Home

Achtergrond 551 x bekeken

Zorgen over 'gekke' euro

Fabrice Brégier, topman van vliegtuigbouwer Airbus, liet er als leidende industrieel geen misverstand over bestaan: de Europese Centrale Bank (ECB) moet de volgens hem 'gekke koers' van de euro omlaag duwen.

"Europa kan niet de enige economische zone zijn die zijn munteenheid niet als een wapen ziet", aldus de Fransman, "om zijn economie vooruit te helpen." Brégier wil om precies te zijn een koers tussen de $1,20 en $1,25. Deze week bleef de euro met een koers van $1,36 vooralsnog keihard.

De houding van Brégier is typerend. De ECB werd naar Duits voorbeeld opgericht met één heilig doel: een inflatie van minder dan maar vlakbij 2 procent. De inflatie kwam in juni in de Eurozone uit op een bijzonder laag niveau van 0,5 procent. Gezien de foutmarges waarmee gewerkt wordt, zouden prijzen in werkelijkheid gedaald kunnen zijn. Het risico is dus dat consumenten aankopen uitstellen. Zuid-Europese landen, met activistische monetaire tradities, roepen de ECB in koor op zich te richten op economische groei.
De ECB staat voor een dilemma. Wanneer de inflatie met succes omhoog geduwd wordt, bestaat het risico van een sterkere euro. Dat pakt nadelig uit voor de export, de kurk waar een goed deel van de Nederlandse agribusiness op drijft. Het probleem ligt in de VS. De centrale bank van de VS, de Federal Reserve, lijkt te koersen op afbouw van steunmaatregelen voor de economie vanaf oktober. In dat geval neemt de dollarwaarde toe, en zal de euro normaliter vanzelf minder waard worden.
Inmiddels is echter het optimisme over de economie van de Eurozone ook verbeterd en een hogere inflatie kan de 'winst' van een sterkere dollar zomaar ongedaan maken door de euro omhoog te stuwen. Vooralsnog probeert ECB-voorzitter Mario Draghi vooral de euro omlaag te 'praten', maar het effect van zijn woorden – hij begon er in 2012 al mee - lijkt van steeds kortere duur.
Een belangrijke oorzaak van de sterke euro ligt mogelijk in het feit dat de Eurozone deflatie 'exporteert', oftewel meer exporteert dan importeert. Waar in Nederland en Duitsland nog gesproken van succes, is een surplus in Zuid-Europa vooral gevolg van een scherpe daling van de binnenlandse vraag. Hier ligt ten minste deels hard bezuinigingsbeleid ten grondslag. Het goede nieuws van het spel om de euro en inflatie is dat de rente nu zo laag staat dat ook de Euribor-rente met een looptijd van drie maanden naar onder de 0,20 procent tendeert.

Of registreer je om te kunnen reageren.