Home

Achtergrond 139 x bekeken

'Boeren zijn niet minder geworden van marktderegulering'

Gaandeweg het rondetafelgesprek over de voedselprijzen wordt één ding duidelijk: de rol van speculatie bij het opdrijven van de voedselprijzen wordt volgens de meeste insprekers schromelijk overdreven.

Gistermiddag organiseerde de vaste Kamercommissie ELI, niet voor de eerste keer, een gesprek over voedselprijzen. Belangrijkste vragen daarbij: wat is de rol van speculanten? En waardoor ontvangen boeren ook bij hoge consumptieprijzen nog steeds een laag inkomen?

Aanwezige wetenschappers zijn het in grote lijnen eens: de schommelingen in de voedselprijzen worden vooral veroorzaakt door vraag en aanbod. Door een misoogst zakt bijvoorbeeld de vraag in, door klimaatverandering daalt de productie en soms versterken overheden een prijstoename, door grenzen dicht te gooien voor de export.

Speculatie is er natuurlijk ook, zegt hoogleraar termijnmarkten Joost Pennings, maar die hoeft niet negatief te worden geduid. ”Speculatie is van belang, zij zorgt voor liquiditeit. Termijnmarkten zijn juist een goed instrument om risico’s mee af te dekken.”

Op de lange termijn heeft speculatie dan ook geen effect op de prijsontwikkeling, zegt Pennings. Op de korte termijn kan zij wel grote effecten hebben, beaamt econoom Jaap Bos, die onderzoek deed naar speculatie bij koffie. Om die effecten tegen te gaan zou je de regels daarvoor kunnen aanscherpen, aldus Pennings.

Ook handelaar Kees Maas van DCA Finance is uitgesproken voorstander van de termijnhandel. ”Boeren zijn echt niet minder geworden van de deregulering van markten. Je krijgt alleen een ander soort boer: was die vroeger vooral opgeleid om te produceren, nu moet hij vooral leren risico’s te ’managen’.”

Alleen bankier Koert Jansen (Triodos Bank) houdt vol dat speculatie, ook op de lange termijn, een grote rol speelt. Jansen ziet parallellen met de kredietcrisis. ”Ook daar werd geprobeerd om met geld geld te maken. Dat gebeurt op de voedselmarkt net zo goed, met name door de indexfondsen – waarmee pensioenfondsen beleggen in grondstoffen.”



Naast speculatie geeft ook de rol van biobrandstoffen voortdurend aanleiding tot discussie: wakkert die de prijsstijgingen nu verder aan of niet? Hierover zijn de meningen verdeeld. Volgens Rudy Rabbinge heeft de bijmengplicht wel degelijk een ’destabiliserend effect’; hij wijst op de VS, waar 30 procent van de mais wordt gebruikt voor bio-ethanol. LTO-voorzitter Albert Jan Maat bagatelliseert dit effect door te stellen dat biobrandstoffen in totaal maar een aandeel van 1 procent hebben in de voedselproductie. ”Daar zit het probleem niet.”

Ook over de oplossing voor de fluctuerende voedselprijzen zijn de meeste insprekers het eens. Het is vooral een verdelingsvraagstuk, waarbij het zaak is de landbouwproductie op te schroeven, met name in de ontwikkelingslanden. Dat dat nog niet zo eenvoudig is, is vers twee.

Ook in Europa is productieverhoging nodig, zegt Maat. Maar hier moeten we ons vooral richten op een duurzame kwaliteitsproductie, zegt hij. ”We moeten concurreren op het productieproces, niet op de kostprijs.”

Daarnaast opperen meerdere sprekers het belang van strategische voorraden. Pennings is hierover minder enthousiast: ”Buffervoorraden zijn in het verleden vaak niet succesvol gebleken; ze verstoren de markt en kosten uiteindelijk klauwen met geld.”

Maat is het niet met hem eens. ”Strategische voorraden halen de grootste pieken en dalen uit de prijsontwikkeling.” Dat boeren de afgelopen periode, ondanks de productiviteitsstijging, hun inkomens zagen dalen, is deels hun eigen schuld, steekt Maat de hand in eigen boezem. Daar gaat LTO de komende jaren hard aan trekken, belooft hij. De overheid zal daarbij moeten helpen, houdt hij de Kamerleden voor, die het inmiddels duizelt door alle informatie. Volgens Maat moet de mededingingswetgeving beter worden toegesneden op de opbouw van de voedselketen; veel kleine boeren leggen het daarin nog altijd af tegen de paar grote spelers aan het eind van de keten.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.