Home

Achtergrond 1947 x bekeken

Vloeibaar voer vernieuwende kracht in kalversector

Vloeibare voeding heeft de laatste jaren steeds meer ingang gekregen in de vleeskalverhouderij. De families Stouwdam en Boeve hebben sinds twee jaar ook drie tanks voor hun stallen staan. Kostprijs en arbeidsbesparing zijn voorname argumenten.

Een voerkeuken is er nog wel in boerderij de Polderstroom in het Gelderse Oosterwolde, maar de families Stouwdam en Boeve werken nu al de vierde afmestronde met vloeibare kalvermelk. Het is een ontwikkeling die de laatste jaren veel in de belangstelling staat in de vleeskalverhouderij.
Vloeibare voeding wordt vooral toegepast bij de grotere bedrijven in de blankevleeskalverhouderij en is een motor van vernieuwing. Het zorgt vanwege de lagere kosten en arbeidsbesparing voor extra rendement.

Ook op sommige startbedrijven met rosé-kalveren wordt het gebruikt. Daar komt het voordeel echter minder uit de verf, meent contractgever en producent Wilco van den Bor.

Van den Bor in Putten werkt al jaren met vloeibare voeding, maar weet nog steeds verdere verbeteringen en kostenbesparingen toe te passen in het voerconcept. Vloeibare voeding bestaat uit ingedikte en verrijkte wei en uit een vetmengsel. Voor de wei zijn twee tanks nodig, voor het vet één tank. Ook wordt nog altijd een kleine hoeveelheid poeder meegevoerd. Het percentage poeder varieert tussen de 3 en de 14 procent, vertelt Wilco van den Bor. De hoeveelheid is afhankelijk van de marktprijzen en van de combinatie van beschikbare producten.

De families Stouwdam en Boeve zijn tevreden met hun keuze voor ’vloeibare melk’. Het bespaart werk en is goedkoper dan kunstmelkpoeder. Daar is jaren mee gewerkt, vertelt Henriëtte, maar het vloeibare systeem bevalt beter. Net als haar schoonzus is zij verantwoordelijk voor een van de twee kalverstallen (totaal 1.700 kalveren).

In de ene stal moet de derde ronde kalveren voor Van den Bor net weg, in de andere stal is de vierde ronde nog niet zo lang geleden opgezet. Ondanks de arbeidsbesparing wordt het voeren gedaan door drie mensen tegelijk. Dat is vanwege het gemak. In de stal met de jonge kalveren is de voersnelheid nog relatief laag. In de stal met de bijna slachtrijpe kalveren wordt twee tot drie keer per week een vracht wei afgeleverd.

De wei komt uit de eigen fabriek van Wilco en Erik van den Bor in Putten. Daar voeren zij onbewerkte wei aan van diverse middelgrote kaasfabrikanten. Deze wei wordt gesteriliseerd en ontdaan van lactose. Die wordt verkocht aan de levensmiddelenindustrie.
De resterende wei wordt ingedikt en met extra eiwitten verrijkt. Van Ten Cate Vetten in Musselkanaal wordt een aanvullend vetmengsel betrokken. Dit bestaat uit kokos, rundervet, reuzel en emulgator.

De wei gaat in één van twee tanks (omdat in verband met de hygiëne altijd één tank leeg en schoon moet worden gemaakt), het vet gaat in de derde. Aanvullend wordt nog een kleine hoeveelheid poeder gebruikt.

Een minimaal gebruik van poeder is echter niet het einddoel, zegt Van den Bor. Het gaat om het vinden van zo goedkoop mogelijke grondstoffen. Die zoektocht gaat altijd door. Hoge prijzenvoor zuivel en andere ’gewone’ grondstoffen jagen die zoektocht alleen maar verder aan.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.