Home

Achtergrond 158 x bekeken 3 reacties

Student de stal in

Ooit was het een club van links-radicale studenten die de landbouw wilde veranderen. Nu is het een nette organisatie die studenten in aanraking brengt met de boerenpraktijk. De Wageningse Boerengroep bestaat veertig jaar. In gesprek met een boerengroeper van nu, student landbouweconomie, Selma van der Haar.

De Wageningse studenten die anno 2011 actief zijn in de Boerengroep kijken met enige verbazing terug op de geschiedenis van hun eigen club. De initiatiefnemers van toen – morgen komen zij bijeen om het veertigjarige bestaan van de organisatie te vieren – hadden uitgesproken opvattingen over de landbouw.

De ’founding fathers’ van de Boerengroep waren links, hadden veel contact met kritische boeren en boerinnen in het land en probeerden vanuit een klein boerderijtje aan de rand van Wageningen het sluimerende verzet tegen de gangbare landbouwpolitiek van toen een stimulans te geven.

De boerengroepers van toen liepen te hoop tegen de uitbuiting van boeren en boerinnen. Ze fulmineerden tegen de landbouwvoormannen die het allemaal maar lieten gebeuren. Ze richten – samen met boeren en boerinnen – oppositiegroepen op als de Werkgroep Beter Zuivelbeleid en Landelijke Boerinnenbelangen. De progressieve intellectuelen uit Wageningen leverden cijfers en argumenten. Ze stonden tot diep in de nacht naast een stencilapparaat om actiepamfletten te vermenigvuldigen die de dag erop werden uitgedeeld in Brussel of Den Haag.

Selma van der Haar is nu actief in de Boerengroep. Zij studeert landbouweconomie en hoopt over een jaar af te studeren. Ze is in de archieven gedoken en spreekt met verbazing, maar zeker ook met sympathie over het verleden van haar clubje. Het was een andere tijd, analyseert ze. Veertig jaar geleden studeerde de zogeheten protestgeneratie in Wageningen. De studenten hadden in de jaren 70 alle tijd, langstudeerders werd geen strobreed in de weg gelegd. De boerengroepers van toen wilden de landbouw veranderen, ze wisten precies wat eraan schortte en wat er moest gebeuren.

De huidige boerengroepers zijn minder uitgesproken, zegt Van der Haar. ”Wij richten ons vooral op studenten. Wie met een bul Wageningen verlaat en bijvoorbeeld op een ministerie gaat werken, moet iets weten van boeren. Het kan gebeuren dat een Wageningse ingenieur beleidsmaker wordt, terwijl hij nog nooit een stal van binnen heeft gezien. Wij proberen in die lacune te voorzien.”

De huidige boerengroepers nemen minder gauw standpunten in, laat staan dat zij boeren stimuleren te ageren tegen het ’dictatoriale bewind’ (terminologie van toen) van de landbouwvoormannen. Van der Haar: ”Wij organiseren debatten, excursies en werkdagen op boerderijen. Ons doel is om studenten en boeren met elkaar in contact te brengen. Niet om boeren te veranderen, maar om studenten de praktijk te laten zien. Het is toch ongehoord dat je biologische landbouw kunt studeren, terwijl je nog nooit op zo’n bedrijf bent geweest!” Maar als de Boerengroep ergens echt niet mee eens is, laat de club zich wel horen, zegt Van der Haar. ”Dan tekenen we protest aan bij het ministerie of schrijven we een opiniestuk in de krant.”

Van der Haar is actief in het inspringtheater van de Boerengroep, het vervolg op het zogeheten boerentoneel waarmee boerengroepers in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw het land doortrokken. Van der Haar: ”Vroeger speelde de Boerengroep een toneelstuk waarin duidelijk werd gemaakt wat fout en goed was. Het inspringtheater van tegenwoordig is persoonlijker. Toeschouwers krijgen de kans om rollen over te nemen. Door ’in te springen’ krijgen mensen in de zaal de kans zich in te leven in iemand anders. Het is actiever en persoonlijker dan het vormingstoneel van vroeger.”

Van der Haar leest in de historische geschriften van haar Boerengroep dat haar voorgangers precies wisten in welke richting de landbouw zich zou moeten ontwikkelen. Er werd in die tijd niet getwijfeld. Zij spreekt daar geen waardeoordeel over uit, sterker nog, zij zegt dat de Boerengroep van nu zich best wat meer met het publieke debat mag bemoeien. Bijvoorbeeld als het gaat over megastallen. Van der Haar: ”Die discussie verloopt tamelijk ongenuanceerd. De grootste schreeuwers overheersen het debat. Bij zo’n emotioneel thema is een rol voor ons weggelegd. Niet om een kant te kiezen, maar om de onderliggende argumenten op tafel te krijgen.”

Om die reden houdt de groep elke week een zogeheten agrarisch koffiemoment. ”We praten dan over actuele agrarische thema’s en nodigen experts uit. In zo’n discussie kun je je mening toetsen aan die van anderen. Dat leidt ook tot visievorming in de Boerengroep. Er is niks mis mee om een mening te hebben.”

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    Wist niet van het bestaan, vast te veel in de stal..............

  • no-profile-image

    Zowel bij het ministerie als bij de WUR ontbreekt het inderdaad aan praktijkkennis. Zij zijn een typisch voorbeeld van de computergeneratie die niet meer zelfstandig kan denken. Men gooit wat gegevens in de computer en daar komt dan vanzelf iets uit. Dit hoeft niet noodzakelijkerwijs overeen te komen met de praktijk, sterker nog: daar wordt niet eens naar gekeken, laat staan gecontroleerd. Dit verschijnsel noemen we tegenwoordig "wetenschap".

  • no-profile-image

    Als Selma klaar zal zijn met haar studie en de studie serieus neemt zal ze gaan rekenen. Daarbij tot de slotsom komen dat ze haar tijd bij de studentenclub (inspringtheater van de boerengroep) verloren tijd is, zoveel zitten roken en drinken.............Mijn koeien houden ook niet van die stinkende drankorgels

Of registreer je om te kunnen reageren.