Home

Achtergrond 239 x bekeken

Nieuwe Productschap Tuinbouw vergt meer van telers

Telers zullen niet alleen een lagere heffing ontvangen van een nieuw Productschap Tuinbouw, maar zullen in beweging moeten komen. Om nog productpromotie of teelttechnisch onderzoek te realiseren moeten telers draagvlak en financiering zoeken. Zaken die de markt moet oppakken.

Maandag presenteerde PT-voorzitter Agnes van Ardenne de vernieuwingsplannen, feitelijk een forse reorganisatie per april 2012. Die plannen staan voor dit moment vast, maar door een politiek besluit of fusie met andere schappen kan de vorm nog wel degelijk veranderen. Wel lijkt zeker dat een aantal taken verdwijnt en dat telers de besluitvorming steviger zelf in handen krijgen. Maar er is meer.

Bernard Oosterom, voorzitter van FloraHolland. “Heel wat telers zullen de gevolgen van deze verandering nog niet goed inzien.” Marktwerking doet zijn intrede in teelttechnisch onderzoek, dat niet meer collectief gefinancierd wordt. “Nu komen telers in gewasgroepen bij elkaar en als ze constateren dat er dopluis is, schrijven ze een projectvoorstel voor onderzoek en dat financiert het PT meestal wel. Dat zal de sector straks zelf betalen.”

Telersverenigingen kunnen met die teeltkennis een voorsprong nemen en hoeven dat straks niet meer te delen. Dat is geen slechte ontwikkeling, denkt Oosterom. Het vergroot de betrokkenheid van de telers op dit onderwerp, denkt hij. Wel kunnen telers dat als lastig of bedreigend ervaren. “Telers moeten uit hun comfortzone treden en niet meer in concurrentie denken.”

Maandag stelde Van Ardenne dat ook productpromotie van de takenlijst verdwijnt. Reclame voor Elstar kan straks niet meer via het Productschap Tuinbouw. Wel promotie voor het eten van groenten en fruit. Toch blijft het PT in beeld als het niet anders kan. Een groep telers kan toch het PT verzoeken geld te collecteren voor campagnes. Het PT krijgt dat dan als een ‘plustaak’. Ook hiervoor zoeken telers dus in verenigingen of tussen verenigingen naar financiering en schakelen anders het PT in.

Volgens Oosterom moeten telers niet te snel naar het PT wijzen. Het PT groeit dan weer te snel. “Er wordt wel eens te gemakkelijk naar deze mogelijkheid gekeken dat het PT toch die taak zal uitvoeren. Dat is in tegenstelling net juist de kern van deze exercitie om een klein slagvaardiger PT te krijgen.”

Het nieuwe PT drijft straks voor een belangrijk deel op inbreng van telers in de ondernemingsplatforms. Sectorcommissies zijn niet meer het belangrijkste orgaan. De ondernemingsplatforms zetten per thema de lijnen uit. Zij stellen het investeringsprogramma op, bepalen welke projecten erin vallen en welke partijen hieraan deelnemen, maar bewaken ook de aansluiting met de praktijk. Dat voorkomt dat sectorcommissies steeds ad hoc beslissen over een subsidie-aanvraag. Het PT wil daarmee af van het subsidieloket.

Hoe die platforms zullen werken, is nog niet duidelijk. Verdwijnt daarmee een deel van de discussie achter gesloten deuren? Onderneminsplatforms zullen naar verwachting namelijk niet openbaar zijn. Volgens Hylkema is dat een punt van aandacht. “Over transparantie is wel gesproken. De discussie vindt straks plaats op twee plaatsen. Het mag zeker niet ten koste gaan van de transparantie.” Oosterom heeft daarover geen zorgen. “De nieuwe organisatie moet voldoen aan uitgangspunten van bijvoorbeeld de Sociaal Economische Raad (SER). Volgens Hylkema is het belangrijk aansluiting te houden bij de gewasgroepen, bijvoorbeeld die van LTO Groeiservice. De sectorcommissies bepalen in het nieuwe model nog de hoogte van de heffing en gaan over de besteding van het budget. Zo’n sectorcommissie zal ook inhoudelijk willen ingaan op de onderwerpen, verwacht Hylkema. “Er zal een wisselwerking plaatsvinden. De sectorcommissie zal de telers ook zaken willen meegeven.”

Met het nieuwe model krijgt het PT een meer strategische functie voor de tuinbouw. Oosterom: “Ondernemers zijn straks zelf verantwoordelijk voor de operationele en tactische zaken. Het PT houdt zich bezig met de grote bewegingen en moet kijken wat er nodig is om over vijf jaar nog een sterke sector te houden.” Daar hoort ook de zoektocht naar co-financiering bij. Doordat alle deelsectoren zich met een thema gaan bezighouden, zijn aanvragen voor cofinanciering bij de overheid straks breder gedragen.

Heeft het PT met dit voorstel voor vernieuwing een verdere fusie met productschappen dichterbij gebracht? Meestal vindt invulling van de organisatie plaats na een fusie. Het college voor voorzitters van productschappen wil daar niet op reageren. Bij het Productschap Akkerbouw wordt de stap van het PT toegejuicht. De wijzigingen zijn logisch, stelt een woordvoerder en passen bij de richting waar andere schappen ook over nadenken.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.