Home

Achtergrond 81 x bekeken

Varkenshouderij teert voor derde jaar op rij in

De varkenshouderij heeft over 2009 voor het derde achtereenvolgende jaar ingeteerd op het eigen vermogen.

Dat meldt landbouweconomisch instituut LEI in het Landbouw Economisch Bericht (LEB) dat vandaag is gepubliceerd.

Het LEI berekent voor varkensbedrijven een gemiddeld inkomen van 7.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid. Dat is ten opzichte van 2008 6.000 euro minder. De kostendekking van de varkensbedrijven is per saldo met 3 procentpunten gedaald tot 89 procent. De ontsparingen raamt het LEI op gemiddeld 25.000 euro per bedrijf.

Er is wel fors verschil tussen vermeerderings- en vleesvarkensbedrijven. Vermeerderingsbedrijven hadden dankzij de hogere biggenprijzen betere inkomens dan in 2008. De biggenprijzen waren 8 procent hoger. Dit resulteert er in dat de zeugenbedrijven over 2009 uitkomen op 48.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid. Dat is ten opzichte van 2008 een groei van 39.000 euro.

Diezelfde hoge biggenprijzen gecombineerd met 10 procent lagere varkensprijzen zorgden er voor dat de vleesvarkensbedrijven een fors lager inkomen hadden. Het landbouweconomisch instituut berekende voor vleesvarkensbedrijven over 2008 een negatief inkomen van 12.000 euro per onbetaalde arbeidsjaareenheid. Dat is een daling van 44.000 euro ten opzichte van 2008.

De gesloten bedrijven kwamen uit op 18.000 euro negatief; een daling van 17.000 euro ten opzichte van 2008. Vooral in het vierde
kwartaal had de varkenshouderij te maken met sterk dalende opbrengstprijzen.

In 2009 daalden de productiekosten van de hele landbouw. De intensieve veehouderij, dus ook de varkenshouderij, had veel profijt van de gedaalde voerkosten. Die waren over 2009 voor de varkenshouderij 18 procent lager.

De gegevens die het LEI berekent, zijn afkomstig uit het informatienet van het instituut. Dit is een netwerk van bedrijven waarvan het LEI door het jaar heen de bedrijfseconomische gegevens registreert.

Of registreer je om te kunnen reageren.