Het gebruik van biochar op landbouwgrond vermindert de uitstoot van het broeikasgas lachgas en de uitspoeling van stikstof naar de ondergrond.
Dit effect treedt pas op als biochar langere tijd wordt gebruikt als bodemverbeteraar. Dat staat in een studie die is gepubliceerd in de Journal of Environmental Quality. De studie is uitgevoerd door een team onder leiding van de universiteit van Sydney en de Industry and Investment NSW, dat investeringen wil stimuleren in de Australische deelstaat New South Wales.
Biochar is de koolstof die overblijft als biomassa zuurstofloos wordt verbrandt. De onderzoekers hebben twee soorten biochar getest op twee verschillende grondsoorten. De testen werden uitgevoerd bij drie verschillende niveaus van neerslag.
Kort na het inwerken van de biochar in de grond zagen de onderzoekers in een aantal testopstellingen dat de uitspoeling van stikstof toenam, evenals de uitstoot van lachgas (N2O), dat net als CO2 wordt gezien als een gas dat de opwarming van de aarde bevordert.
Maar vier maanden na de toediening van biochar werden de positieve effecten zichtbaar. De onderzoekers concluderen dat biochar de uitstoot van lachgas maximaal 73 procent reduceert en de uitspoeling van stikstof maximaal 94 procent. Volgens de onderzoekers moet biochar eerst verouderen in de bodem voor het een positief effect heeft.
De biochar in het onderzoek was gemaakt van pluimveemest of van houtresten. Het onderzoek wordt voortgezet onder praktijkomstandigheden.