Home

Achtergrond 1676 x bekeken

Zoektocht naar exportvaarzen voor Rusland

De export van drachtige vaarzen naar Rusland is geen sinecure. Er moet aan veel regels worden voldaan, voordat de dieren daadwerkelijk op transport mogen. Exporteurs wijzen er op dat duidelijke regelgeving nodig is om de export vlot te laten verlopen. Onduidelijk beleid wat betreft de aanvraag van de blauwtongvrije status is exporteurs een doorn in het oog.



De export van fokvee zit goed in de lift. Ondanks complexe regelgeving slagen exporteurs erin om steeds meer fokvee af te zetten in het buitenland. Naar verwachting is in het afgelopen boekjaar - dat loopt van 1 september tot 31 augustus - de grens van veertigduizend stuks geëxporteerd fokvee ruim doorbroken. Daarmee zit de vee-export weer bijna op het niveau van het pre-blauwtongtijdperk. In 2005-2006 gingen 46.000 stuks fokvee de grens over.

Vooral de export naar Rusland loopt goed. Het afgelopen boekjaar vroegen leden van de vee-exportkoepel Veepro bijna 9.600 exportcertificaten aan voor Rusland, een ruime verdubbeling ten opzichte van het aantal van 4.349 afgegeven certificaten in het jaar ervoor. Vee-exportbedrijf Heemskerk BV uit Waardenburg sloot drie maanden geleden een nieuw contract voor de export van tweehonderd drachtige vaarzen naar Rusland. De vaarzen gaan naar een voormalige staatsboerderij in Dimitrov, een plaats tachtig kilometer ten noorden van Moskou. Op dit gemoderniseerde staatsbedrijf worden nu al meer dan vijftienhonderd koeien gemolken. Daar komen er in de toekomst nog eens achthonderd bij.

Directeur Cors den Engelsen Heemskerk heeft het bedrijf bezocht voor hij het contract ondertekende. ”Ik bezoek 99 procent van de bedrijven voordat er vee naar toe wordt geëxporteerd. Alleen als we onze contactpersoon goed kennen, wordt wel eens een uitzondering gemaakt.”
In Rusland wordt niet gewerkt met bankgaranties (letters of credit). Dat maakt het riskant om vee naar Rusland te exporteren. ”Een transportwagen met vee is veel geld waard”, zegt den Engelsen Heemskerk. Pas als er een aanbetaling binnen is, begint hij daadwerkelijk met het verzamelen van vee.

Rusland vraagt vooral om vaarzen die twee tot drie maanden drachtig zijn. De dieren mogen over het algemeen niet geënt zijn tegen blauwtong, omdat de Russen dan geen onderscheid meer kunnen maken tussen geënte dieren en dieren met antistoffen in het bloed vanwege een eerdere blauwtongbesmetting. Het valt nog niet mee om voldoende geschikte vaarzen te vinden, aangezien drie à vier collega’s naar dezelfde dieren op zoek zijn, aldus de exporteur. ”Daarom hebben we besloten om de nu bestelde partij van tweehonderd fokvaarzen in twee keer te leveren.”

Heemskerk BV werkt met een vaste inkoper en commissionairs. Deze commissionairs, die weten aan welke eisen de dieren moeten voldoen, onderhouden de contacten met de lokale veehandelaren. ”We halen momenteel de meeste dieren uit Friesland, Brabant en het noorden van Limburg. Soms hebben we geluk en vinden we tien tot twintig dieren op één bedrijf. Meestal gaat het echter maar om twee tot drie vaarzen per boer.”

Voor de export naar Rusland komen melktypische vaarzen in aanmerking die twee tot maximaal zes maanden drachtig zijn. Ze moeten meer dan 7.000 kilo melk produceren met minimaal 3,8 procent vet en 3,2 procent eiwit. ”Gezien de gemiddelde productie van de Nederlandse melkveestapel vallen er op basis van deze eisen maar weinig dieren af”, legt Den Engelsen Heemskerk uit.

Hij adviseert melkveehouders om hun koeien zeker niet met sperma van vleesstieren te insemineren. Wat ze wel moeten doen, is gesekst sperma gebruiken, tipt hij. ”Gesekst sperma is voor een veehouder om meerdere redenen interessant. Ten eerste komen er meer vaarzen beschikbaar voor export. Ten tweede wordt er voor drachtige exportvaarzen die zijn geïnsemineerd met gesekst sperma, ongeveer honderd euro meer betaald. Voor een kort drachtige vaars ontvangt een veehouder momenteel tussen de 1.075 en 1.100 euro.”

De potentiële exportvaarzen voor Rusland worden na de eerste selectie uitvoerig gecontroleerd. ”We moeten zeker weten dat de vaarzen daadwerkelijk niet geënt zijn tegen blauwtong”, legt Cors uit. ”We kunnen bij de GD inloggen om te zien of de dieren geënt zijn of niet. Helaas gaat het vaak alleen om een indicatie. Vaak zijn er gegevens niet, of niet correct, door de dierenarts in het systeem gezet.”

Om problemen te voorkomen, laat Heemskerk BV bloedmonsters testen bij het Duitse onderzoekslab Lufa in Oldenburg. Voordeel van het testen in Duitsland is dat het goedkoper is dan in Nederland, en dat de testen sneller worden uitgevoerd, aldus de exporteur. ”’s Ochtends leveren we de bloedmonsters in en ’s middags krijgen we uitslag.”

Naast controle op blauwtong moeten de exporteurs aan vele administratieve verplichting voldoen om de vaarzen te kunnen exporteren. Zo moet er van het bedrijf waar de dieren van afkomstig zijn een bedrijfsverklaring komen die moet worden gelegaliseerd door de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit. Ook moeten de stamboekgegevens worden gecontroleerd. Rusland wil alleen vaarzen met drie generaties stamboek.

Als er voldoende vaarzen zijn gevonden met correcte papieren, worden ze verzameld in exportstallen. De vaarzen van Heemskerk BV zijn bijeengebracht in de exportstallen van Van de Wetering in Brakel en Zwolle. Daar moeten de dieren dertig dagen in quarantaine staan. ”Er komt een dierenarts over uit Rusland om gedurende de dertig dagen quarantaine aanwezig te zijn tijdens onder meer bloedcontroles en TBC-controle.”

Als de dieren zijn goedgekeurd, kunnen ze na de dertig dagen quarantaine op transport. In totaal gaan zes auto’s met drachtige vaarzen richting Rusland. Tijdens de reis wordt er twee keer 24 uur gestopt om de vaarzen te laten rusten. Dat gebeurt in erkende stallen waar ook een dierenarts komt controleren. Het routeplan wordt gecontroleerd door de nVWA.

Het eerste deel van de vaarzen staat inmiddels al in Rusland. Den Engelsen Heemskerk is positief over de mogelijkheden om meer vee naar Rusland te exporteren, maar het zou volgens hem helpen als de Nederlandse overheid met een duidelijk beleid zou komen betreffende de blauwtongstatus. ”De regelgeving is te lang onduidelijk geweest. Doordat we nu nog niet weten wat er met de blauwtongstatus gaat gebeuren, kunnen we veehouders moeilijk adviseren wat betreft wel of niet enten.”

De Nederlandse overheid weigert tot nu toe de blauwtongvrije status aan te vragen, hoewel er in 2009 en 2010 geen blauwtong is aangetroffen. De financiële belangen van de kalversector zouden te veel in het geding komen. Jaarlijks worden 400.000 kalveren uit het niet-blauwtongvrije Duitsland geïmporteerd; het individueel testen van de kalveren zou de kalversector te veel op kosten jagen. Duitsland kan niet eerder dan komend voorjaar de blauwtongvrije status aanvragen. Nederland wacht in ieder geval tot dat moment om zelf de status aan te vragen.

De exporteurs van fokvee hebben het de laatste jaren zeker niet gemakkelijk gehad. Toch denkt Den Engelsen Heemskerk niet aan stoppen. ”Het zit nu eenmaal in mijn bloed. Mijn vader is net na de oorlog al begonnen met het importen van warmbloedige rijpaarden uit Rusland en voormalig Oost-Duitsland en Tsjecho-Slowakije. In het buitenland werd hij vervolgens gevraagd of hij ook dieren kon exporteren.” Zo is naast de paardenhandel de vee-export tak ontstaan. Cors vindt het wel jammer dat hij tegenwoordig meer bezig is met het managen van het bedrijf dan met dat met de directe inkoop van de dieren. ”Er is nu veel meer bureaucratie. In het verleden ging ik vier tot vijf dagen in de week de boer op om beesten te kopen. Dat is eigenlijk het mooiste werk dat er is.”

De exporteur laat zich evenmin uit het veld slaan door de grote exportfraudezaak bij enkele collega’s, die recent veel media-aandacht kreeg. ”Wat er is gebeurd, had nooit mogen gebeuren. Ik krijg er veel vragen over in het buitenland. Het hele land wordt erop aangekeken. Het zou daarom goed zijn als er een keurmerk zou komen voor exporteurs, om dit soort fraudepraktijken in de toekomst te voorkomen.”

‘Groot-Brittannië vraagt veel fokvee’
Naast Rusland vraagt ook Groot-Brittannië momenteel veel fokvee, ervaart Heemskerk BV. ”In Schotland zie je bedrijven die in een keer verdubbelen van duizend naar tweeduizend melkkoeien. Daar wordt door de overheid flink geïnvesteerd in de agrarische sector.” De Britten kijken volgens Cors vooral naar uiers en benen. ”Naar Engeland gaan vooral vaarzen die zeven maanden drachtig zijn.” Maar ook naar nieuwmelkte dieren is een goede vraag. De koeien die naar Engeland gaan, moeten goed gevaccineerd zijn tegen blauwtong. Doordat er veel kort drachtige dieren naar Rusland gaan is het moeilijker om dieren te vinden voor Engeland.

Basisenting blauwtong
Voor export van runderen vanuit Nederland eisen de meeste landen (uitgezonderd grote delen van Rusland) een goed uitgevoerde en geregistreerde vaccinatie tegen blauwtong. De basisenting bestaat uit twee vaccinaties met minimaal 16 dagen en maximaal 42 dagen tussentijd. De basisenting kan vanaf twee tot drie maanden leeftijd. De basisenting moet méér dan 60 dagen voor inseminatie datum of begindatum samenweiding plaatsvinden. Na de basisenting moeten de runderen binnen een jaar een hervaccinatie krijgen. Op de dag van export mag de laatste entingsdatum niet ouder zijn dan 8 maanden en niet jonger dan 14 dagen.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.