Home

Achtergrond 123 x bekeken

Onroerende zaken doorverkocht na bedrijfsoverdracht

De bedrijfsopvolgingsfaciliteit in de overdrachtsbelasting stelt de verkrijging van 'zakelijke' onroerende zaken vrij van overdrachtsbelasting (6 procent).

De vrijstelling is alleen van toepassing als de overgedragen onroerende zaken ook daadwerkelijk in de overgedragen onderneming worden gebruikt en in eigendom blijven. Als het van tevoren al vaststond dat de onroerende zaken zouden worden overgedragen dan mist de vrijstelling toepassing. Hof Leeuwarden beslist dat de vrijstelling toepassing mist omdat de onroerende zaken op korte termijn zijn doorverkocht aan het BBL en SBB.

Kort samengevat is de uitspraak van Hof Leeuwarden de volgende:

Belanghebbende (X) en zijn broer (B) zijn in 1991 een maatschap aangegaan. De onderneming - een melkveehouderij - is door de ouders van belanghebbende en B aan hen overgedragen. Hierbij zijn de grond en een aantal opstallen die bij de onderneming in gebruik zijn in eigendom gebleven bij de ouders. Per 1 januari 2001 gaan belanghebbende en B een maatschap (E) aan met vier verwanten. Op 5 april 2002 verkopen de ouders de grond en de opstallen aan belanghebbende en B. Belanghebbende en B claimen hierbij de vrijstelling van art. 15, eerste lid, onderdeel b, WBR. Zij verkopen deze onroerende zaken vervolgens aan het BBL en SBB. De inspecteur is van mening dat de vrijstelling overdrachtsbelasting niet van toepassing is omdat belanghebbende en B tijdens de verkrijging al wisten dat de onroerende zaken op korte termijn aan het BBL en SBB zouden worden vervreemd. Rechtbank Leeuwarden is het met de inspecteur eens.

Hof Leeuwarden overweegt dat de bedrijfsvoering van de door belanghebbende en B overgenomen onderneming op het moment van de verkrijging van de grond en opstallen door belanghebbende en B werd voortgezet door maatschap E. Vervolgens beslist het hof dat belanghebbende geen recht op de vrijstelling heeft omdat de onderneming op het moment van de verkrijging mede werd voorgezet door personen die buiten de voor de vrijstelling geldende familiekring vielen (de vier verwanten). Het hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

Meer informatie:
Hof Leeuwarden, MK II, 2 april 2010, nr. 09/00082

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.