Home

Achtergrond 99 x bekeken

Een derde werktijd is leertijd

Werknemers besteden gemiddeld 31 procent van hun betaalde werktijd aan activiteiten waar ze iets van opsteken.

Nieuwe vaardigheden die werknemers aanleren, doen ze voor 94 procent tijdens hun werk op en maar voor 6 procent tijdens cursussen en trainingen. Ondernemingen en instellingen besteden desondanks veel te weinig geld aan het investeren in 'learning by doing'.

Dat heeft Andries de Grip, hoogleraar scholing en arbeidsmarkt aan de Universiteit Maastricht, gezegd op een bijeenkomst van het Netwerk Sociale Innovatie (NSI). In het NSI zitten vertegenwoordigers van bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en wetenschappers.

De Grip noemt het ,,een slechte zaak'' dat er weinig geld beschikbaar is voor leren op de werkvloer. ,,In de huidige kenniseconomie is menselijk kapitaal cruciaal voor het concurrentievermogen van het bedrijfsleven en voor de slagkracht van de publieke sector.'' Nu uit cijfers blijkt dat werknemers niet zoveel voordeel hebben van vaak dure cursussen en trainingen, kan dat geld beter anders worden ingezet.

Bedrijven zouden plekken kunnen inrichten, waar mensen informeel met elkaar van gedachten kunnen wisselen. Werkgevers mogen van werknemers eisen dat zij zich nieuwe vaardigheden eigen maken, maar moeten dat ook van managers vragen. Zo moet die laatste groep zelf ook leren het eigen team voldoende ruimte te geven om het werk te verrichten. Ook moeten managers uitdagende taken aanbieden.

De Grip waarschuwt organisaties voor de heersende cultuur dat er vooral in jonge werknemers wordt geïnvesteerd. Oudere werknemers weten sinds kort dat zij langer moeten doorwerken en kunnen nog veel bijdragen. Bovendien zijn zij door hun ervaring misschien wel beter in staat om doelgerichte informatie op te nemen, aldus het NSI.

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.