Home

Achtergrond 100 x bekeken

Landbouwbedrijf te groot voor vrijstelling meststoffenwet

Omdat een landbouwer 21 hectare grond in gebruik heeft is de vrijstelling voor kleine bedrijven niet van toepassing. De vrijstelling geldt alleen voor bedrijven met minder dan 3 hectare landbouwgrond.

Kort samengevat is de uitspraak van Hof Den Bosch de volgende:

Belanghebbende, X, exploiteert een gemengd landbouwbedrijf op ruim 21 hectare. Volgens opgave van het Bureau Heffingen van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit is er in 1998 mest afgeleverd op het bedrijf. De inspecteur van het Bureau Heffingen legt X naheffingsaanslagen bestemmingsheffingen, fosfaatheffing en stikstofheffing op telkens met verzuimboete.

Na bezwaar van X worden de naheffingsaanslagen en verzuimboeten verminderd. In de beroepsfase komt de inspecteur gedeeltelijk tegemoet aan het verzoek van X om de heffing op basis van verfijnde aangifte te herrekenen en dienovereenkomstig te verminderen.

X stelt dat hij in aanmerking komt voor een vrijstelling aangezien hij niet meer dan 2,5 grootvee-eenheden per hectare heeft gehouden op zijn bedrijf (zie artikel 38, eerste lid, onderdeel a, Meststoffenwet).

Hof ’s-Hertogenbosch oordeelt dat X te veel grond in gebruik heeft om voor de vrijstelling van artikel 38, eerste lid, onderdeel a, Meststoffenwet in aanmerking te komen. Deze vrijstelling geldt, zo blijkt uit de bijbehorende ministeriële regeling, namelijk alleen voor bedrijven met een maximale oppervlakte landbouwgrond van 3 hectare. Het bedrijf van X heeft 21 hectare grond. De inspecteur heeft volgens het hof de naheffingsaanslagen tot het juiste bedrag berekend.

Gelet op de ambtshalve vermindering van de aanslagen gedurende de beroepsprocedure, is het beroep van X wel gegrond. Nu de verzuimboete door de inspecteur al is vernietigd, is er voor toepassing van art. 6 EVRM geen reden meer.

Meer informatie: Hof 's-Hertogenbosch, MK I, 10 juni 2010, nummer 04/01532

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.