Home

Achtergrond 854 x bekeken

’Wateroverlast in Noorden was niet nodig’

Wageningen – De ernstige wateroverlast in het noorden van Nederland met evacuatie van vee en bewoners tot gevolg, was niet nodig geweest. Dat zeggen Erik Querner en Cees Kwakernaak, waterspecialisten bij Alterra, een onderdeel van Wageningen UR.

Eén van de problemen was dat het overtollige water nauwelijks geloosd kon worden vanwege de harde wind in combinatie met de hoge waterstand in de Waddenzee. Volgens Querner en Kwakernaak had deze situatie voorkomen kunnen worden, mits de problemen bij de bron worden aangepakt. Na de wateroverlast van 1998 werden bergingsgebieden aangelegd. Hiermee zouden extreem hoge waterstanden kunnen worden verlaagd. Querner: ”Het is slimmer om het probleem bij de bron aan te pakken en het water bovenstrooms vast te houden. Je kunt de afvoer van een beek bovenstrooms begrenzen door de aanleg van bijvoorbeeld een duiker of een stuw met een beperkte opening. Water stroomt er dan door tot een zeker maximum, daarboven wordt het tegengehouden. Zo kun je snel en flexibel water tijdelijk vasthouden om problemen benedenstrooms te voorkomen”
Uit berekeningen voor de situatie in november 1998 bleek dat met dergelijke stuwen in drie bovenlopen van beken meer dan 3 miljoen kubieke meter water tijdelijk kon worden vastgehouden. Dat leverde een reductie in de piekafvoer van die beken op van zo’n 50 procent. Kwakernaak: ”Door klimaatverandering zal de situatie die nu uitzonderlijk was vaker voorkomen. Het verdient dan ook grote aanbeveling om te verkennen hoe en waar we zoveel mogelijk water in de bovenlopen van beken kunnen vasthouden en hoe effectief dit zal bijdragen aan een structurele vermindering van de hoogwaterproblematiek in het noorden.”

Of registreer je om te kunnen reageren.