Home

Achtergrond 160 x bekeken

Kalfsvleessector wil EU-gelden houden na aanpassing GLB

De aanpassing van het Gemeenschappelijke Landbouwbeleid voor de periode van 2014 tot 2020 en de introductie van een uniforme hectaretoeslag (flat-rate) dreigt de vleeskalversector te beroven van 90 procent van de jaarlijkse steun. Ofwel 36 van de 40 miljoen euro.

Dat wil de vleeskalverhouderij zich niet laten gebeuren, hoe goed de bedrijfstak het ook doet. Geen enkele agrarische bedrijfstak in Nederland die steun ontvangt, wil zo maar het overgrote deel daarvan kwijt. Dat zou een te grote economische schok zijn. De vleeskalverhouderij wil op zijn minst een lange overgangsperiode als er een flat-rate zou komen.

Maar eigenlijk zet de vleeskalverhouderij in op behoud van alle steun. De regelgevig biedt er mogelijkheden voor. De bedrijfstak heeft ook ideëen over de vraag wat er na 2014 dan met die 36 miljoen euro moet gebeuren die dan niet meer zouden passen in het flat-rate systeem. Zo wil de vleeskalverhouderij investeren in meer welzijnsvriendelijke vloeren en mestverwerking. De integraties willen het geld investeren in onderzoek, innovatie en verduurzaming. Een klein probleempje is dat LTO en de integraties het nog niet helemaal eens zijn over de vraag wie welk deel van het geld moet ontvangen.

Er is echter nog tijd om daar uit te komen. En misschien hoeft er helemaal geen moeilijke knoop te worden doorgehakt en kunnen deels gekoppelde subsidies toch blijven bestaan. EU-lidstaat Frankrijk zet daarop al in voor een aantal sectoren. Als het daar kan, dan moet het ook in Nederland kunnen, rederen sommigen in de kalfsvleessector. Deze uitkomst zou bovendien ook uitkomst kunnen bieden voor de zetmeelaardappeltelers en Avebe. Die lijken ook nog te worstelen met de mogelijke komst van de flat-rate.

Of registreer je om te kunnen reageren.