Home

Achtergrond 110 x bekeken

Europese Unie richt haar vizier dit jaar op boeren in Oost-Europa

Hongarije is de eerste helft van 2011 voorzitter van de Europese Unie, waarna het wordt opgevolgd door Polen. De belangen van de Oost-Europese boeren komen daarmee nadrukkelijk in de aandacht. De situatie in de Europese varkenshouderij is voor de Hongaren een belangrijk punt, evenals de uitvoering van Natura 2000.

Met de officiële overhandiging van de Europese vlag door de Belgische premier Yves Leterme aan zijn Hongaarse collega Viktor Orbán is Hongarije sinds gisteren dan echt voorzitter van de Europese Unie. Vandaag vindt een eerste bijeenkomst plaats tussen de Hongaarse regering en de Europese Commissie, waarbij de agenda voor het komend half jaar wordt doorgesproken.

Die agenda staat vooral in het teken van financiën en economie. De Europese Unie ondervindt nog altijd de gevolgen van de crisis; forse begrotingstekorten in landen als als Griekenland en Ierland, zetten de euro vorig jaar onder grote druk. De eurozone heeft deze problemen nog niet achter de rug.

Daarnaast sluimert al enige tijd de discussie over de nieuwe EU-meerjarenbegroting na 2013. De Commissie deed daarvoor vorig jaar voorstellen, die op weinig bijval uit de lidstaten konden rekenen. Zo wil de Commissie de beschikking krijgen over meer eigen middelen, bijvoorbeeld uit heffingen, om minder afhankelijk te worden van de afdrachten uit de lidstaten. De meerjarenbegroting zou ook niet zeven, maar tien jaar moeten beslaan, vindt de Commissie.

Over de omvang van de toekomstige Europese begroting heeft de Commissie nog geen uitspraak gedaan, maar dat Brussel deze liever ziet stijgen dan dalen spreekt voor zich. Dat de lidstaten dat, zeker in deze tijden, niet zien zitten evenzeer. De door de Commissie gewenste verlegging van de koers naar zaken als energie en klimaat kan ten koste gaan van beschikbare middelen voor het Europees landbouwbeleid. Maar dat hoeft niet, als de sector hier goed op anticipeert.

De landbouwagenda omvat dit half jaar vooral de hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) na 2013 en de daarmee samenhangende aanpassing van het Europese zuivelbeleid. Aan Hongarije de taak deze discussies te leiden. Besluitvorming over het toekomstig GLB is nog niet voorzien, al hebben de Hongaren gezegd te streven naar een politiek akkoord. Dat lijkt op voorhand een onhaalbare zaak.

Medio 2011 komt landbouwcommissaris Dacian Ciolos met uitgewerkte voorstellen. Daarin zal de herverdeling van gelden over de lidstaten, met een verschuiving van West- naar Oost-Europa, een belangrijke plaats innemen. Het hoeft geen betoog dat Hongarije deze verschuiving tracht te bevorderen. De toeslag per hectare ligt er nu nog onder het Europees gemiddelde; volgens recente cijfers van de Europese Commissie zal deze in 2016, als Oost-Europese lidstaten volledig zijn ‘ingefaseerd’, ongeveer op het Europees gemiddelde van 270 euro per hectare liggen (bij huidig beleid). Nederlandse boeren krijgen dan nog altijd veel meer: 460 euro per hectare.
Op het zuiveldossier hoeft Nederland niet op veel steun van de Hongaren te rekenen. Het land melkt zijn quotum bij lange na niet vol; afgelopen zuiveljaar zat het ruim 20 procent onder het quotum. De door Nederland verlangde quotumverruiming (boven de afgesproken 1 procent per jaar) lijkt daarmee ver weg.

De situatie in de varkenssector vormt voor de Hongaren daarentegen een aangelegen punt. Zij zullen voortborduren op de uitkomsten van de Dag voor de varkenshouderij, begin vorige maand in Brussel. Veel lidstaten wensen de instelling van een werkgroep van deskundigen, vergelijkbaar met de High Level Group voor de zuivel. Landbouwcommissaris Ciolos vond dat niet nodig, maar als de lidstaten dat willen moet hij daar toch gehoor aan geven.

De Hongaren willen verder voortgang boeken bij het harmoniseren van het Europees waterbeleid. Ze hebben met name de ontwikkeling van een strategie voor de Donau-regio op het oog; het gebied rond Europa’s langste rivier is de laatste jaren meermalen geteisterd door overstromingen.
Op aandringen van onder andere Nederland heeft Hongarije ten slotte ook de uitvoering van Natura 2000, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden, op de agenda gezet. De Hongaren zouden zelf ook problemen ondervinden met Natura 2000, evenals Duitsland en Oostenrijk.

Mogelijk worden deze zaken al besproken op de eerstkomende Raad van landbouwministers, op 24 januari; de agenda daarvan is nog niet bekend. Ze zullen zeker worden opgebracht op de informele Landbouwraad, die Hongarije eind mei organiseert in en rond de oude stad Debrecen.
Vanaf 1 juli neemt Polen het stokje van Hongarije over. Onder voorzitterschap van het belangrijkste Oost-Europese landbouwland zal het debat over herverdeling van de Europees landbouwgelden nadrukkelijk worden vervolgd. Als dan nog geen akkoord is bereikt, is het aan de volgende EU-voorzitters, Denemarken en Cyprus, het af te maken.

Landbouwprioriteiten Hongaars voorzitterschap

Het komende half jaar wil Hongarije op landbouwgebied vooral aandacht besteden aan (in willekeurige volgorde):

• bevorderen van het debat over de hervorming van het Europees landbouwbeleid van na 2013
• stimuleren van het debat over het Europese zuivelbeleid, met het oog op de afschaffing van de quota in 2015
• afronden van beoordeling van Europees actieplan voor bescherming en welzijn van dieren
• afronden van herziening regels voor ‘novel foods’
• aannemen van nieuwe regelgeving ter bescherming van de kwaliteit van voedselproducten (etikettering; keurmerken voor streekproducten)
• herziening van de regels voor blauwtong
• begeleiden van het verdere debat over de bescherming van de bijenstand
• bespreken situatie in de Europese varkenshouderij
• agenderen van problemen met uitvoering Natura 2000 (mede op voorspraak van Nederland)
• opstellen van nieuw Europees waterbeleid, in het bijzonder een Europese strategie voor de Donau-regio



De Hongaarse landbouwminister: Sándor Fazekas

De jurist Sándor Fazekas (geboren 1963) is sinds medio vorig jaar minister van plattelandsontwikkeling in de centrumrechtse regering van premier Viktor Orbán.
Fazekas is net als Orbán lid van de rechtse Fidesz-partij, die bij de laatste verkiezingen van maart 2010 ruim tweederde van de stemmen vergaarde. Fazekas was toen de gezamenlijke kandidaat van Fidesz en de christen-democratische KDNP in de provincie Jász-Nagykun-Szolnok. Fazekas zat eerder twee termijnen in het parlement, tussen 1998 en 2002 en van 2006 tot 2010.
Voor hij minister werd was Fazekas jarenlang, van 1990 tot 2010, burgemeester van zijn geboorteplaats Karcag, een klein stadje ten zuidwesten van Debrecen, de stad waar eind mei de informele Landbouwraad wordt gehouden. Fazekas is getrouwd en heeft twee kinderen. Hij schijnt een fervent wielrenner te zijn.

Foto

Of registreer je om te kunnen reageren.