Home

Achtergrond 763 x bekeken

Conflict EU over Mercosur

Een handelsdeal tussen EU en het Zuid-Amerikaanse Mercosur heeft grote gevolgen voor de Europese veehouderij. In Zuid-Amerika kan alleen door lagere eisen veel goedkoper worden geproduceerd, zegt de landbouwlobby. Dat lijkt echter maar ten dele waar.

De Europese Unie (EU) onderhandelt met het Zuid-Amerikaanse handelsblok Mercosur, waarvan Brazilië en Argentinië de belangrijkste leden zijn. De agrarische lobby protesteert heftig. De rundvleessector in de EU zou door een handelsdeal ’omvallen’, terwijl de pluimvee- en varkensvleessector honderden miljoenen omzet verliezen.

De argumenten van de boerenlobby zijn duidelijk: een deal ondermijnt de voedselzekerheid van Europa juist nu de roep voor het weer opbouwen van strategische voorraden en het zelf verbouwen van eiwitrijke gewassen voor de veevoerindustrie luider wordt. Bovendien is de Zuid-Amerikaanse productie veel minder vriendelijk voor milieu en dierenwelzijn. Tenslotte is de handel tussen Zuid-Amerika en de EU al sterk toegenomen in de afgelopen jaren, ten voordele van de Zuid-Amerikaanse landen.

De landbouwlobby is bang dat de landbouw twee keer moet betalen: eerst via een verdrag met Mercosur, en dan ook nog eens via een nieuw WTO-verdrag waaraan gewerkt wordt. De lobby pleit ervoor dat prioriteit wordt gegeven aan een WTO-verdrag. Met zo’n verdrag moeten veel meer landen instemmen, en dus is een WTO-verdrag vermoedelijk minder ingrijpend dan een bilateraal verdrag. Bovendien kan een WTO-verdrag jaren op zich laten wachten. De huidige onderhandelingsronde loopt al acht jaar.

Volgens landbouwraad Bart Vrolijk bestaat een wat simplistisch beeld over de Braziliaanse landbouw en miskent de landbouwlobby soms de technische capaciteiten van Braziliaanse firma’s. Volgens Vrolijk kunnen de grote exportgeoriënteerde concerns best voldoen aan de strengste eisen uit Europa. JBS en Brasil Foods gelden immers als de grootste vleesconcerns ter wereld. ”Brazilië is een federale republiek met bijna 200 miljoen inwoners en dus enorme regionale verschillen. In Brazilië zijn de verschillen tussen bedrijven ook groot. Het is makkelijk een bedrijf te vinden dat ver onder de maat produceert, maar dat zijn echt niet de bedrijven die op exportlijsten staan.”

Feit is dat op het gebied van wetgeving ten behoeve van dierenwelzijn en milieu in Brazilië minder duidelijke regels bestaan. ”Eerlijk gezegd is wettelijk niet zo heel veel vastgelegd, zeker niet zo precies als in Europa. Daar heeft de landbouwlobby gewoon gelijk in. Toch is het dus niet automatisch zo dat Braziliaanse boeren minder duurzaam produceren. Bovendien: omdat in Brazilië de prijs voor grond lager ligt, kunnen dieren in theorie ook duidelijk meer de ruimte krijgen zonder dat de kostprijs zo wordt opgedreven dat het onrendabel wordt”, aldus de landbouwraad.

De oppervlakte van Brazilië is twee keer de EU, met een meer dan 50 procent kleinere bevolking. Vrolijk: ”Als Brazilië wil, kan het voldoen ook aan de milieu- en dierenwelzijnseisen van de EU. Of ze dat ook willen, hangt af van de retailketens. Die kunnen dergelijke voor Brazilië bovenwettelijke eisen opleggen. Vlees weren omdat de productie niet aan dezelfde dierenwelzijnseisen als in de EU voldoet, is lastig. Het is erg subjectief, en over hoe je met dieren omgaat is geen wereldwijd eenstemmig geluid te horen. Binnen de WTO of een bilateraal handelsverdrag kun je dergelijke non-trade-concerns eigenlijk niet opnemen.”

Albert Heijn zegt dat een kleine 5 procent van het vlees in haar schappen uit Zuid-Amerika en dan vooral Brazilië afkomstig is. Volgens een woordvoerder voldoen de leveranciers aan exact dezelfde eisen als de Europese organisaties. De Zaandamse supermarktorganisatie zegt geen reden te zien waarom Zuid-Amerikanen ook wat betreft dierenwelzijn kunnen participeren in certificeringsprogramma’s.

De grote exporterende concerns zijn bijvoorbeeld JBS en Brasil Foods, dat twee jaar geleden ontstond uit de fusie van Perdigao en Sadia. JBS biedt afnemers uit Japan, Rusland het Midden-Oosten, de VS en Europa aparte productpakketten. Zo kunnen afnemers uit islamitische landen genieten van een halal-ingerichte keten. JBS laat via een verklaring weten bekend te zijn met de hoge eisen in Europa en de keten hierop aan te passen.

JBS heeft door overnames in de VS (Swift, Pilgrim’s Pride) ervaring met de Amerikaanse markt, en zegt flexibel genoeg te zijn ook in de EU een grote speler in vooral het rundvlees te worden. ”Als je kunt leveren aan moeilijke markten als de VS en ook Japan, dan is de EU geen probleem.”
Of het Braziliaanse materiaal echt en masse naar Europa komt is zelfs met een handelsdeal de vraag. De grootste groeimarkten liggen in Azië.

Volgens een analyse van de Rabobank is de kans groot dat wat de Brazilianen extra gaan produceren voor het overgrote deel zal worden geabsorbeerd door de Chinese markt. Ook ontwikkelt de binnenlandse markt in Brazilië zich snel. De consumptie van varkensvlees ligt in Brazilië opmerkelijk laag, en de grote Braziliaanse vleesreuzen zeggen desgevraagd zich nog steeds eerst op de binnenlandse markt te richten.

Europa kleine markt

Driekwart van de Braziliaanse vleesproductie blijft in eigen land. Brazilië heeft een populatie van 200 miljoen mensen. Brazilië heeft de negende economie ter wereld. Jaarlijks groeide de economie de laatste jaren steeds met 5 procent; de consumptie neemt dan ook toe. Desondanks groeit de Braziliaanse productie zo snel dat het tonnage vlees dat beschikbaar komt voor de wereldmarkt jaarlijks 3 procent groeit. Volgens recente statistieken gaat 44 procent van het Braziliaanse vlees naar Rusland. Daarmee is Rusland de grootste afnemer. Nog eens 9 procent gaat naar Ruslands buurland Oekraïne. Twintig procent gaat via Hongkong naar China. Ongeveer 3 procent wordt geëxporteerd naar de Europese Unie. De ambitie van de regering is binnen een jaar of acht 90 procent van de wereldmarkt voor pluimveevlees te beheersen, als ook 61 procent van de rundvleesmarkt en 21 procent van de wereldmarkt voor varkensvlees.

Braziliaanse vleesreuzen

Brazilië is de thuismarkt voor de twee grootste vleesproducenten ter wereld: JBS en Brasil Foods. De omzet van JBS bedroeg in 2010 23,5 miljard euro (55 miljard reais). Het bedrijf profileerde zich de laatste jaren vooral in de VS. In Amerika nam JBS Swift over, als ook de grootste pluimveeslachter ter wereld, Pilgrim’s Pride.
Brasil Foods, beter bekend onder de merknaam Perdigao, realiseerde een omzet van 9,5 miljard euro (13,5 miljard dollar). Het bedrijf ontstond in 2009 door een fusie van Perdigao en Sadia. Het probeert activiteiten uit te breiden naar de zuivelsector en de markt voor diepvriesmaaltijden. Brasil Foods heeft het Europees hoofdkantoor in Den Bosch. In Noordwest-Europa verkoopt Brasil Foods volgens topman Ton Folkeringa circa 150.000 ton vlees. Het betreft vooral pluimveevlees.

De derde grootste vleesproducent van Brazilië is Marfrig. Het bedrijf nam in 2010 het Amerikaanse Keystone Foods over. Het bedrijf nam vervolgens ook de varkens- en kipactiviteiten van agriconcern Cargill over. Volgens bestuursvoorzitter Ton van der Laan van veevoerconcern Provimi, dat veel zaken doet in Brazilië, zijn het bedrijven met een hoge technische standaard en wereldwijde visie. ”Je komt er echt niet zomaar binnen. Men wil de beste productiesystemen en de beste premixen, additieven en speciaalvoer.” De drie bedrijven kennen stuk voor stuk aparte ketens, zelfs binnen dezelfde productgroep. Zo kent JBS aparte ketens voor halal-vlees en vlees voor de als uiterst kritisch bekend staande Japanse afnemers.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.