Home

Achtergrond 109 x bekeken 1 reactie

Wie maakt sector nu gezond?

Het faillissement van Weyl is het zoveelste voorbeeld van een onrendabele sector.

Het faillissement van runderslachterij Weyl Beef in Enschede vorige week is er een uit een lange reeks in de rundvleesverwerkende industrie. Zo ging in 1997 Wolff vlees in Twello failliet. Twee jaar later sloot de Groninger vleeshandel zijn deuren. In 2003 ging Brada’s Vleeschbedrijf in Leeuwarden failliet. En nu dus Weyl Beef. Het rijtje faillissementen toont dat de sector maar geen stevige, rendabele positie kan opbouwen. Al jaren is het balanceren op een koord van smalle marges, waarbij er voortdurend spelers afvallen.

Al in 1995 is geprobeerd wat aan die situatie te doen. Productschapvoorzitter Rob Tazelaar richtte toen de Stichting Sanering Runderslachterijen (SSR) op. Er waren te veel slachthaken en de SSR kocht het overschot op. Zo zijn tussen 1995 en 2000 de nodige slachterijen gestopt. Maar dat bleek niet voldoende, waardoor in 2000 de overgebleven slachterijen een tweede warme saneringsronde op probeerden te starten. Daar stak de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) toen echter een stokje voor. De teloorgang van Brada en Weyl is dus een koude in plaats van een warme sanering.

Het leek zo mooi, dat Weyl een hogere prijs betaalde voor slachtrunderen. Maar dat deed het vooral om handelaren aan zich te binden. Weyl betaalde namelijk heel traag uit, waardoor die handelaren de zaak voorfinancierden. De afgelopen jaren leek het ook zo mooi, al die runderslachterijen. Ze beconcurreerden elkaar op leven en dood, waardoor de slachtprijs opliep. Maar als de reeks faillissementen iets duidelijk maakt, is het wel dat het op korte termijn aardig is, maar op lange termijn niet. Boeren hebben baat bij stevige ketenpartners, niet bij bedrijven die voortdurend omvallen.

Het wordt tijd dat er een partij opstaat die ervoor zorgt dat de rundvleessector in Nederland structureel gezond wordt. Als de saneringsgolf van de voorbije jaren daartoe leidt, is dat goed voor de Nederlandse rundveehouder.

Foto

Rochus Kingmans

Eén reactie

  • no-profile-image

    boer 14

    Dit is toch hoe de westerse economie werk?
    De inkoop prijzen zijn te hoog of de opbrengst prijzen te laag, er gaat hier door een bedrijf failliet, en de inkoop kosten aan weer naar beneden of verkoop opbrengsten kunnen weer omhoog, en er wordt weer rendement gemaakt

Of registreer je om te kunnen reageren.