Home

Achtergrond 196 x bekeken

Bouwkavel bedrijfswoning fokzeugenhouder niet belast

Begunstigend geworden beleid door staatssecretaris is te laat beëindigd.

Daarom is de overbrenging van een agrarisch bouwperceel door een fokzeugenhouder niet belast. Door de werking van het gelijkheidsbeginsel valt het voordeel onder de landbouwvrijstelling.

Kort samengevat is de uitspraak van het Hof Arnhem de volgende:

Naar het oordeel van het Hof heeft de Staatsecretaris een onredelijk lange termijn nodig gehad om zijn besluit tot beëindiging van het Beleid kenbaar te maken en een overgangsregeling te treffen. Het Beleid zoals dat na november 2004 door de Belastingdienst is voortgezet merkt het Hof aan als begunstigend beleid vanaf het moment dat de Staatssecretaris van de onjuistheid van zijn standpunt is gebleken, zijnde uiterlijk eind november 2004. De Inspecteur heeft geen argumenten aangedragen op grond waarvan moet worden geconcludeerd dat het begunstigende beleid op een later tijdstip is aangevangen. De werking van het begunstigende Beleid is niet enkel beperkt tot de ondernemers die de ondergrond van de woning aan het ondernemingsvermogen onttrekken. Vervolgens beantwoord het Hof de vraag of belanghebbende op dit begunstigende Beleid een beroep kan doen bevestigend. Belanghebbende maakt uit het Besluit op, dat de Staatssecretaris het onttrekken van de ondergrond van een bestaande woning aan het ondernemingsvermogen en het onttrekken van grond daaraan en daarna bouwen van een woning als gelijke gevallen ziet. De Inspecteur bestrijdt dat het gelijke gevallen zijn en merkt op dat het beleid van de Staatssecretaris altijd een onderscheid tussen beide gevallen heeft gemaakt. Naar het oordeel van het Hof wijkt het onttrekken van de ondergrond van een bestaande woning aan het ondernemingsvermogen niet dusdanig af van het onttrekken van cultuurgrond daaraan voor de bouw van een nieuwe woning, dat deze de ongelijke behandeling, waardoor de waardestijging van de WEVAB cultuurgrond naar de WEVAB ondergrond onbelast blijft, rechtvaardigt. Het feit dat bij de onttrekking van de ondergrond van een bestaande woning de waarde van de woning in de heffing wordt betrokken, terwijl bij een eerst onttrekken van de grond en daarna bouwen van een woning, de waardeverandering van die nieuw gebouwde woning buiten de heffing blijft, maakt dit niet anders, omdat dit verschil in behandeling samenhangt met de op de grond gebouwde woning en niet met de waardeverandering van de grond zelf. Belanghebbende kan derhalve met vrucht een beroep op het Beleid doen. Het verschil in waarde tussen de WEVAB cultuurgrond en de WEVAB ondergrond valt door de werking van het gelijkheidsbeginsel onder de landbouwvrijstelling.

Meer informatie:
LJN: BM9140, Gerechtshof Arnhem 1 juni 2010, nummers 08/00466 en 08/00467

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.