Home

Achtergrond 692 x bekeken

Invoering I&R houdt saldo schapenhouders in 2010 gelijk

De Nederlandse schapensector kende in 2010 een relatief goed jaar. De schapen werden voor goede prijzen verkocht. Helaas voor de schapenhouders namen ook de toegerekende kosten toe waardoor de extra opbrengsten teniet werden gedaan. Het eindsaldo bleef hierdoor ongewijzigd op 75 euro per ooi.

De Nederlandse schapenhouders hebben in 2010 een hoger saldo per ooi gerealiseerd dan een jaar eerder. Door een stijging van de overige toegerekende kosten blijft het eindsaldo met 75 euro echter op hetzelfde niveau als vorig jaar. Dat blijkt uit gegevens van het landbouweconomisch instituut LEI.
De ooien werden dit jaar duidelijk beter verkocht dan vorig jaar. De totale opbrengsten stegen met 3 euro naar 119 euro per ooi. De voerkosten namen opvallend genoeg net als vorig jaar met 2 procent af, ondanks het duurdere ruwvoer. Wat echter roet in het eten gooit zijn de extra kosten vanwege de invoering van het elektronische identificatie en registratiesysteem. De toegerekende kosten per ooi nemen hierdoor volgens het LEI met 3 euro toe.

De export van levende schapen (inclusief geiten) lag in 2010 tot en met augustus zo’n 6 procent hoger dan in 2009. Het aantal slachtingen lag tot en met augustus 2010 18 procent lager dan in 2009. Deze daling wordt volgens het LEI veroorzaakt doordat in 2009 extra slachtingen in Nederland nodig waren, omdat de dieren vanwege de blauwtong niet levend geëxporteerd mochten worden. De toename van export is lager dan de afname van het aantal slachtingen in Nederland. De afnamen van het aantal slachtingen wordt mede veroorzaakt doordat het offerfeest in 2007 na 1 januari plaatsvond. In 2010 is dit in november waardoor een vergelijking met eerdere jaren een te negatief beeld geeft. Ook zijn de lammeren door de strenge winters van de afgelopen jaren in groei achtergebleven en worden ze langer aangehouden.

Het aantal bedrijven met ooien blijft teruglopen, al lijkt het tempo wat te zijn gedaald. In 2010 nam het aantal bedrijven met schapen met 2,7 procent af naar 12.790. Over een langere periode is de gemiddelde afname ongeveer 3 procent per jaar. De laatste jaren is deze daling volgens het LEI echter geringer. Van de bedrijven met ooien heeft 58 procent minder dan 25 ooien per bedrijf. De 5.420 bedrijven in 2010 met meer dan 25 ooien hebben gezamenlijk 84 procent van de ooien. Het aantal ooien per bedrijf is in 2010 toegenomen met 4,4 procent. Dit was in 2008 en 2009 gedaald door de blauwtonguitbraken vanaf augustus 2006. Het aantal gehouden schapen, inclusief ooien, daalde in 2010 met 0,8 procent naar 1.128.000. Het aantal ooien steeg met 1,8 procent naar 557.000.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.