Home

Achtergrond 251 x bekeken

'Terugwerkende kracht van overeenkomst tot aangaan van personenvennootschap'

De staatssecretaris heeft het beleid opnieuw vastgesteld over het verlenen van terugwerkende kracht aan een personenvennootschapsovereenkomst en over het moment waarop een commandiet ondernemer wordt als deze het beheersverbod overtreedt. Hieronder zijn de belangrijkste onderdelen van het besluit opgenomen.

Nieuw besluit terugwerkende kracht aangaan personenvennootschap en ondernemerschap commanditaire vennoot

De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 12 februari 1997, nr. 31 394, bepaald dat als uitgangspunt geldt dat vóór het aangaan van een maatschaps- of vennootschapsovereenkomst tussen echtgenoten geen rekening dient te worden gehouden met de gevolgen van de overeenkomst. De Hoge Raad overwoog dat een uitzondering moet worden gemaakt voor de situatie waarin "een overeengekomen terugwerkende kracht op zakelijke gronden berust”.

Goedkeuring
Om praktische redenen keur ik daarom onder voorwaarden goed dat aan een schriftelijke personenvennootschapsovereenkomst waarin een terugwerkende kracht is overeengekomen, een terugwerkende kracht van maximaal negen maanden wordt toegekend. Ook voor de toepassing van de ondernemingsfaciliteiten wordt dan rekening gehouden met de terugwerkende kracht. Deze goedkeuring strekt zich mede uit tot overeenkomsten tussen anderen dan echtgenoten.

Voorwaarden
• De overeenkomst kan niet verder terugwerken dan daarin is overeengekomen en evenmin verder dan tot het begin van het kalenderjaar waarin die overeenkomst tot stand is gekomen.
• De terugwerkende kracht is niet gericht op incidenteel fiscaal voordeel. • Indien de winst overeenkomstig artikel 3.66 van de Wet IB 2001 mag worden bepaald over een niet met het kalenderjaar samenvallend boekjaar, treedt het boekjaar in de plaats van het kalenderjaar.

Aansprakelijkheid voor verbintenissen van vóór de overtreding van het beheersverbod; ondernemerschap met terugwerkende kracht?

Het met succes inroepen van artikel 21 WvK brengt mee dat de commandiet ook hoofdelijk aansprakelijk kan worden gesteld voor schulden die zijn ontstaan vóór het moment waarop de overtreding van het beheersverbod heeft plaatsgevonden. In het geval dit daadwerkelijk gebeurt is een dergelijke commandiet niet vanaf de (eerdere) datum waarop een dergelijke schuld is ontstaan, aan te merken als ondernemer voor de toepassing van de Wet IB 2001. Hij wordt weliswaar, als het ware met terugwerkende kracht, verbonden voor de verbintenissen die voortvloeien uit de schuld (de overeenkomst), maar pas vanaf het moment waarop de overtreding van het beheersverbod heeft plaatsgevonden kan sprake zijn van ondernemerschap. Vanaf dat moment wordt de commandiet verbonden voor verbintenissen van de onderneming in de zin van artikel 3.4 Wet IB 2001. Dat artikel 21 WvK aansprakelijkheid kan meebrengen voor verbintenissen die eerder – vóór de datum waarop het beheersverbod is overtreden - zijn ontstaan, is in deze niet relevant.’.

Meer informatie:
Besluit van 6 februari 2010, nr. DGB2010/671M, Staatscourant 2010, 2094

Administrator

Of registreer je om te kunnen reageren.