Home

Achtergrond 331 x bekeken 18 reacties

Willem Treep: je product heeft betekenis, geef het die dan ook

Willem Treep zei samen met Drees Peter van den Bosch zijn baan bij Unilever op. Ze kenden elkaar door en door en wilden iets doen dat een verschil zou maken.

Het werd Willem & Drees. Ze brengen aardappels, groenten en fruit van boeren uit de buurt naar winkels in de buurt. Vers heeft de toekomst, terwijl de marketing van vers nog niet eens begonnen lijkt, dachten zij zo. Willem & Drees ging een klein jaar geleden van start en lijkt door te breken. Hun AGF ligt onder meer bij Jumbo en Super de Boer. Binnenkort breiden ze uit bij Spar en hopen ze 200 winkels aan hun huidige distributie toe te kunnen voegen. Treep, mijn twaalfde gesprekspartner in Waait of stormt het?, ziet kansen voor diversiteit en variatie. Het heeft wel consequenties. De tijd van produceren en 'ze komen het wel ophalen' is voorbij. 'Het moet allemaal kloppen en uit te leggen zijn.'

Waait of stormt het in boerenland?
Ik denk dat het stormt. De grote glastuinbouw, melkveehouders, varkensboeren en fruittelers moeten tegen zodanige lage prijzen produceren dat ze geen geld meer hebben om te investeren in de broodnodige marktvernieuwingen.
Je ziet dat er twee soorten boeren en tuinders zijn ontstaan. Grote mammoettankers en kleine zeilbootjes. Daartussen zit vrijwel niks meer. De goeie kleintjes zijn waarschijnlijk zo goed dat ze hun publiek wel vinden of andere manieren ontwikkelen om te kunnen boeren en leven. Maar het gaat nou juist om die groep daartussenin. Die kan zorgen voor een behoorlijk volume en voor de broodnodige diversificatie. We hoeven toch niet allemaal hetzelfde te eten?
De afgelopen jaren zijn veel kleine tuinders gesneuveld. Anderen zijn heel groot geworden en maken met z’n allen hetzelfde product in enorme volumes. Het is moeilijk geworden om nog middelgrote bedrijven te vinden die echt onderscheidende producten willen maken.

Wat bedoel je met 'onderscheidende producten'?
Ik vraag mensen wel eens hoeveel soorten cola ze kennen. Het spuit eruit. Coca Cola. Zero. Max. Light. Regular. Hero Cola. Raak Cola. Pepsi gewoon en light. Huismerk en 3 Es. Vervolgens vraag ik hoeveel soorten aardbeien ze kennen. Dan kennen ze aardbeien en aardbeien en aardbeien. Het verschil tussen lekkere en vieze is een kwestie van geluk hebben, maar niet van een herkenbare aardbei. Nou moet je weten dat je als retailer aan al die cola’s al lang niks meer verdient, maar aan die aardbeien wel. Hoe is het dus mogelijk dat er wel 20 soorten Cola in het schap staan, maar nog steeds alleen maar 'aardbeien'?
Erger nog, wijk je af van 'domweg aardbeien' dan wordt je door de veiling of handelsorganisaties gestraft. Ze willen geen variatie. Dat is dus net zoiets als vragen om een T-Ford, terwijl je Ferrari’s kunt krijgen. Zo zit het systeem op dit moment in elkaar. Da’s maf. We hebben telers nodig die verschillende variëteiten in enig volume kunnen produceren, maar nou ook weer niet zodanig veel dat de hele markt ermee overspoeld wordt. Dan is de lol er meteen weer af.

Willem & Drees werkt eraan om daar verandering in te brengen. Jullie dreigen door de huismerken heen te breken en voor het eerst een merk in groenten en fruit neer te zetten. Wat is jullie geheim?
Haha, als we dat wisten waren we hier misschien wel nooit aan begonnen. Toen we vorig jaar startten was de grote vraag of wat wij dachten ook echt zou werken als je het consumenten en retailers voorzet.
We dachten dat mensen het leuk zouden vinden om spullen uit de buurt te kopen. Niet alleen die ene keer per jaar dat ze zelf naar een boerderijwinkel, kersengaard of aspergeteler gaan, maar ook voor hun dagelijkse eten. Niet omdat ze genoeg hebben van de producten waarvan ze niet meer weten waar ze vandaan komen en wat er precies mee gebeurd is, maar wel omdat ze liever wat vaker spullen eten waarvan ze de herkomst en de teler kennen. Tot nu toe krijgen we gelijk. De resultaten en reacties geven ons, onze telers en de retailers met wie we werken en verder in gesprek zijn in ieder geval het gevoel dat we iets te pakken hebben dat de moeite waard is.
Ons geheim is niet zo’n geheim hoor, maar eerder de basis voor professionaliteit. We hebben een stel dingen gelukkig goed op orde. We hebben een flinke dosis ervaring in marketing en verkoop. Wij begrijpen de processen tussen leverancier en retailer. We hebben onze logistiek op orde en kunnen onze afspraken na komen, overal in Nederland waar we willen zijn. We hebben geen haast en kunnen rustig groeien zonder hijgende aandeelhouders met korte termijn rendementseisen in onze nek. We weten precies hoe we willen werken met onze zakenpartners en weten goed waar de kracht van onze formule zit.

Hoe willen jullie dan precies werken?
We gaan uit van zelfstandigheid in een keten waarin iedereen optimaal zijn ding doet. Wij geloven in het bouwen op wederzijds vertrouwen en wederzijdse afhankelijkheid.
Dat klinkt tegenstrijdig, maar dat is het niet. Mensen die zeggen dat ze onafhankelijk willen zijn, zijn het waarschijnlijk het minst. Iedereen is altijd afhankelijk. Wij zijn goed in marketing en besluiten zelf wat we willen en met wie, maar we zijn hartstikke afhankelijk van onze telers en retailers. De teler moet zijn stinkende best willen doen om ons een product te leveren waar zijn ziel en zaligheid vanaf te lezen is. Wij hebben geen verstand van teelt, maar kunnen wel vertellen waar consumenten en retailers voor zullen gaan, al zullen we ons wel eens in vergissen. De retailer moet in ons geloven en vinden dat wij iets toevoegen aan zijn assortiment. Maar iedereen is vrij om te beslissen wat hij met de ander wil en hoe hij dat wil. Dat is zelfstandigheid.

Als je als grote boer of tuinder focust op massa, heel veel investeert en zorgt dat je zelfstandig kan blijven bepalen aan wie je wel en niet levert, is dat een interessante ontwikkelroute. De vraag is hoeveel telers die route kunnen gaan. Uiteindelijk zie je dat in het grote massageweld er maar een paar grote conglomeraten overblijven. Wij stappen op basis van vrijwilligheid in een relatie en zorgen voor een onderscheid dat het hele netwerk om ons heen zelfstandiger maakt. Het woord exclusiviteit houden wij ver van ons: telers mogen, graag zelfs, ook aan andere partijen leveren. Willem&Drees wil ook niet afhankelijk worden van één klant. Dat maakt je te kwetsbaar en daardoor minder zelfstandig.

Wat hebben jullie te bieden aan boeren en tuinders en wat vragen jullie van hen?
Ruim driekwart van de groenten en fruit worden via supers verkocht. Het overgrote deel daarvan is allemaal hetzelfde anonieme aanbod. Wij zijn een mooie tussenoplossing voor een onderscheidend product. Neem nou Cox-appels. Vroeger een groot appelras. Er is nog maar 200 hectare van in Nederland. Daarom daalt de vraag want je kunt er niets eens meer een supermarktketen mee vol leggen terwijl het bovendien een onbekend ras aan het worden is. Wij willen ze daarom juist, omdat het een ander product is dat wij wel in kleinere volumes kunnen verkopen. We werken immers lokaal. Uit de buurt biedt het voordeel dat je als teler 30 tot 40 winkels hoeft te beleveren. Dat is veel overzichtelijker dan volumes produceren voor meer dan 200 winkels. Het product moet lekker en anders zijn. Een boer weet te vertellen wat hij er mee doet en waarom. Uit overtuiging en niet domweg omdat een teelt- of spuitschema dat vereist. Hij, of zij natuurlijk, moet zijn eigen keuzes maken en daar het optimale uit weten te halen.

Gaat een appel of spruitje daar lekkerder van smaken dan?
Er is zorg aan besteed en dat weet je als klant. Er zit overtuiging achter. Een anonieme appel, aardappel, aardbei, kool of spruit kan overal vandaan komen. Wij hebben bijvoorbeeld drie aardappeltelers. Een ervan is biologisch, de andere twee zijn gangbaar. Ze zijn alle drie overtuigd van hun eigen rassen, hun eigen grondsoort, hun eigen manier van telen en vinden hun eigen product het lekkerst. Dat werkt in alles door. Een mooi voorbeeld is onze koolteler Gerjan Snippe uit Zeewolde. Toen hij bij de Coop in Zeewolde voor het eerst geconfronteerd werd met bloemkolen met zijn naam erop, gebeurde er iets. Hij zag kolen met een zwart plekje. Dat kon niet, vond hij. Hij pakte de kist. Nam die op zijn nek. Reed naar huis en kwam met een nieuwe terug. Dat hadden ze bij de Coop nog nooit gezien. De klanten ook niet. Is het vermarketingde flauwekul? Nee. Het is echt en dat ziet iedereen. Deze teler geeft om zijn product. Dat is heel fysiek, tast- en traceerbaar. Duidelijker kan ik het niet maken. Het betekent iets voor onze klanten, zowel de retailers als de consumenten. Als je ’s avonds aan tafel zit en je proeft of de aardappels van Verweij uit Leusden lekker zijn, dan gaat die smaak iets betekenen. Gewone aardappels – zelfs al komen ze van Verweij, maar weet je dat niet – hebben dat effect niet. Die eet je. Met die andere heb je wat.

Kan dit ook werken voor grote boeren?
De koolteler die ik je daar noem heeft 200 hectare.

Schitterend. Maar Nederland maakt groenten voor de hele Noord-West Europese delta. Lukt onze boer en tuinder dit ook in, zeg, Lille, Essen, Londen of Hamburg?
Je moet een journalistieke wet als uitgangspunt nemen. Het aantal doden gedeeld door het aantal kilometers is de interesse die mensen hebben. Het is heel goed uit te leggen dat je kool van hier eet en dat je weet waar die groeit zodat je er langs kunt. Sterker nog, het is niet uit leggen dat je hier kool uit Lille eet en daar van hier. Waarschijnlijker hebben mensen zelfs liever boontjes uit de polder die bespoten zijn, dan biologische van ver weg zonder identiteit.
Je moet dus altijd uit kunnen leggen waarom je product logisch is en wat je ermee doet om het zo goed mogelijk te krijgen. De teler moet te vinden zijn en staan voor zijn product. Dat kan zelfs met een bloemkool van John McGonnagle uit Nieuw-Zeeland, al blijft het raar dat die voor 2.99 naast de onze uit Zeewolde ligt voor 2,69. Identiteit is één ding. Of je uit kunt leggen, waarom het er ligt is een ander ding. Een varken gevoerd met truffels is zo bijzonder, dat je het natuurlijk over de hele wereld kunt verkopen en bijzonder kunt laten zijn.
Dus als je nou eens begon om het aanbod te lokaliseren. Letterlijk. Zo ontbulk je het aanbod, zonder dat je het product wezenlijk hoeft te veranderen of daar heel rare dingen mee uit hoeft te halen om het hip of 'onderscheidend' te maken.

Is dat alles dan?
Nee. Je moet precies kunnen uitleggen wat je doet en waarom. En je moet staan voor je product, zoals onze koolteler Snippe. Je naam is de garantie dat je er niet mee rotzooit en zorgt dat je het allerbeste product maakt dat je kunt.

Wat bedoel je met 'kunnen uitleggen'?
Voorbeeld. Een spruitje is een spruitje. Hij komt ergens vandaan, maar je weet niet waarvandaan. Je weet ook niet wat er mee is gebeurd. Het is een groen bolletje in een netje. Er zit een wereld van onbekendheid tussen jou en van waaruit dat netje opduikt. Het is er. Is het bespoten? Houdt de teler wel van spruiten? Spuit hij als een gek of heel beheerst? Je weet er helemaal niks van, terwijl het heel simpel is: een spruit moet gezond, vers en lekker zijn. Toch hebben we het heel ingewikkeld gemaakt. Met infraroodcamera’s worden ze 6 keer gefotografeerd op plekjes. De maat wordt genomen. Wij willen alleen kleintjes. De rest gaat naar het buitenland. Niemand weet waarom, maar nu is het zo.
Onze spruitenteler bedacht op advies van zijn neef in Amerika om het anders te doen. Geen losse spuiten, maar 'spruiten op stam'. De teler zorgt zelf, met zijn naam en toenaam, voor de beste kwaliteit. Als je spruiten op stam gaat oogsten, moet je dus hele goede stammen oogsten, want er zal een plekje op één van de spruiten op de stam zitten. En ze zijn verschillend in grootte: onder groter dan boven. Het is geen spruit meer, maar een spruitstam van Sjaak Verhaar. Sjaak is trots op zijn spruitstam en hij wil dat deze goed in de winkels gepresenteerd wordt. De spruit krijgt weer betekenis. Voor de teler, voor ons en voor de consument. Dat maakt een wereld van verschil.
Daar komt nog wat bij. Als je in de buurt allerlei variatie in aardbeien, appels, spruiten en komkommers kunt bieden, dan is het niet te verkopen dat je een 13 in een dozijn product van ver in je winkel hebt liggen. Dat wil je als klant niet begrijpen. Alles moet kloppen. Het is onze taak om ons assortiment ‘kloppend’ te houden en te zorgen dat telers producten maken die erbij passen. Zij moeten ze maken en er helemaal hun ding van maken. Wij kunnen hen daarbij helpen met ideeën. Omgekeerd geldt hetzelfde. Het is een perfecte symbiose waarin we producten menselijke maat en betekenis proberen te geven. Wij zien dat er een groeiende groep consumenten is die daar behoefte aan heeft

Jullie zijn 'een beetje duurder'. Hoeveel en betalen consumenten die meerprijs?
We zijn niet altijd duurder. Onze appels zijn 1,99 per kilo en de aardappels zijn 1,99 voor 2 kilo. We betalen de boer de prijs die hij nodig heeft. Dat hoort bij onze formule van kunnen uitleggen wat we doen. Consumenten blijken dat prima te begrijpen. Wij zien dat consumenten producten uit de buurt als verser ervaren en merken dat mensen die eenmaal 'uit de buurt' eten, uit de buurt blijven eten. Je ziet een transformatie van massa naar menselijke verbondenheid.

Foto

Laatste reacties

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Ik wijk deze week af van de routine. Soms moet je het spelen op zien komen. Vanmorgen interviewde ik als laatste in deze serie demissionair minister van Landbouw Gerda Verburg. Afhankelijk van dat interview wilde ik besluiten of ik voor deze week al mijn analyse van alle interviews zou laten verschijnen. Omdat ik de visie van de minister graag meeneem als onderdeel van mijn analyse, heb ik besloten nu eerst zo snel mogelijk het laatste interview uit te werken. Maandag a.s. volgt dan mijn analyse van de totale reeks.

  • no-profile-image

    erik

    hey Josien, ik zit helaas niet op twitter, en heb zo ook geen id hoe het werkt :-) en je zegt "hebben we" wie zijn we?
    Ik vindt het commentaar van Dick, "Is het ster varken niet de bulk van morgen" wel een balangrijke. Want om meerwaarde te creeren heb je wel een bulk nodig, maar die bulk moet niet onder de zelfde omstandigheden worden gemaakt als een niche. wanneer de bulk in de ogen van de consument een betere verhouding wordt tussen prijs en kwaliteit zal de keuze daar weer op vallen. Dick heeft gelijk dat regionaal altijd regionaal zal blijven, je kan idd langs de koeien of koolvelden van je avondeten of ontbijt fietsen. maar feit blijft dat als je de gehele sector bekijkt, wij zeer afhankelijk zijn van de internationale markt, en dan vooral de europese markt. van alle zuivel die in nederland wordt geproduceerd wordt maar een fractie hier ook geconsumeerd, een merk als leerdammer zet bijna alle producten af in het buitenland. het blijft dus een kleine niche die niet voor de sector een oplossing kan bieden. En wat paul zegt kan ik mij goed voorstellen, we hebben al in een zeer goede verwerking geinversteerd, en met 100 melkkoeien of meer per man heb je niet veel tijd over. ik heb ook een aantal commentaren gelezen van zelf zuivelende melkveehouders, en behoudens enkele, geven ze allemaal aan het heel leuk te vinden omdat ze in contact komen met de klant en de omgeving enz. maar dat er financieel niet veel voordeel in zit vooral gezien de tijd die erin gaat zitten.

  • no-profile-image

    Han

    Wat W&D doen met groente en fruit, is een aanzet tot een andere benadering van de thuis markt. Waarom is hier geen oplossing in deze richting voor Vlees, Zuivel etc.? Zijn de eventuele wettelijke regels van dien aard, dat ze niet zijn aan te passen aan de nieuwe afzet? Met de juiste >SMOES< zal progressief Den Haag graag meegaan in een nieuwe denkwijze, die wars is van Kapitalisme, die het platteland weer leuk, knuffelbaar maakt voor hun Grachtengordel kiezers.
    Denk ook aan het nieuwe hagse probleem, >leegloop van het platteland<, creeren we dus nieuwe werkgelegenheid door splitsing van bv Zuivelreuzen in reusjes. Kan allemaal onder moeders vleugels, om onderlinge concurentie uit te sluiten als boeren daar bang voor zijn (misschien niet onterecht).
    Ik denk dat we het met elkaar eens zijn >zo het nu gaat, gaat het niet goed<.

  • no-profile-image

    erik

    ik weet het niet dick. maar ik vraag me af of we als we weer kleine fabriekjes op gaan zetten niet onze eigen concurent worden. en of we werkelijk zoveel meer voor de melk kunnen vangen dat deze hoge investeringen terug verdiend kunnen worden, destijds werden de kleine fabriekjes gesloten omdat ze niet opkonden tegen de grotere. de voorbeelden die genoemd zijn hebben als voordeel dat het geen enkele investering vraagt, als het niet gaat is het jammer en lever je gewoon weer via de standaard kanalen. zeer beperkt risico dus. als ik zie dat deen supermarkten het hier heel goed doen met westfries brood, wat gewoon bij de giga grote bakkerij verderop wegkomt maar in een mooie zak zit en iets ander van recept is. moet dat toch ook met zuivel kunnen. het gaat toch ook niet juist om streek, het gaat er volgens mij om dat de consument kan zien waar het vandaan komt. en dat de producten puur zijn, in de zin van zo min mogelijk tussenhandel en bewerkingen. dat is net als jij zegt met die karnemelk. maar dat kan campina toch ook maken, met de goede communicatie/marketing er om heen. alleen denk ik dat het bestuur van campina het kleine denken voorbij is, ze denken alleen in massa en wereldmarkt. ze vergeten de regionale markten.

  • no-profile-image

    Paul Jansen

    Dick, die Kempervarkensman zie ik in een samenwerkingsverband in het stervarken. Voldoende omvang om tegen lage kosten iets extra's in de markt te zetten. Daar kun je door de omvang het predicaat bulk aan hangen maar de definitie bulk is niet per definitie slechte kwaliteit. In het sterconcept kan er op wens van retail, consument of verwerker gewerkt worden aan kwaliteitsuitbouw. Retail is in deze zeer belangrijk want zij hebben de feeling met de consumentenmarkt. Veevoerindustrie leunt achterover en gaat net als nu alleen produceren op bestelling. Die situatie zou voor boeren en tuinders eveneens ideaal zijn. Willem en Drees halen de kraampjes die langs de weg staan in de super waar de consumenten komen. Nogmaals, prima concept maar zeer beperkte markt en gezien de relatieve eenvoud van de producten gemakkelijk na te apen. ===== Josien, continentale landbouw klinkt beter als een hek om Europa. Continentale landbouw is toepasbaar op ieder continent. Als er door beleidsmakers serieus nagedacht wordt hoe er op dit moment met kunst en vliegwerk, lees subsidies, inkomenstoeslagen, heffingen en hap-snap argumenten om grenzen te sluiten, markten beschermd worden is een alternatief systeem een grote vooruitgang. ===Mocht je het redden om ontheffing te krijgen voor locaal slachten is de schaal te klein om de kosten te compenseren. Zeker in NL maar misschien ligt dit in andere landen gunstiger. === Ik Twitter niet maar is het beperkt aantal tekens dat je kunt gebruiken geen handicap om iets duidelijk te maken?

  • no-profile-image

    josien kapma

    Paul, Je zegt: retail heeft de voeling met de consumentenmarkt. Hoe zie je de rol van Internet? Ineens kunnen we miljoenen conversaties en overpeinzingen 'afluisteren' die voorheen niet toegankelijk waren. We kunnen zélf ook veel meer voeling met de consument ontwikkelen. =========
    Ik zie steeds meer in continentale landbouw, mede dankzij jouw consistente verdediging ervan, met goede argumenten. Maar twee bezwaren kan ik maar niet opgelost krijgen: 1. kunnen we derde landen de toegang tot 'onze' koopkrachtige afzetmarkten ontzeggen? Met welk recht? 2. Hoe past dat in geopolitieke afspraken? We krijgen dit de eerstvolgende 25 jaar gewoon niet voorelkaar.
    Dus dan maar eens verkennen wat de voordelen van het huidige politieke beleid zijn...

    =======
    Over Twitter: doordat je kort móet zijn, kom je tot de kern. doordat je tegelijkertijd in dialoog bent, kun je wat 'scherper' zijn dan in a-synchrone discussies. Je krijgt weerwoord!
    En: het is een aanvulling op, zeker geen vervanging van andere discussies, online en in-real-life.
    Je kunt het ook volgen als je zelf niet twittert, lees hier meer: http://guusnet.wordpress.com

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Erik, zou dat geloofwaardig zijn? Zo'n streekproduct van Campina. Dat er kwaliteit van Campina kan komen staat buiten kijf. Cono kan het ook. Maar komt wat jij in hun kaas stopt er ook weer uit? Het is het verschil tussen betekenis en gewoon boter. Zelfs al zit jij samen met een Limburgse boer in die - overigens prima - Grasboter van Campina. Waar blijft de echte karnemelk van die boter eigenlijk? Een superonderscheidend product. Ik meen dat er één fabriek - in het Oosten van het land, eigenlijk zo eentje als waar we het hier over hebben - is die echte karnemelk in enig volume maakt. Mocht je het gaan vragen: zou Campina er misschien in moeten investeren? Ik denk het wel. Denk ik dat het goed zou gaan? Nee. Waarom niet? Het vergt echt, dwz pionierend ondernemerschap.

  • no-profile-image

    josien kapma

    "we" is heel open; iedereen kan erbij horen. Dit onderwerp is gekozen in overleg met Dick, en zowel hij als Willem Treep zitten ook op Twitter, hopelijk komen ze 'langs'. Het verschil met hier discussiëren is dat je bij Twitter allemaal tegelijkertijd achter de computer zit: het is dus kort, en 'snel-heen-en-weer'. Als je nog niet Twittert kun je toch de stroom meelezen, lees hier hoe het werkt: http://guusnet.wordpress.com/

  • no-profile-image

    erik

    hey dick, dit is eigenlijk precies wat ik in het laatste commentaar bij het vorige interview bedoelde, wat een mooi initiatief. echt precies wat ik in mn hoofd heb. heb ik alleen een vraag, hoe pakken ze dit aan met zuivel? melk is geen eindproduct, en dus niet rechtstreeks in de winkel te leggen. moeten we alle regionale zuivelfabriekjes weer openen? ik vindt boeren een pracht van een beroep, maar verwerking op de boerderij is niet mijn ding. en gezien de schaalgrote die zij nastreven ook niet toereikend.

  • no-profile-image

    Huib Rijk

    Ik ben benieuwd hoe Willem & Drees zich gaat ontwikkelen in de toekomst. Het is een heel sympathiek bedrijf. Als het grootschaliger wordt leidt dit tot andersoortige effecten. Het is de kunst om dan de eigen identiteit te bewaren. Verder is het zo dat zowel de consumenten als de producenten nieuwsgierig zijn waar hun product naar toe gaat/vandaan komt. Dat is altijd bevredigender dan een anoniem product.

  • no-profile-image

    erik

    excuses, ik had je reactie nog niet gelezen in het andere interview. je visie is duidelijk. maar als ik het goed begrijp pleit je er dus voor dat we campina opheffen en ongeveer 30 jaar terug gaan in de tijd. beetje jammer bij ons is de oude zuivelfabriek op het dorp al in beslag genomen. Ik blijf erbij, dat het een zeer goed id is wat de mannen in dit intervieuw laten zien, maar is dit niet via de (efficiente lijnen) die er al liggen in te vullen. campina zou bijvoorbeeld ook streekproducten kunnen gaan maken. zoals ze nu doen met noord-hollandse kaas. hoe groot is "de omgeving" is dat de provincie, gemeente of het dorp? kunnen deze mensen niet ipv met melkveehouders een deal met campina sluiten, of met leerdammer(waar wij aan leveren) om een deel van de productie als streekproduct te gaan leveren. het zal enige aanpassing in de productie vergen, maar ik vraag me af of allemaal kleine nieuwe fabriekjes neerzetten onder de huidige regelgeving niet een erg grote investering is. terwijl we juist geinvesteerd hebben in een reus als campina, dat geld zit er toch al in.

  • no-profile-image

    Paul Jansen

    Nu lees ik dat varkensboer Paul maar beter zelf kan gaan slachten en een bijzonder product in de markt kan zetten. Laat boer Paul nu al heel lang geleden dat idee al eens bedacht hebben en met zijn nieuwsgierigheid documentatie heeft aangevraagd bij de wet en regelgever. Even afgezien van het feit of je die bijzondere producten kunt slijten is het als producerend boer in context met verwerking een schier hopeloze zaak. Slachten op locatie is verboden, agrarisch gebied geen industrie, dus op transport valt niet te bezuinigen. Buiten transport zul je met een tweede partij aan de slag moeten om dit te realiseren. Ga kosten, baten en de extra arbeid die je of uit moet besteden of personeel voor in dienst moet nemen meerekenen wordt de spoeling dun. Talloze regeltjes. Vierkantsverwaarding van het hele dier is niet te onderschatten. Martin Houben is er mee gestopt. Ik begin er niet eens aan. Kemper kippen is geen kippenboer, Willem en drees zijn geen tuinder. Een boer of tuinder is goed als boer of tuinder en moet voor zijn of haar basisproduct zorg dragen. Anders stoot je met de kont om wat je met je handen probeert op te bouwen. Dan liever het sterconcept met VION en AH waar de vraag naar iets bijzonders van bovenaf komt. Gebruik van bestaande kanalen. Bij Willem en Drees ligt het eenvoudiger omdat er nauwelijks eisen aan transport en helemaal geen aan verwerking van het basisproduct ligt. Kistenschuiven in de regio met de betrokkenheid van de regionale tuinder. Hele goede niche-markt, houdt het zo.

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Paul, nou komen we tot de kern. Waarom zouden lage kosten en voldoende volume 'bulk' - zonder identiteit of eigen betekenis - zijn? Ik denk dat dat een vorm van denken in onterechte tegenstellingen is.
    Stel dat je die twee gelijk op zou kunnen laten gaan. Ik meen dat Willem Treep het in een van de verschillende modulaties die ik in het interview opnam ook zo zegt: je hebt volume nodig. Als identiteit nou 'ns gewoon werd en overal voldoende eigen volume krijgt. Moet het dan duurder zijn dan 'bulk'? Zelfs in hun bescheiden huidige omvang zijn de heren in - het door zijn aard inderdaad al kant-en-klare - AGF al niet altijd duurder meer.

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Erik, ik gaf je daar een antwoord dat inderdaad in die richting ging: "Je product heeft identiteit. Dus laat het die ook houden. " Dat zegt Willem Treep, van Willem&Drees, in het volgende interview dat vanmiddag online gaat. Hij zegt nog iets: 20 soorten Cola en maar 1 aardbei. Da's maf, want aan die Cola verdient de super niks, terwijl hij aan vers goed verdient en weet dat meer keuze ook in vers tot meer verkopen leidt. En nou melk natuurlijk. Tsja, die is wit. Maar de jouwe komt van jouw koeien en daar kun je langsfietsen. Waar is trouwens een fatsoenlijke Nederlandse Boerenkwark? Waar is de 'single malt' melk van die en die weide met zus-en-zo grasmat ipv de tot een altijd hetzelfde eerst gescheiden en dan weer geblend goedje? Tijd voor een kleiner melkfabriekje dat de buurt (ook de supers in de buurt dus) belevert? Je bent niet meer te kopieren want jij zit in de buurt. Je Limburgse of Zeeuwse collega zit in zijn eigen buurt."
    Dat is meteen een heel korte samenvatting. Treep en Van den Bosch zijn verstandige heren en dus begonnen met een product dat kant-en-klaar van de plant, boom of struik komt. Als het gaat werken zou ik als ik jou en een stel van je collega's in de buurt inderdaad eens zo gaan denken. Ik heb begrepen dat een melkfabriekje met 20.000 liter per dag rendabel te krijgen is. Als je zulke jonge kaasproducten gaat maken (=makkelijker dan kaas), ben ik je man. Ik kan me voor varkensboer Paul uit het andere lijntje ook zoiets voorstellen: een eigen slachterij en eigen vleeswaarlijnen. Vleeswaar in Nederland is makkelijk te verslaan. Drie lokale fabrieken kunnen niet uit. Gelukkig heeft die ene die er dan wel staat de plicht om echt beter te zijn dan 'de vleeswaarcentrale'. Eerst moet je zoeken naar de experimenten: hoe kun je kijken of dit lukt zonder het al te groot te maken?
    Gelukkig doen W&D al hun ding. Een belangrijke graadmeter.

  • no-profile-image

    Paul Jansen

    Dick, het sterconcept, het opnieuw uitvinden van varkenshouderijsystemen van 40 jaar terug voordat we dachten dat het allemaal professioneler moest, is met zachte dwang van Gerda Verburg, ze doet ook in goede dingen, door AH en VION(LTO) opgepikt. Jumbo Bewust is als grondlegger al langer bezig. Dierenbescherming als eiser aan de kant van welzijnsmaatregelen krijgt haar ster op de verpakking en fungeert als waakhond. Ik zie in dit concept AH als opdrachtgever voor een tussensegment varkensvlees. Zij bepalen mede daardoor hoe dit product in het schap ligt en mijn print hoeft daar niet op. Ik neem genoegen met een deelnemerstatus. Wat is het aanbod en zijn de prijzen van Willem en Drees? ==== Josien, internet is een geweldig medium maar in relatie tot koopgedrag van consumenten zeer beperkt. Zie alleen al het beperkt aantal mensen die zich daadwerkelijk met discussies bemoeien. Vele zullen het wel lezen, ter kennisgeving aannemen, en vervolgens daarmee doorgaan wat ze al doen. ==== Antwoord vraag 1: derde landen, ontwikkelingslanden buiten Europa bedoel je? Als continentale landbouw toegepast wordt betekent dit dat die landen hun eigen landbouweconomie op kunnen bouwen zonder inmenging van buitenaf. Die inmenging bestaat nu uit het roven van goedkope grondstoffen en dumpen van overschotten. Dat dumpen hoeft maar een paar procent te zijn om regionale markten te verstoren. Wie profiteren van koopkrachtige afzetmarkten, lokale bevolking of multinationals? Vraag 2: tsja, 25 jaar? Een mening over het beter verdelen van economisch evenwicht kun je wel hebben maar speculeren over de collaps van het huidige systeem, ik herinner er nog maar eens aan, het is een systeemfout, is gewaagd. Het feit dat de hele wereld hier in betrokken is moet leiders kneedbaar maken. Nu nog leiders vinden, simpel toch?

  • no-profile-image

    dick veerman - foodlog.nl

    Paul, Livar doet het en zet door. Al kost het Frans de Rond en zijn mannen de nodige kruim. Maar stel je voor dat er een Kempervarkensman kwam. Zou dat wat zijn? Je hoeft niet alles zelf te doen. Voer is belangrijk. Waarom zou een voerproducent geen financier willen zijn? Misschien wel samen met een grootslachter die weet dat hij er niet in moet gaan zitten, maar iets nieuws buiten zichzelf moet opzetten wil zijn cultuur het niet meteen vermoorden. Tot slot een vraag: heeft een 1-ster varken betekenis/identiteit of is het de bulk van morgen?

  • no-profile-image

    josien kapma

    Paul, ik begrijp je precies want we maakten hetzelfde proces door. In 10 jaar tijd is het qua hygiene regels ongelooflijk meer complex geworden om zelf iets aan verwerking te doen. Maar wat doet jou denken dat een hek om europa wel te regelen is en een ontheffing voor slachten op lokatie niet?
    ============
    Erik, ik zag een twitterbericht van @hookwood, een melkveehouder. De grasboter van Campina is in de aanbieding. Heb jij gras gezien?
    ===========
    Dáárom kunnen de mensen die dicht bij de betekenis staan het wel, en de grote verwerkers niet.
    Doordat marketing veel goedkoper kan komt het nu binnen bereik.
    ===========
    Maar ik ben wel weer met Paul eens dat het een paar handige jongens of meisjes vraagt, die het regelen. (Maar hoorde ik dat nou goed: Dick is je man als het om jonge kaas / kwark produkten gaat..?)
    ===========
    Overigens voor wie hierover wil doorpraten en bekend is met Twitter: dinsdagavond om 21.30 hebben we een Twitterchat hierover. Een twitterchat is korte berichten uitwisselen en direcht antwoord krijgen van andere deelnemers. Erik, ik wil een aantal van jouw vragen inbrengen. Lees hier meer: http://www.bit.ly/bo3zWG

  • no-profile-image

    josien kapma

    Het interview was een prachtige aanleiding om de visie van Willem&Drees te benutten om met heel verschillendsoortige mensen te peinzen over boeren en marketing. Of nee, kwetteren en tetteren, tijdens onze twitter chat. Best aardig.

    Kwam ook nog wel wat uit. Wellicht voor herhaling vatbaar. Hier een verslagje. En ja, de deelnemers zien mogelijkheden voor zuivel...
    http://bit.ly/blBhTw

Laad alle reacties (14)

Of registreer je om te kunnen reageren.