Home

Achtergrond 238 x bekeken 3 reacties

Voedselcrisis vraagt krachtige inzet bedrijfsleven

Oud-landbouwminister Gerda Verburg is permanent vertegenwoordiger van Nederland bij onder meer de wereldvoedselorganisatie FAO en het World Food Program (WFP) in Rome. Zij houdt zich bezig met landbouw, voedselzekerheid en klimaatverandering. Eens in de circa zes weken vertaalt zij het Romeinse werk naar het Nederlandse boerenerf. Vandaag deel 1.

’De Romeinse wereld naar het boerenerf’. Papier is geduldig. Dus toen ik werd gevraagd om van tijd tot tijd een column te leveren vanuit de drie Romeinse landbouw- en voedselinstellingen heb ik al sparrend met de uitgever de titel verzonnen. Al een paar dagen denk ik: waar te beginnen? Begin ik bij de schapen, die ’s morgens vroeg bij mij aan de Via Appica Antica opstomen naar het volgende stuk groen om de maag te vullen en als natuurlijke grasmaaier te functioneren? Een prachtig beeld, bekende geur en een mooi geluid. Het boerenerf in het Romeinse!

Maar dat is natuurlijk niet de reden dat ik hier ben. Ik ben benoemd als permanent vertegenwoordiger van Nederland bij de drie in Rome gevestigde VN-organisaties. In 1945 is de FAO opgericht (Food and Agriculture Organization van de VN). Later zijn het WFP (World Food Program) en Ifad (International Fund for Agricultural Development) erbij gekomen.

Toen ging het precies over waar het nu opnieuw (of nog) om gaat. We hebben de land- en tuinbouw nodig voor voedselzekerheid. We hebben boeren en boerinnen nodig, die bereid zijn om iedere dag hard te werken. Ook al verdienen ze soms niet meer dan een schraalbelegde boterham. Of soms helemaal geen boterham. Omdat de oogst mislukt, omdat de opbrengst lager is dan de kostprijs, omdat er een bacterie, kever of ziekte opduikt die het werk van generaties wegvaagt. En kom dan maar weer eens bedrijfsmatig op de been.

Waar haal je geld vandaan om nieuw uitgangsmateriaal te kopen? Zaad en kunstmest of jonge dieren? In Nederland wordt er dan snel en hard gewerkt aan mogelijke oplossingen. Samen met de getroffenen of het nu gaat om boeren of tuinders, MKZ of de Zuid-Aziatische boktor, er komt overleg met belanghebbenden. Ondernemers zitten in Nederland mee aan tafel en ook het gesprek met maatschappelijk middenveld is heel gewoon. Hier in de Romeinse wereld is dat soms nog onwennig.

Ik zal dat toelichten aan de hand van wat eerste ervaringen. De tekorten en hongersnood in de Hoorn van Afrika staan hier iedere dag nadrukkelijk in de spotlights. Hooibouw voor het Wereld Voedsel Programma (WFP), dat noodhulp als kerntaak heeft. Vrijwel iedere dag wordt de laatste stand van zaken besproken. Hoeveel mensen en kinderen worden bereikt, waar wordt voortgang geboekt zodat de ergste nood gelenigd kan worden en waar zijn grote problemen met inkoop, vervoer, veiligheid van mensen of het verdelen van voedsel.

De verwachting is dat het aantal mensen en kinderen dat voor overleven afhankelijk is of wordt van voedselhulp, in september dit jaar zal oplopen tot 11 à 12 miljoen. Gezinnen hebben huis en haard verlaten. Daar is niets meer te vinden, dus ook niets meer te verliezen behalve het eigen leven. Daarom op weg en op zoek naar eten en overleving.

Hier moet het WFP alles uit de kast halen. Heel veel mensen en soms complexe veiligheidssituaties. Gelukkig mogen op grond van speciale spelregels, bedrijven WFP steunen door hun specifieke kennis en kunde in te zetten.

Alle Romeinse organisaties tezamen denken na over hoe de volgende crisis in de Hoorn te voorkomen. Daarbij is het direct inschakelen van het bedrijfsleven geen vanzelfsprekendheid. Toch ligt ook hier voor het bedrijfsleven een belangrijke rol. Hoe komen boeren en boerinnen weer aan de slag? Hoe komen ze aan uitgangsmateriaal, gewasbescherming en bemesting? Hoe aan water in een gebied waarin slechts op 1 procent van het land sprake is van irrigatie tegenover bijvoorbeeld 38 procent in Azië? Gebruik makend van kennis en research die beschikbaar is of kan komen. Goed uitgangsmateriaal beschikbaar krijgen.

In Nederland hebben we een uitstekende zaad- en veredelingssector terwijl de fokkerij van landbouwhuisdieren ook op hoog niveau ligt. Niet dat een Holstein Frisian koe zomaar in Kenia kan worden gehouden. En zaaigoed dat het beste gedijt op Zeeuwse klei of Drents hoogveen, kan niet zomaar de Ethiopische grond in.

Toch denk ik dat voor het voorkomen van de volgende crisis een sterker beroep gedaan kan en moet worden op het bedrijfsleven. Kennis en kunde aanpassen aan de situatie in de Hoorn van Afrika en zorgen dat boeren en boerinnen ’de benen weer onder het lijf krijgen’. Dat past ook prima in het topgebiedenbeleid van het kabinet, dat Agro & Food en Tuinbouw als economische topgebieden erkent.

Ook de topgebieden Water en Logistiek kunnen worden benut. Zodat straks geproduceerd voedsel verwerkt, vervoerd of verstandig opgeslagen kan worden. Regeren is vooruitzien en zonder boeren, tuinders en bedrijven, zal de voedselcrisis blijven. De Romeinse wereld heeft het boerenerf nodig.

Foto

Anne Mieke Ravenshorst

Laatste reacties

  • no-profile-image

    De honger in die landen begint altijd met lange periode van droogte. De water voorziening zal de hoogste prioritijd moeten
    hebben. De gehele wereld is zo langzamere voorzien van kabels,
    gas en olieleidingen, Het moet toch mogelijk zijn, en kan niet anders dat men die gebieden voorziet van water. Als het niet uit de bodem of revieren gehaald kan worden . moet men het uit de
    onuitputtelijke zeeën halen. Schat zo in . Als men de die onzin organisaties zonder echte oplossingen opdoekt. zoveel geld bespaard, dat men duizenden kilometers water leidingen
    per jaar er voor aan kan leggen. Beste mevr van Verburg.

  • no-profile-image

    Wat de politiek sinds het op doeken van het koloniaal beleid niet is gelukt, nl. de bevolking in d eoud kolonieën van voldoend eeten te voorzien. Dit gebeurde ten tijde van de kolonieë wel. Dit probleem is nu in eens een zorg voor het bedrijfsleven. Wie zal dat betalen? Zoete lieve Gerritje? Nee wat dom van me, Het bedrijfsleven betaalt dit en mevr. Verburgh maakt de plannen op papier van omgehakt Oerbos. Iemand zal toch de geldstroom richting arme landen opgang moeten brengen, anders komt het bedrijfsleven niet uit zijn stoel.

  • no-profile-image

    Met respect en waardering kennis genomen van de werkzaamheden van onze oudminister Gerda Verburg. Dat is woekeren met je talenten,en naar ik hoop veel arme mensen de vruchten van mogen plukken.Ik ben trots op zo"n boerendochter!!!

Of registreer je om te kunnen reageren.