Home

Achtergrond 308 x bekeken

'Web als redder van arme boeren'

Internet kan de markt voor agrarische producten transformeren en een grote bijdrage leveren aan het verhogen van de productie in landen met een voedselzekerheidsprobleem. Dat stelt directeur Joost van Odijk van versportaal eFresh.

Met bijna 20.000 leden verspreid over meer dan honderd landen claimt eFresh wereldwijd het grootste, internationale agri-portal te zijn. Waar in de westerse wereld internet de agribusiness al heeft getransformeerd, kan de technologie nu van grote betekenis zijn juist voor kleinschalig opererende boeren in ontwikkelingslanden.

Dat denkt althans Joost van Odijk, eigenaar en directeur van online versportaal eFresh.com. Zowel de impact van opkomende economieën als de impact van internet en netwerken worden volgens hem onderschat.

eFresh is in 2006 opgericht door Get Holding, dat in 2009 failliet ging. Joost van Odijk nam het bedrijf over. Het bedrijf is van oorsprong vooral een interactieve bedrijvengids die versbedrijven online een gezicht moet geven. Van Odijk wil meer toe naar een sociaal netwerk, maar dan specifiek voor twee doelgroepen: de agribusiness en de kleine boer in ontwikkelingslanden. Het sociale netwerk bestaat uit diverse, meertalige online-platformen voor het delen en verspreiden van informatie, bijeenbrengen van partijen en het handelen in producten.

eFresh helpt van oudsher vooral Nederlandse bedrijven zakendoen in opkomende economieën. Het bedrijf heeft bijvoorbeeld een commercieel team in Zuid-China en organiseert daar met lokale partijen beurzen, zoals de Zhangzhou Expo die dit jaar voor de derde keer van 20 tot 22 november wordt georganiseerd in de provincie Fujian. eFresh is nadrukkelijk geen handelsagent, maar een ’matchmaker’ die partijen aan elkaar voorstelt en markt-introducties mogelijk maakt.

Van Odijk wil sinds twee jaar met de technologie ook markten ontsluiten voor kleine boeren en hen met kennisnetwerken en online-cursussen, e-learning, helpen de productie te verhogen.
”Het snel verspreiden van kennis is uiteindelijk de sleutel. Daarom moet de kennis gebundeld worden op één plaats. Je kunt met een internetplatform meer informatie bieden en mensen de kans bieden heel specifiek informatie te zoeken en ook te delen. Zo kun je sneller meer mensen bereiken en tegen minimale kosten.” De kennis komt onder meer van de VN, de universiteit van Michigan en een serie internationale ontwikkelingsorganisaties.

Volgens Van Odijk wordt onderschat welke impact internet kan hebben ook in arme gebieden. ”Er zijn natuurlijk echt gebieden zonder internettoegang, maar in India, China en Afrika neemt de aanwezigheid van gemeenschappelijke plaatsen met internet snel toe. Steeds meer mensen hebben ook een mobiele telefoon.” Voorbeeld is het portaal eFresh India, dat in de lokale taal kleine boeren toegang biedt tot geavanceerde kennis op landbouwgebied voor hun specifieke gewas. Met eFresh India worden vooral kleinschalig opererende boeren in India bereikt door eFresh.

Het bedrijf claimt circa 7.000 Indiase klanten op deze regionale portal. Nabard, een grote staatsbank voor de ontwikkeling van landbouw en platteland, betaalt het lidmaatschapsgeld, zo’n 600 roepie (€ 9,50) voor de boeren. Nabard overweegt volgens Van Odijk het project op te schalen naar 100.000 boeren.

Als het project in India een succes zal zijn, volgen projecten elders. Daarbij kijkt Van Odijk vooral naar China, waar plattelandsontwikkeling achterblijft bij de industriële ontwikkeling.
Van Odijk, die als zakenman in de voedingssector werkte bij onder meer Unilever en Pepsico, vindt de huidige benadering van ontwikkelingslanden traag en weinig effectief. ”Men werkt allemaal voor de eigen toko en vergadert eindeloos voordat men tot beslissingen komt. De verbeteringen die worden bereikt, zijn moeilijk tot niet op te schalen.” De boer heeft volgens eFresh een business-benadering nodig. ”Partijen die geld kunnen verdienen aan productieverbeteringen en ontsluiting van informatie, maken dat deze economisch duurzaam zijn.”

’Hulporganisaties deels inefficiënt’
Ontwikkelingsorganisaties spenderen veel tijd en energie aan werving en aan het zichzelf als merk profileren tegenover andere ontwikkelingsorganisaties. Dat vindt Joost van Odijk, directeur en eigenaar van versportaal eFresh. Ontwikkelingsorganisaties werken daarbij te weinig samen, meent hij. ”Zaken als de efficiënte aanwending van water, gewasbeschermingsmiddelen en mest, betere opslagfaciliteiten en methoden en gebruik van goede zaden moet je in één project vatten voor optimaal effect.” Een leger dure ontwikkelingswerkers wordt wat Van Odijk betreft vervangen door een internetportaal waar diverse organisaties samenwerken en kennis delen met boeren.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.