Home

Achtergrond 259 x bekeken

’WTO-onderhandelaars zijn klaar, de politiek is aan zet’

De WTO is aan kritiek onderhevig, maar vergeet niet het nut ervan, zegt Pieter Gooren. Een nieuw wereldhandelsakkoord verwacht hij dit jaar niet, al zijn de onderhandelaars volgens hem klaar. ”Het is aan de politiek om met de oplossing te komen.”

Al tien jaar lang wordt binnen de Wereldhandelsorganisatie (WTO) overleg gepleegd om te komen tot een nieuw wereldhandelsverdrag. De machtsverschuiving naar opkomende economieën en de Amerikaanse binnenlandse politiek spelen parten. Volgens Pieter Gooren, de Nederlandse landbouwraad in Genève, zijn de onderhandelaars in de Doha-ronde klaar. Het vuurwerk moet nu van de politiek komen, benadrukt hij.

Begin 2011 zei Pascal Lamy, directeur-generaal van de WTO, dat de Doha-ronde voor 80 procent afgerond is. Hoe ver is het overleg sindsdien gevorderd?
”Feitelijk is substantieel niet veel toegevoegd. Wat betreft het landbouwdossier durf ik wel te zeggen dat al in 2008, toen een akkoord afketste, over 85 procent van de inhoud overeenstemming was. De onderhandelingen zijn echter een single undertaking: er is pas een akkoord als over alle punten overeenstemming is.
De sleutel ligt nu bij Nama, de handel in niet-agrarische goederen. De kans dat dit jaar een verdrag wordt getekend, lijkt niet heel groot.”

Waar zit het overleg op vast?
”Vooral de VS wil meer markttoegang in Brazilië en China. Die beroepen zich dan weer op het begin van de onderhandelingen, toen werd gesproken over een ontwikkelingsronde. De VS stelt dat landen als China en Brazilië in de tien jaar dat de ronde loopt een enorme ontwikkeling hebben doorgemaakt, en geen pure ontwikkelingslanden zijn. De machtsverhoudingen zijn ook niet meer hetzelfde.”

Spelen binnenlandse ontwikkelingen een rol bij het vastlopen?
”Ja, zaken als verkiezingen en de stand van de economie spelen vaak een rol. De VS heeft volgend jaar nieuwe presidentsverkiezingen en een verdrag wordt dus bij voorkeur daarvóór afgesloten. Overigens heeft de huidige president het lastig dingen in het Congres gedaan te krijgen en kent de overheid budgetproblemen. Het is voor de VS politiek moeilijk te bewegen.”
Dat zie je bijvoorbeeld op het katoendossier. Een verdrag waarbij arme landen die wat katoen produceren toegang krijgen, dat doet de VS nauwelijks pijn. De VS steunt zijn katoenboeren alleen bij lage prijzen, en de vooruitzichten voor hoge prijzen zijn goed. Dit is het ideale moment om wat weg te geven op dat dossier. De katoenlobby is echter het sterkst in staten waar Republikeinen aan de macht zijn, en de president is een Democraat. Dus als het dossier ter sprake komt, daar ga je dan...”


Heeft de EU schuld aan het vastlopen?
”Het is in 2008 niet door de EU misgegaan, wij vonden het een goede deal. De bal ligt nu ook grotendeels bij andere machtsblokken dan de EU.
De EU heeft op het dossier landbouw al een duidelijke liberaliseringsslag gemaakt, en heeft dus weinig méér weg te geven. Al kun je er vergif op innemen dat landen als Brazilië de Groene Box (waarin agrariërs worden beloond voor maatschappelijke diensten, red.) in een vervolgfase mogelijk op de korrel gaan nemen: hoe groen is die echt? Alles waar een akkoord over was, staat tot het einde tussen haakjes.”

Hoe kan de impasse worden doorbroken?
”Een totale deal wordt nu steeds vaker als plan-A aangeduid, wat impliceert dat er een plan-B is. Met name India is een duidelijk voorstander van een complete deal. Aan plan-B worden termen als early harvest of Doha-light gekoppeld. Het betreft een plan tot een deelakkoord, maar wat daar in zou moeten zitten is onduidelijk.
Het grote compensatiemechanisme, iets weggeven op landbouw ten faveure van de industrie bijvoorbeeld, valt in dat scenario goeddeels weg, en dat kan ook een plan-B lastig maken. Het is in elk geval zo dat de onderhandelaars niet veel meer kunnen doen. Een oplossing moet van de politiek komen.”

Landen sluiten om de leemte te vullen bilaterale verdragen, zoals tussen de EU en Zuid-Korea. Ondermijnt dit een multilateraal verdrag?
”Ja en nee. Europa doet er aan mee door bij pessimisme in de WTO bijvoorbeeld direct te onderhandelen met het Zuid-Amerikaanse handelsblok Mercosur. Volgens de spelregels van de WTO mag dat ook, mits een bilaterale deal geen nieuwe belemmeringen voor andere WTO-lidstaten oplevert. Landen kunnen in een race tot het sluiten van bilaterale deals verzeild raken, wat een push kan zijn voor liberalisering. Tegelijk geldt dat als een sector bilateraal veel inlevert, de weerstand nóg eens in te leveren bij een multilateraal verdrag, groot kan zijn.”

Staat de legitimiteit van de WTO als systeem onder druk?
”Er is kritiek. De WTO heeft ook als taak te zorgen dat afgesproken handelsregels worden nageleefd en er is ook onvrede over uitholling van het dispuutmechanisme. Er lijken te veel zaken te zijn, en het kan voorkomen dat na een panelbeslissing en arbitrage het nog acht jaar duurt voordat de uitspraak wordt geïmplementeerd.
Maar tegelijk erkent iedereen het nut van een op regels gebaseerd handelssysteem. Ik zie geen ander forum ontstaan waar op deze gelijkwaardige basis kan worden gesproken.
Binnen de WTO hebben alle 153 landen een vetorecht. De voedselcrisis heeft geen bom onder het vrijhandelsdenken gelegd, maar het belang van handel onderstreept. De voedselcrisis is toch vooral het gevolg van een tekort aan informatie en het ingrijpen van landen, gericht op de korte termijn, in de voedselmarkt.”

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.