Home

Achtergrond 546 x bekeken

Waar ligt het grootste belang: wisselkoers of inflatie?

De Europese Centrale Bank (ECB) verwacht dat het inflatiedoel, minder dan maar vlakbij 2 procent, eind 2017 gehaald wordt. Deze voorspelling is gebaseerd op aantrekkende economische groei die de vraag en dus prijzen omhoog stuwt en houdt rekening met lagere olieprijzen en druk op de euro. Daarbij gaat de ECB uit van een gemiddelde wisselkoers van $1,14. Maar in werkelijkheid is de wisselkoers de laatste weken 5 procent gedaald tot $1,05.

Sommige bankanalisten denken dat pariteit met de dollar in het verschiet ligt. Een lagere waarde van de euro kan ertoe leiden dat de export sneller dan de ECB nu verwacht toeneemt en producten van buiten de Eurozone relatief duurder zullen zijn dan nu in ramingen wordt aangenomen. De inflatie kan daarmee zelfs sneller groeien dan gewenst, wat de ECB ertoe kan nopen de geldpers weer een tandje langzamer te laten draaien.

In dat scenario zal de euro ook weer iets aansterken, hoewel de ECB er wel zorg voor zal dragen dat de wisselkoers aantrekkelijk blijft voor de export. De binnenlandse consumptie in de Eurozone is immers nog te zwak om economisch herstel goeddeels alleen te dragen. De export is voor de Eurozone essentieel gebleken. De waarde van de export nam volgens cijfers van Eurostat tussen 2010 en 2014 toe van €87 miljard tot bijna €122 miljard.
Of de export doorgroeit, hangt niet alleen af van de wisselwerking tussen euro en inflatie en wat de ECB belangrijker vindt. Ook Washington is een onzekere factor. De Amerikaanse economie groeit al een tijdje een stuk sneller dan de Europese en de vraag is wanneer de overheid de rente die het berekent aan commerciële banken verhoogd. Wanneer ze de rente verhoogd, zal naar verwachting geld terugstromen van bijvoorbeeld opkomende economieën naar de VS, met als gevolg dat de vraag naar dollars groeit en de dollar meer waard wordt.
Deze week toonde de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, zich nog niet happig op een dergelijk rentebesluit. Voorzitter Janet Yellen vraagt de markt 'geduldig' te zijn. Een renteverhoging in april is onwaarschijnlijk, aldus de 'Fed', waarbij de blik van veel marktvorsers naar juni gaat. De Europese rente blijft voorlopig laag, maar dat kan ook veranderen als de inflatie sneller toeneemt dan verwacht. In navolging van de beleidsrente is ook de Euribor met een looptijd van 3 maanden, vaak referentie bij leningen, met 0,025 procent historisch laag.

Of registreer je om te kunnen reageren.