Home

Achtergrond 93 x bekeken 2 reacties

Ontwikkelingsgelden minder aan buitenlandse overheden overmaken

Ontwikkelingshulp moet meer terechtkomen bij ledenorganisaties zoals boerenorganisaties en coöperaties, zeggen Kees Blokland en Jur Schuurman van Agriterra.

Soms moet je lang wachten, wel twintig jaar zelfs, voordat je steun krijgt voor je ideeën. Voormalig premier Ruud Lubbers schrijft, in zijn Voorwoord bij Binnenste Buiten (Global Village Media, 2010), dat er een geleidelijk einde zou moeten komen aan de bilaterale ontwikkelingssamenwerking: de ontwikkelingshulp die rechtstreeks van overheid tot overheid gekanaliseerd wordt.

Eindelijk! Immers, wijzelf pleiten al jaren voor een kleiner bilateraal kanaal. Meer dan 60% van het Nederlandse budget voor ontwikkelingssamenwerking bestaat uit hulp die naar of via overheden loopt: de bilaterale en multilaterale hulp. Het particuliere kanaal is kleiner. Van het gehele Nederlandse budget komt slechts zo'n 1,2% terecht bij ledenorganisaties zoals boerenorganisaties en coöperaties.

Dat is jammer. Vaak is de overheid in een ontwikkelingsland in handen van een groep die haar eigen belang nastreeft boven het brede maatschappelijke belang of deelbelangen van armere bevolkingsgroepen. En dat blijft zo als er geen duidelijk tegenspel komt van maatschappelijke groeperingen die hun belangen verdedigen.

Neem ons eigen vakgebied: landbouwontwikkeling. Dat is te belangrijk om over te laten aan een ministerie van landbouw in land X. Alleen als de georganiseerde boeren en boerinnen meepraten en hun bedrijven kunnen uitbreiden komt er participatieve, duurzame en gespreide ontwikkeling. En je laat ze meepraten door meer hulp in hun richting te kanaliseren. Dan kunnen ze de rol spelen die ze ook in Nederland hebben veroverd, en waardoor we hier inmiddels een lange traditie hebben van ontwikkeling mét de sectoren en niet slechts vóór de sector.

De discussie over de kanaalkeuze lijkt ons dan ook een belangrijker onderwerp bij de kabinetsformatie dan de vraag of het budget voor ontwikkelingssamenwerking nu 0,8 of 0,4% van het BNP moet bedragen. Het is te hopen dat ook de (in)formateurs in Den Haag deze discussie serieus nemen bij hun verkenning van mogelijke coalities.

Kees Blokland en Jur Schuurman, directeur en adjunct-directeur van Agriterra, organisatie voor agrarische ontwikkelingssamenwerking

Administrator

Laatste reacties

  • no-profile-image

    A.G. Suurmond

    Eindelijk zijn er een paar verstandige mensen wakker geworden! Het allerbeste zou m.i. zijn studerende of afgestudeerde jonge mensen op dat vakgebied naar het te helpen land te sturen en de arme boeren of anderszins persoonlijke voorlichting en hulp te bieden. De overheid hoeft zich daar dan niet mee te bemoeien en er worden geen dure Mercedesen gekocht voor de hoge bazen i.p.v. daadwerkelijk hulp en opleidingen te bieden.
    Volhouden, dit is een goed begin!

  • no-profile-image

    D.A. Ruijne

    Hierbij een werkende link:
    www.farmersfightingpoverty.org

Of registreer je om te kunnen reageren.