Home

Achtergrond 83 x bekeken

Ctgb klaar voor de verordening gewasbeschermingsmiddelen

Door de inwerkingtreding van de Europese Verordening voor het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen verandert vanaf dinsdag 14 juni het toelatingsproces voor aanvragen van gewasbeschermingsmiddelen in Europa. Met deze verordening verloopt het aanvraagproces voor gewasbeschermingsmiddelen binnen de Europese lidstaten nu op een uniforme manier.

Het Ctgb heeft de organisatie en betreffende processen in dit kader aangepast. Een belangrijke wijziging is de aanzienlijk kortere tijdlijnen voor de aanvragers van een toelating en de Europese toelatingsorganisaties, zoals het Ctgb. Dit vergt voor beide partijen een goede voorbereiding. Hiervoor is een pre aanvraagoverleg (Presubmission Meeting) in het leven geroepen.

Europa is onder de Verordening gewasbescherming (1107/2009 EG) in drie zones ingedeeld; Nederland behoort tot de centrale zone. De lidstaten hanteren dezelfde methoden en criteria voor de risicobeoordeling en gaan samenwerken bij de beoordeling van middelen. Bij afwijkende omstandigheden kunnen enkele aspecten op nationaal niveau worden beoordeeld.

Een ander belangrijke verschil met het proces onder de Richtlijn 91/4114/EEG zijn de aanzienlijk kortere tijdlijnen voor het beoordelen van aanvragen. Het Ctgb dient binnen 12 maanden te besluiten over een aanvraag. In die periode, als de aanvraag eenmaal is ingediend, kunnen aanvragers slechts tot maximaal 6 maanden de tijd krijgen voor het leveren van aanvullende gegevens. Er wordt dus binnen 18 maanden door het Ctgb een besluit genomen.

Vandaar dat het Ctgb aanvragers adviseert gebruik te maken van de zogenoemde Presubmission Meeting. Dit is een onmisbaar overleg tussen de aanvrager en het Ctgb waarmee een goede voorbereiding van de daadwerkelijke aanvraag voor beiden start. Blijkt namelijk tijdens de aanvraagperiode dat aanvullende informatie nodig is (bijvoorbeeld een studie op gebied van werkzaamheid); dan heeft de aanvrager slechts korte tijd om deze te leveren.

Worden deze gegevens te laat geleverd of blijken deze onvolledig te zijn, dan wordt de aanvraag zonder deze gegevens afgerond. Dat kan betekenen dat niet alle beoogde toepassingen beoordeeld worden cq toegelaten worden. Of mogelijk erger, loopt de aanvrager het risico dat zijn aanvraag niet-ontvankelijk wordt verklaart en hij dus met lege handen staat.

Doordat tijdens de Presubmission meeting het dossier grondig is doorgenomen, kunnen dergelijke situaties voorkomen worden. Bij indiening van de daadwerkelijke aanvraag kan het beoordelingsproces dan optimaal binnen de tijdlijnen verlopen, met een verhoogde kans op een positief besluit.

Arie in t Veld

Of registreer je om te kunnen reageren.