Home

Achtergrond 1818 x bekeken

Kunstmest: van overvloed naar precisiebemesting

Kunstmest heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de productieverhoging in de land- en tuinbouw. Tot ver in de jaren 70 was kunstmest onverdacht. Het was acceptabel dat je als boer te veel gebruikte. De lage kunstmestprijs leidde tot hoge milieukosten. Sinds het milieu op de politieke agenda staat, wordt er veel meer nagedacht over het gebruik van kunstmest.

Als kunstmest er nog niet zou zijn, is het de vraag of het nog zou worden uitgevonden in de huidige vorm. De land- en tuinbouw hebbenn een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Dankzij kunstmest. Met name sinds de Tweede Wereldoorlog heeft de toediening van stikstof en fosfaten een grote rol gespeeld bij de toegenomen productie.

Eigenlijk behoort kunstmest tot de allereerste producten van de Nederlandse chemische industrie. De productie van kunstmest behoort zo tot de basis van de chemie dat het voor de geavanceerde bedrijven nu helemaal niet zo interessant meer is om kunstmest te produceren.

De aanwending van kunstmest in de landbouw nam een grote vlucht onder minister Sicco Mansholt, die alles aangreep om de landbouwproductie te vergroten. Stikstofkunstmest werd gemaakt uit gas dat vrij kwam bij de productie van cokes uit steenkool de ontdekking van de gasbel in Slochteren waren cokes met brandhout een belangrijke brandstof voor de verwarming in Nederlandse huizen.

Dat stikstof een belangrijke voedingsstof voor gewassen was, was al vanaf de negentiende eeuw bekend. De Duitse scheikundige Justus von Liebig had halverwege de negentiende eeuw duidelijk gemaakt dat anorganische zouten een belangrijke rol speelden bij de plantengroei. Tot dan bestond het idee dat planten uit humus groeiden. Von Liebig toonde aan dat planten voor een deel van de lucht leven, en verder van kalium, calcium en fosfaat uit de bodem. Von Liebig dacht dat planten stikstof uit de lucht haalden. Hij experimenteerde met kunstmatige meststoffen en kreeg daar ook patenten voor. Maar zijn vinding was niet succesvol door een denkfout. Hij dacht dat kunstmest niet moest oplossen in water. Die mislukking heeft waarschijnlijk gezorgd voor een fikse vertraging in de brede introductie van kunstmest.

Von Liebigs mislukking was koren op de molen van de Utrechtse hoogleraar Gerrit Jan Mulder, die samen met zijn leerling Jacob Moleschott het werk van Von Liebig te vuur en te zwaard bestreed. Hij trok openlijk de integriteit van de Duitser in twijfel. Maar uiteindelijk kreeg Von Liebig toch gelijk.

Tussen de wereldoorlogen in werd in Nederland volop geëxperimenteerd met verschillende kunstmeststoffen, die onder meer door het Stikstofbindingsbedrijf der Staatsmijnen in Limburg werden geproduceerd. Na de Tweede Wereldoorlog nam de productie en de toepassing van kunstmest in de Nederlandse land- en tuinbouw een grote vlucht.

Herre Bartlema is als landbouwdeskundige bij DSM Agro en later bij Cebeco Handelsraad nauw betrokken geweest bij de afzet en toepassing van kunstmest. Hij schetst dat landbouwminister Mansholt de toepassing van kunstmeststoffen propageerde als een effectief middel om tot hogere opbrengsten te komen. Mansholt propageerde samenwerking tussen de kunstmestproducenten, met het doel de productie effeciënt te organiseren en de prijzen voor de boeren zo laag mogelijk te houden.

De kunstmestprijzen bleven laag, om de toepassing ervan zo breed mogelijk te laten plaatshebben. Uit oogpunt van winstmaximalisatie, hadden kunstmestproducenten mogelijk voor een hogere prijs gekozen. Om te weten welke kunstmestgift vereist was, moesten agrarisch ondernemers weten wat er al in de bodem aanwezig was. De Groningse akkerbouwer Aerend Gerkes Mulder had dat al heel snel door. Hij zette al voor de Tweede Wereldoorlog bij Sappermeer op zijn eigen bedrijf een bemestingsproefveld aan, waar hij nauwghezet bijhield welke meststoffen hij gebruikte en hoe de oogsten waren.

Later werd dat onderzoek uitgebreid met grondmonsteronderzoek, waarmee laboratorium BLGG in Oosterbeek groot is geworden. Het onderzoek in Oosterbeek vormde de basis voor de bemestingsadviezen. Uitgangspunt bij het advies was: een kunstmestgift die het gewas de mogelijkheid bood de maximale opnamecapaciteit te benutten. Dat volgens het advies véél meer kunstmest moest worden aangewend dan het gewas gebruikte, was een aspect dat pas in de loop van de jaren 70 – mede door het Centrum voor Landbouw en Milieu – aan het licht kwam.

Kunstmest was geen belangrijke kostenpost. Boeren waren eerder geneigd nog een extra zak kunstmest in de strooier te werpen – bovenop het advies – dan er op te beknibbelen. ”En dat wist de kunstmestindustrie ook”, zegt Herre Bartlema. ”Er werd destijds gesproken over onvermijdelijke verliezen, een term die het acceptabel maakt dat je te veel gebruikt.”

Nu wordt daar wel anders naar gekeken. Sinds de jaren 70 is het milieu-argument steeds zwaarder gaan tellen en sinds de afgelopen tien jaar is ook de bijdrage van de kunstmestindustrie aan de productie van broeikasgassen van steeds groter belang. ”Nu wordt kunstmest veel meer gezien als een aanvulling op de organische mest. Je moet kunstmest gebruiken op het juiste moment, in de juiste vorm, in de juiste hoeveelheid en op de juiste plek.”

Waar de kunstmest vroeger via een pendel- of schijfstrooier over de akker werd verspreid, zijn er nu technieken om de bemesting aan te brengen op de plek waar de wortels van het gewas zich ontwikkelen.

Stikstofkunstmest kan nog in lengte van jaren worden geproduceerd, maar het fosfaat raakt langzaam op. Er zullen nieuwe technieken ontwikkeld moeten worden om fosfaat niet te verspillen, maar zo goed mogelijk te benutten. Er zijn mensen die vinden dat kunstmest moet worden uitgebannen en de biologische landbouw laat zien dat het ook kan. De gangbare landbouw zal – ook om het mestprobleem de baas te worden – steeds meer technieken ontwikkelen om de bestaande stikstof- en fosfaatbronnen in mest optimaal te benutten. Stikstofbinding gebeurt nu feitelijk al via luchtwassers op varkensbedrijven. En er is nog veel fosfaat te winnen uit menselijke mest bij waterzuiveringsinstallaties.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.