Home

Achtergrond 118 x bekeken

De relatie met Rusland is een intensief dossier

De handelsperikelen tussen Rusland en Nederland naar aanleiding van de Ehec-epidemie hebben een hoog déjà vu-gehalte. In de afgelopen jaren rijgen de conflicten zich aaneen en steeds wordt de oplossing gezocht in het exportcertificaat.

Het meest recente conflict gaat over de export van Nederlandse pluimveeproducten na de uitbraak van laagpathogene aviaire influenza in Kootwijkerbroek. Rusland sloot de grens voor alle producten. Er is lang gepraat tussen de Nederlandse en Russische autoriteiten over een handzame oplossing, die er nu op neer komt dat Nederland bij de export verklaart, dat de producten niet komen uit het gebied waar de pluimveeziekte werd geconstateerd.

Toen Rusland eind vorig jaar in aardappelen aardappelcysteaaltjes vond, werd een importverbod ingesteld voor Nederlandse aardappelen. Dat het ging om aardappelen voor de consumptie en niet voor pootgoed, maakte de Russische autoriteiten niet uit. Het kostte de Nederlandse overheid en de aardappelsector een krap half jaar om de plooien weer glad te strijken en de aardappelexport weer vlot te trekken.

In 2004 ging de Russische grens zeven maanden op slot voor Nederlandse bloemen, groenten en fruit. Rusland stelt - om welke reden dan ook - vragen bij de manier waarop Nederland en andere Europese lidstaten hun exportgoederen controleren en certificeren. De vondst van de minste geringste verontreiniging, beestje of schimmeltje leidt onherroepelijk tot maatregelen, net als een ziekteuitbraak - hoe gering de gevolgen voor de export ook zijn.

Toenmalig productschapvoorzitter Jaap van der Veen constateerde in 2005 dat het Russische importverbod een politiek karakter had. "Rusland wil erkenning als grootmacht, misschien hebben we daar de laatste jaren te weinig aandacht aan geschonken."

De jaarlijkse opening van het land- en tuinbouwseizoen tijdens de Grüne Woche in Berlijn is regelmatig de plaats waar Nederlandse bewindslieden proberen de problemen uit de wereld te helpen. Cees Veerman ging in 2005 in gesprek met zijn Russische collega. Gerda Verburg volgde zijn voorbeeld in 2009 en begin dit jaar kwam Henk Bleker uit Berlijn terug met de boodschap dat de agrarische export naar Rusland nu weer doorgang kon vinden.

Hoe goed de verhouding tussen Bleker en zijn Russische collega Elena Skrynnik ook is, dat zal de geschillen over fytosanitaire en veterinaire inspecties niet uit de wereld helpen. Niet voor niets kreeg staatssecretaris Bleker bij zijn aantreden de boodschap mee dat de Nederlandse export afhankelijk is van de overheidsinspecties. Daarvoor is voortdurende aandacht nodig, stond in het overdrachtsdossier, met als aanvulling: "De acceptatie door Rusland van het Nederlandse fytosanitaire systeem is een intensief beleidsdossier."

Of registreer je om te kunnen reageren.