Home

Achtergrond 188 x bekeken

Kleine melkveehouderij tegen armoede

Door kleinschalige melkveehouderij meer competitief te maken kan armoede beter worden bestreden. Dat concludeert de wereldvoedselorganisatie FAO.

De vraag naar melk neemt jaarlijks wereldwijd met 15 miljoen ton toe, zo stelt de FAO. Deze groeiende vraag is vooral zichtbaar in ontwikkelingslanden. "Als deze groei wordt opgevangen door kleinschalige melkveebedrijven zorgt dat voor ongeveer 3 miljoen banen per jaar", legt Samuel Jutzi van de FAO uit. Het gaat dan alleen nog maar om extra werkgelegenheid in de primaire productie.

Naar schatting bevinden zich wereldwijd 150 miljoen kleinschalige melkveebedrijven. Zo’n 750 miljoen mensen zijn betrokken bij de productie van melk. Het merendeel van deze mensen woont in ontwikkelingslanden. Het gemiddelde koppel koeien bestaat wereldwijd uit twee koeien. De productie ligt op 11 liter melk per dag. Op de aardbol bevinden zich ongeveer zes miljard gebruikers van zuivelproducten.
Uit studie van de FAO in samenwerking met het International Farm Comparison Network blijkt dat kleinschalige melkveebedrijven tegen zeer concurrerende kostprijs kunnen produceren. Als deze kleine bedrijven zich verenigen, kan de concurrentie met grootschalige melkveebedrijven worden aangegaan.

De meeste kleine bedrijven behalen over het algemeen een hoog inkomen per liter melk. Doordat zij voornamelijk hun eigen diervoeders produceren, zijn ze niet afhankelijk van prijsstijgingen op de voedermarkt. Het doorontwikkelen van de melkveesector in ontwikkelingslanden heeft volgens de FAO de potentie om bij te dragen aan het bestrijden van armoede. Daarvoor moeten de kleine melkveebedrijven wel de toegang krijgen tot bijvoorbeeld microkredieten en informatie om hun bedrijfsvoering te verbeteren. Daarbij ondervinden de kleine melkveebedrijven volgens de FAO nu nog hinder van prijsondersteunende maatregelen die diverse westerse landen hebben genomen.

Of registreer je om te kunnen reageren.