de hoeveelheid fosfaat die de melkveehouderij mag produceren. Tussen melkveebedrijven onderling en tussen de melkveehouderij en andere sectoren. Uit de cijfers van het CBS blijkt dat de productie van melkveefosfaat het hardst is gegroeid in de provincies met relatief weinig vee ten opzichte van de plaatsingsruimte voor mest.

Friese en Groningse productie groeit hard

De fosfaatproductie groeide absoluut het hardst in Groningen en Friesland. In Groningen steeg de fosfaatproductie in twee jaar tijd van 5,2 naar 5,9  miljoen kilo. In Friesland steeg de fosfaatproductie van 14,9 miljoen kilo in 2012 naar 16,6 in 2014. Ten opzichte van het jaar 2002 is de fosfaatproductie door melkvee in Groningen in 2014 18 procent hoger. De Friese melkveestapel produceerde in 2014 5,5 procent meer dan in 2002.

In Noord-Holland, Flevoland en vooral Zeeland is de fosfaatproductie in 2014 al fors hoger dan in 2002, maar de totale productie is vooral in de laatste twee provincies relatief laag. De fosfaatproductie steeg in de intensieve provincies Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant en Limburg wel in 2013 en 2014, maar deze provincies zitten nog wel onder het niveau van 2002. De groei van de melkveestapel is dus vooral opgetreden in de Noordwestelijke provincies.

Varkens- en pluimveehouders dammen niet in

Een ander punt is de verdeling over sectoren. Zowel de varkens- als pluimveehouderij hebben al laten weten dat ze niet willen tornen aan hun aandeel in de landelijke fosfaatproductie. De fosfaatproductie van varkens was in 2014 bijna 2 procent lager dan in 2002, pluimvee produceerde 1 procent boven 2002. In de vleesveehouderij steeg de fosfaatproductie weliswaar sterk in 2014, maar zit in totaal nog bijna 10 procent onder het niveau van 2002.

Groeiruimte onzeker

Met alle seinen die er zijn over verder stijgende vee-aantallen op melkveebedrijven lijkt een verdere stijging van de fosfaatproductie in 2015 een feit. De normen per dier zouden anders wel zeer fors moeten dalen. En dat is niet waarschijnlijk, ook al zijn de normen voor melkvee in 2014 dan fors moeten dalen. Er wordt dan ook rekening mee gehouden dat in 2015 ook het totale fosfaatplafond wordt overschreden.

Beperking productie onvermijdelijk

Tal van opties hebben de revue al gepasseerd. Melkveerechten, fosfaatrechten of de meest ingrijpende optie van een maximale veebezetting, in alle opties is op een of andere manier een beperking van de productie onvermijdelijk.

Toekomstige maatregelen

Verhoging van het landelijk fosfaatplafond zodat er meer productie ruimte ontstaat is vooral een theoretische optie. Het mestbeleid is afgestemd met de Europese Commissie via zogenoemde actieplannen Nitraatrichtlijn. Het huidige Vijfde actieprogramma loopt van 2014 tot en met 2017 en kwam al uiterst moeizaam tot stand. Bovendien zou een verdere verhoging van de fosfaatproductie het mestoverschot alleen maar groter maken. Tot nu toe heeft de opgelopen mestproductie in combinatie met lagere gebruiksnormen al geleid tot meer druk op de mestmarkt. Vooral de afzet van varkensmest verloopt moeizamer dan ander jaren. In dat kader zou de enige optie zijn dat extra fosfaatproductie van melkvee wordt gecompenseerd door een daling in andere sectoren. Dat is nu sowieso juridisch nog niet mogelijk en zal ook afhangen van de vraag of andere sectoren daar aan mee willen werken.

 

Staatssecretaris Dijksma wil nog voor 1 juni met een brief komen over haar plannen.

Laatste reacties

  • somporn

    De melkveehouderij ging in 2014 al over het eigen fosfaatplafond. Het landelijke plafond is nog net niet bereikt. 
    Wanneer is de menselijke fosfaatplafond productie bereikt in NL???????

  • xw

    somporn, al die mensen zijn consumenten die de producten van onze ruwe grondstof (oa melk) kopen, gelukkig wel.

  • koestal

    Het gaat toch om melk en niet om fosfaat

  • Arnens

    Als fosfaat de grens bepaalt, moet je logischerwijs het fosfaat begrenzen. Dieraantallen begrenzen leidt tot (ongewenste) productieverhoging per dier. Melk per hactare geeft geen garantie dat het fosfaat ook begrensd wordt. De  fosfaatproductie 2014 kun je als referentie nemen waarbinnen het het bedrijf moet blijven. Groeien kan dan binnen de referentie door efficienter om te gaan met fosfaat of door grondaankoop waardoor per ha. 80 kg. fosfaatruimte ontstaat. 
    Lijkt mij niet al te ingewikkeld, is eerlijk naar de andere sectoren en t.o.v. de extensieve bedrijven.

Of registreer je om te kunnen reageren.